‘Puzzelstukjes voor bouwplan van 2026’

Afbeelding ter illustratie. Deze akkerbouwer in de Drentse veenkoloniën werkt met een 1-op-3-bouwplan. Foto: Jan Willem van Vliet
Je mag het niet hardop zeggen, maar 2025 nadert een jaar uit het boekje. Het voorjaar is droog. De start van het teeltjaar is vroeg. Eind maart zitten al veel aardappelen in de grond. Ruim de helft van het areaal bieten is gezaaid. De eerste snede gras eind april, begin mei kent hoge VEM- en suikergehaltes. En ook de oogsten in de nazomer zijn doorgaans vroeg en onder goede omstandigheden. De opbrengsten en kwaliteit zijn meestal hoog.
Natuurlijk is dit niet het hele verhaal. Per regio zijn er verschillen, zoals altijd wel. En het maakt nogal wat uit of je kunt beregenen, zo leert een rondgang door het land.
Het KNMI maakt altijd mooie staatjes. Het voorjaar was zacht en zeer droog. Er valt in maart, april en mei slechts 68 mm neerslag. Op het einde van de lente is het neerslagtekort 125 mm. In juni valt er regen, maar de spreiding is groot. Eind juli is het snikheet. De zomer behoort tot de drie warmste zomers in 125 jaar. Het beeld past in dat van een veranderend klimaat: zonnige, warme zomers met een grillig neerslagpatroon.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









