Puzzelen met minder kalveren in een afdeling

Foto Jan Willem van Vliet
Los van de coronacrisis wordt in de kalverhouderij gesproken over productiebeheersing en meer ruimte. Dat is lastig inpasbaar op bedrijven.De afnemende en sturende partijen in de vleeskalversector waren voor het uitbreken van de coronacrisis al bezig met het drukken van de kalfsvleesproductie. Daar is in de aantallen voor de crisis echter nog weinig van te merken. Toch blijft de verwachting voor de langere termijn dat het aantal kalveren en bedrijven zal afnemen.Minder kalveren opzetten in bestaande stallen kan nogal wat puzzelen met de ruimte opleveren. En zonder aanpassing van de contractvergoeding kost het de kalverhouder geld - foto Jan Willem van VlietDit zal mede afhankelijk zijn van de uitwerking van de stikstofmaatregelen en van de strenge Brabantse ammoniakwetgeving. Ook de nasleep van de coronacrisis zal zich laten gelden.Kalverhouders hebben al langere tijd te maken met fors opgelopen leegstanden. Het is nog onzeker wat de gevolgen van de coronacrisis voor het aantal bedrijven en kalveren zullen zijn, maar mogelijk blijft er een focus op het verminderen van het aantal kalveren, ook op bedrijfsniveau.In dat geval zijn er meerdere opties om de productie omlaag te brengen, zoals minder kalveren per hok, een aantal hokken leeg laten staan of jonger afleveren. Elke optie heeft voor- en nadelen.Minder kalveren op meerdere manierenLangere leegstand
+ Leegstandsvergoeding is bij contract geregeld + Goed voor verlagen van de ziektedruk - Minder gunstig voor stabiele arbeidsverdelingMinder kalveren per hok+ Extra ruimte bij een calamiteit- Een even aantal hokken per rij nodig- Mogelijk aanpassen van het voersysteemHokken leeg laten staan+ Altijd toepasbaar, geen aanpassingen nodig+ Extra ruimte bij een calamiteit- Kan effect hebben op het klimaatsysteemJonger afleveren+ Altijd toepasbaar, geen aanpassingen nodig- Gevolgen voor optimaal rendement slachtdierenMeer ruimte per dierOok in het sectorplan van de kalverhouderij wordt gesproken over beheersing van de productie en meer ruimte per kalf. Daar is vooralsnog de ambitie neergelegd om toe te werken naar 2 m2 per kalf. Dat is 0,2 m2 meer dan de huidige standaard.Meer ruimte per kalf betekent zonder bijbouwen of herinrichten automatisch minder kalveren, waardoor er vanzelf een krimp van 10% wordt gerealiseerd. Zoals al aangegeven kunnen alle kaarten net als in de hele veehouderij over een jaar anders liggen door de impact van de coronacrisis. Onderstaande is daarom van toepassing bij geen structurele impact.Even aantal hokkenProductiebeheersing in combinatie met meer ruimte per kalf kan op bedrijfsniveau grote consequenties hebben, waarschuwt Eric Beindorff, vleesveespecialist bij Alfa Accountants. “In theorie lijkt het eenvoudig: 2 hokken van 5 kalveren samenvoegen, één kalf minder dus 9 in plaats van 10 dieren in één hok. Dat is een daling van 10%, maar in de praktijk valt dit vaak tegen”, is zijn ervaring.Het probleem met een niet-optimale indeling is dat het aantal hokken in een rij niet altijd even is. Dat betekent dat bij 5 kalveren per hok de laatste 3 hokken van de rij worden samengevoegd tot een groep van 15 kalveren en dan 2 eruit. Dat is in die hokken een daling van 13% van het aantal kalverplaatsen. Ook bij andere hokaantallen en combinaties is er meer dan 10% daling.Productiebeheersing in combinatie met meer ruimte per kalf kan op bedrijfsniveau grote consequenties hebben - Foto Hans Prinsen.Een ander praktisch probleem is dat bij het samenvoegen van hokken ook de voertroggen in één hok komen. Bij handmatig melk verstrekken is dat geen bezwaar, maar bij een automatisch systeem kan het nodig zijn het om te bouwen om nog nauwkeurig per ventiel te voeren.Een andere optie is om één trog te gebruiken voor melk en één voor ruwvoer. Dan moet er wel voldoende drinkruimte per kalf overblijven. Alles is mogelijk, maar afhankelijk van de situatie kan dat een aardig grote (en kostbare) ingreep zijn.Op het gebied van klimaat en ventilatie zullen in de meeste gevallen geen wijzigingen nodig zijn. Een paar kalveren minder zal nauwelijks consequenties hebben voor de luchtstroom door de afdeling en is in beginsel alleen maar gunstig voor de benodigde verwarmings- of ventilatiecapaciteit.Economische impactNaast de praktische invulling kan minder kalveren opzetten ook gevolgen hebben voor de portemonnee. Zonder aanpassing van de contractvergoeding kost het de kalverhouder immers geld. Dat geldt voor een daling van 10%, laat staan als door praktische omstandigheden een kalverhouder nog een paar procent minder kalveren kan opzetten.Een langere leegstand is doorgaans door de kalverhouder goed afgedekt, is de ervaring van Beindorff. Een vergroting van de oppervlakte per kalf heeft echter ook consequenties voor de inkomsten en daar moeten dus met de contractgever afspraken over worden gemaakt.Stel een bedrijf met 1.000 kalveren heeft een contractvergoeding van € 245 per plaats, inclusief 9% btw. Exclusief btw is dat € 225 per plaats. Na aftrek van de kosten van mestafzet, energie en water blijft € 160 over voor financiële verplichtingen, afschrijvingen, algemene kosten, belastingen en privé. Dat is bij 1.000 kalveren € 160.000.Als een kalverhouder structureel een paar tientjes per plaats misloopt kan dat ook gevolgen hebben voor financieringsmogelijkheden en de rente bij de bank - Foto Peter Roek.Om bij 10% minder (hier dus 900) kalveren hetzelfde saldo over te houden, moet per plaats € 178 overblijven. Daarbij hoort een contractvergoeding van € 243, inclusief kosten mestafzet, energie en water. Vermeerderd met 9% btw is dat € 265 per plaats. Bij een krimp van 15% moet de vergoeding zelfs tot circa € 276 inclusief btw per plaats toenemen.“En daar komen eventuele aanpassingskosten van de hokken nog bij.” Het zijn volgens Beindorff consequenties die voldoende groot zijn om serieus met de contractgever te bespreken. “Als een kalverhouder structureel een paar tientjes per plaats misloopt, kan dat ook gevolgen hebben voor financieringsmogelijkheden en de rente bij de bank.”Ondernemers zonder contractvergoeding hebben vanzelfsprekend weinig mogelijkheden om minder inkomsten door het houden van minder kalveren te compenseren.Een aspect dat eventueel mee kan wegen, is dat meer ruimte per kalf voordelen kan geven op het gebied van gezondheid en technische resultaten. Bekend is dat met name het klimaat en de bezetting daarvoor medebepalend zijn.Op basis van praktijkervaringen zijn directe verbanden tussen minder kalveren per hok of afdeling en de gevolgen voor gezondheid en resultaten echter dun. Zoals bij veel aanpassingen in de stal zijn het uiteindelijk het management en het vakmanschap van de kalverhouder zelf die het grootste verschil maken.Minder kalveren lijkt een gegevenDe kalverhouderij telt volgens het CBS in 2019 nog 683.000 blanke kalveren en 382.000 roses op ruim 1.700 bedrijven. Dat de sector gaat krimpen, lijkt een gegeven. Vanuit de hoek van de vleesverwerkers en integraties wordt vanwege een moeizamere afzet van vlees al jaren geroepen om productiebeheersing. Met de oplopende weken leegstand was dat ook goed merkbaar.
In het ‘sectorplan versnelling verduurzaming kalverhouderij’ van de Stichting Brancheorganisatie Kalversector zijn enkele ambities weergegeven die dat versnellen. Een belangrijke is de genoemde extra ruimte per kalf bij nieuwbouw, maar ook het streven om de invoer van nuchtere kalveren uit verre landen af te bouwen.
Daarnaast zijn er andere ontwikkelingen die een krimp versnellen. Vaak wordt genoemd de verwachte sanering van de veehouderij, door de maatregelen in Noord-Brabant en een mogelijke sanering in het kader van de stikstofdiscussie. Ombouw naar emissiearme huisvesting zal met name voor kleinere bedrijven met of zonder opvolger leiden tot beëindiging.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









