Uitzoeken vleesvarkens belangrijker dan ooit

Foto: Van Assendelft
Vleesvarkenshouders Van den Elzen, Boekhorst en Deckers vertellen hoe zij te werk gaan bij het afleveren van hun slachtrijpe dieren.Varkens rechtstreeks uit het hok afleveren is nog altijd een veel gehanteerde werkwijze in de vleesvarkenshouderij. Dat zegt Eelco van de Hoef, Hoofd Innovatie en productmanager Varkensvoeders bij AgruniekRijnvallei. “Op sommige bedrijven wordt met grote laadgangen gewerkt. Varkens worden daar klaargelegd, om het laadproces te versnellen. Maar het zijn vooral de grotere bedrijven waar op die manier wordt gewerkt.”Met de opkomst van vleesvarkensconcepten en verschillende uitbetalingsmodellen is het uitzoeken van vleesvarkens belangrijker dan ooit tevoren, zegt Van de Hoef. “Een goede boer zoekt zelf zijn varkens uit. Voor het hoogste rendement is het zaak je werkwijze aan te laten sluiten op de leveringsvoorwaarden van het concept.” Bij smalle bandbreedtes voor gewichtskortingen (en in tijden van een normale afzet) is het volgens hem raadzaam om vaker te wegen. “Varkens wegen is tijdrovend. Maar bij twijfel loont het, zeker als je net veranderingen hebt doorgevoerd in je bedrijfsvoering. Berenkortingen kunnen hoog oplopen. Door gebruik te maken van AgriSyst SlachtMonitor hebben boeren tegenwoordig daags na het afleveren meteen al inzage in de opbrengstverschillen tussen gewichtstrajecten.” Lees verder onder de foto‘s.Peet-Jan van den Elzen (51) heeft samen met zijn vrouw Suzanne een vleesvarkensbedrijf in Venhorst. Bij het bedrijf hoort een kleine akkerbouwtak (10 hectare). Van den Elzen is aangesloten bij het collectief EigeZwijns, dat bestaat uit vijf varkenshouders die streven naar een zo laag mogelijke CO2-footprint. Het bedrijf telt 7.500 vleesvarkens, 850 gram gemiddelde groei per dag. De voederconversie bedraagt 2,30. - Foto: Van Assendelft‘Varkens rechtstreeks uit de stal afleveren’Vleesvarkenshouder Peet-Jan van den Elzen heeft twee laadplaatsen op zijn bedrijf. De varkens worden rechtstreeks uit de stal geladen.
Peet-Jan van den Elzen werkt al enige jaren volgens een standaard werkwijze met vaste tijden. “Ik zet de arbeid op het bedrijf grotendeels in m’n eentje rond, zonder vaste medewerker. Met terugkerende wekelijkse arbeidspieken weet ik precies wanneer ik extra hulp moet inzetten.”
De vleesvarkenshouder levert iedere donderdagavond 400 tot 500 varkens af. De dieren worden altijd tussen 22.00 en 01.00 uur geladen. De varkens worden geslacht bij Vion in Boxtel. Op zaterdag worden de lege afdelingen schoongespoten door een inhuurkracht. Iedere dinsdag krijgt Van den Elzen weer nieuwe biggen (TN70 x Tempo).
Centrale laadplaats
De varkens worden rechtstreeks uit de stal geladen. Van den Elzen dirigeert de dieren samen met een ingehuurde arbeidskracht via de centrale gang naar de vrachtwagen. De chauffeur helpt ook mee met het laden van de varkens, zo vertelt Van den Elzen. De varkens gaan via twee laadplaatsen de vrachtwagen op. “De grote stal heeft een eigen laadplaats. Er is een centrale laadplaats voor drie overige stallen”, aldus Van den Elzen, die aangeeft dat vrachtwagens op zijn erf gemakkelijk kunnen manoeuvreren en niet hoeven te steken. “We hebben de laadplaatsen zo gemaakt dat de vrachtwagens meteen goed aan kunnen rijden. Met behulp van hekwerk kunnen de varkens snel en gemakkelijk worden geladen.”
Van den Elzen levert beren en gelten. De dieren worden gescheiden opgelegd. De vleesvarkenshouder selecteert slachtrijpe dieren op het oog. Iedere woensdagochtend zoekt hij varkens uit. Slachtrijpe dieren worden aangestreept. “Bij Vion weten ze dan al een paar weken hoeveel varkens ze kunnen verwachten. Daags voor het laden geef ik het exacte aantal door”, aldus Van den Elzen, die aangeeft dat hij stuurt op een geslacht-gewicht van 100 kilo. “Bij de beren ga ik er soms twee opeenvolgende weken door om de zwaarste dieren uit te zoeken. Bij de gelten laad ik vaak een keer de kop eruit.”
EigeZwijns
Van den Elzen is aangesloten bij het varkenscollectief EigeZwijns. Hij stuurt op een lage CO2-footprint. Het rantsoen bestaat voor 60% uit bijproducten als tarwegistconcentraat, tarwezetmeel, wei, biergist en CCM. Het aandeel soja in het rantsoen is beperkt. “Met een goede voersamenstelling en een lage voederconversie reduceer ik de CO2-footprint”, zo besluit de vleesvarkenshouder.De varkens gaan via twee laadplaatsen de vrachtwagen op. “De grote stal heeft een eigen laadplaats. Er is een centrale laadplaats voor drie overige stallen”, aldus Van den Elzen. - Foto: Van AssendelftDaan Boekhorst (25) heeft samen met zijn ouders een varkensbedrijf in Horssen (Gld). Ze houden zeugen en vleesvarkens (TN70 x Tempo). Naast de thuislocatie is er nog een huurlocatie met vleesvarkens. Het bedrijf telt 900 zeugen, 6.200 vleesvarkens, per week spenen 550 biggen. Er zijn 4 medewerkers. - Foto: Van AssendelftVlot varkens laden met doorlader’Ondanks de aanwezigheid van een ruime laadgang laadt Daan Boekhorst zijn slachtrijpe dieren rechtstreeks uit het hok. Met de inzet van een doorlader kan er vlot worden geladen.
Bij de bouw van de nieuwe vleesvarkensstal was Daan Boekhorst aanvankelijk van plan een laaddock te laten plaatsen. “Dat was wel de insteek. Uiteindelijk heb ik besloten om het niet te doen, ook al heb ik er lang over getwijfeld. Ik wil graag gemakkelijk met een shovel naar binnen kunnen rijden. Met een laaddock zit dat er niet in”, zo verklaart hij zijn uiteindelijke keuze.
Nieuwe stal
De nieuwe stal is eind vorig jaar in gebruik genomen. De stal – die plaats biedt aan 2.900 vleesvarkens en 1.600 biggen – is voorzien van een ruime laadgang, waar Boekhorst 80 vleesvarkens kan klaarleggen. In de praktijk maakt de varkenshouder daar eigenlijk geen gebruik van. Hij laadt de dieren rechtstreeks uit het hok. Met drie man gaat dat hartstikke vlot, zo zegt de varkenshouder. “We laden 400 varkens in 1,5 uur.” Daarbij scheelt het enorm dat er bij het laden gebruik wordt gemaakt van een zogenoemde doorlaadwagen, waarbij de transportcombinaties snel kunnen worden geladen. Via de doorlader (aanhanger) van handelaar Ter Haar – Posthouwer kunnen de varkens eenvoudig doorlopen naar de gereedstaande truck met oplegger.
Graag kilo’s maken
De vleesvarkens worden wekelijks op maandag geladen. Boekhorst zoekt de dieren zelf uit. Daar heeft hij niet een vast moment voor. “Dat doe ik op zaterdag, zondag of maandagochtend. Het is maar net hoe het uitkomt”, zo zegt de jonge varkenshouder, die ook handelt in gebruikte stalinrichting.
“De tweede vleesvarkensstal heeft geen ruime laadgang. Via de centrale gang gaat het afleveren daar ook prima”, aldus Boekhorst, die op termijn graag wil groeien naar 1.350 zeugen en een meer gesloten bedrijfsvoering.
Na het laden van de borgen en gelten wordt er meteen schoongemaakt, waarna er op dinsdag weer biggen worden opgelegd. “Voorheen laadden we op woensdag, waarna we pas op maandag weer oplegden. Het huidige ritme bevalt me beter”, aldus Boekhorst.
Boekhorst produceert voor de Nederlandse markt. Hij stuurt normaliter op een geslacht-gewicht van 100 kilo. “We willen graag kilo’s maken. Nu de markt onder druk staat, leggen we iets meer eigen biggen op. Daar gaan we flexibel mee om”, aldus de varkenshouder, die ruim voldoende biggenplaatsen heeft. Afhankelijk van de markt verkoopt hij op jaarbasis zo’n 7.000 biggen.Via de doorlader (aanhanger) van handelaar Ter Haar – Posthouwer kunnen de varkens eenvoudig doorlopen naar de gereedstaande truck met oplegger. - Foto: Van AssendelftPaul Deckers (55) heeft in het Limburgse Sint Odiliënberg een varkens- en akkerbouwbedrijf met 1.700 dieren (Beter Leven) en 10 hectare. In de boogstal werkt hij met grote groepen. Deckers werkt in deeltijd bij KWS als maisadviseur. Het bedrijf telt 1.700 vleesvarkens. Er zijn 2 stallen en er is 10 hectare grond in gebruik. - Foto: Bert Jansen‘Beren en gelten uit één groep gescheiden afleveren’Paul Deckers werkt in zijn bijzondere boogstal met zes grote groepen van 256 dieren.
Deckers houdt beren en gelten, die door elkaar heen lopen. “Dat gaat goed.” Deckers werkt in de grote groepen met ProSort-sorteerstations van de Amerikaanse firma Gro Master. Daarmee worden de dieren automatisch gewogen in hun gang naar de voerbakken. “Met grote groepen is het wegen van de varkens een must.” De computer is zo ingesteld dat de dieren op een gewicht van 115 kilo worden uitgeselecteerd en via poortjes naar een aparte groep worden gedirigeerd. Met behulp van hekwerk maakt Deckers een afleverruimte in de afdeling.
De geselecteerde dieren, die apart in de afdeling liggen, krijgen een kleurmarkering. Beren krijgen een blauwe stip op de rug. Gelten krijgen een roze markering. De Beter Leven-beren en -gelten worden apart afgeleverd. Deckers houdt de af te leveren gelten in de afdeling. De beren worden handmatig op de gang klaargelegd.
Met kleur markeren
Deckers levert eens in de twee/drie weken zo’n 150 dieren af. De varkenshouder is gewend om de dieren in z’n eentje richting de vrachtwagen te dirigeren. “Daarmee ben ik een uur bezig. De chauffeur kan me niet bijhouden.”
Het automatisch wegen van de dieren betaalt zich uit. Van gewichtskortingen is niet of nauwelijks sprake. “Ondergewicht heb ik sowieso niet. Zo nu en dan is er eens een varken te zwaar. Het automatisch selecteren van slachtrijpe dieren neemt 12 uur in beslag. Sommige dieren zijn zo lui dat ze maar een keer per dag vreten. Dan kan het voorkomen dat er al genoeg dieren uitgeselecteerd zijn, waarna het varken terug de groep in wordt gestuurd.” De zwaarste dieren worden een paar dagen voor het uitselecteren vaak al door de weegschaal met een kleur gemarkeerd. “Je kunt ze dan gemakkelijk terugvinden en naar de weger dirigeren.”
Automatisch wegen
Sommige dieren blijven zo lang op de weegschaal staan dat ze automatisch terug de groep in worden gestuurd. “Dat zijn de slimmeriken”, aldus Deckers, die dit zo nu en dan ziet gebeuren.
Deckers is uitermate goed te spreken over het automatisch wegen van de dieren. Nadeel is het feit dat hij de gewichten niet automatisch kan verwerken in grafieken. “Ik moet de kale data zelf in excel invoeren en grafieken maken. Het zou veel beter zijn als de cijfers direct omgezet worden in een managementtool.”De geselecteerde dieren, die apart in de afdeling liggen, krijgen een kleurmarkering. Beren krijgen een blauwe stip op de rug. Gelten krijgen een roze markering. - Foto: Bert Jansen
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









