Nog geen krimp vleeskalveren, wel verschuivingen

Laatst bijgewerkt:
Foto: Hans Prinsen

Foto: Hans Prinsen


Wil je reageren? Maak dan gratis een account aan!

Van krimp is in de Nederlandse vleeskalverhouderij nog niks te merken. Het ondoorzichtige middenveld is vooralsnog meer in beweging.Na een jarenlange daling van het aantal vleeskalveren is die trend sinds 2017 gestopt en stijgt het aantal kalveren weer. In de statistieken van het CBS zijn in 2019 in totaal afgerond 683.000 blanke kalveren en 382.000 rosékalveren (jong en oud) geteld (zie grafiek 1). Ongeveer driekwart van de rosékalveren valt onder jong rosé.Voor eigen rekening mestenTot een paar jaar terug nam het aantal jongrosés hard toe. Een aantal kalverhouders stapte min of meer verplicht over vanwege de wens van de contractgever. Ook wilde een deel van deze kalverhouders voor eigen rekening gaan mesten. Het aantal rosés neemt nog steeds licht toe, maar minder snel dan het aantal blanke kalveren. Ondanks dat er meer blanke kalveren zijn, zijn er wel meer bedrijven met rosékalveren (zie grafiek 2). De rosébedrijven zijn doorgaans een stuk kleiner qua omvang.Aantal bedrijven in beide categorieën laatste jaren toegenomenOpvallend is dat het aantal bedrijven in beide categorieën de laatste jaren is toegenomen. De toename van rosébedrijven is waarschijnlijk voornamelijk te wijten aan gestopte melkveebedrijven die kalveren zijn gaan houden. Ook de dreigende problemen voor uitbreiding in met name Brabant heeft een aantal ondernemers ertoe genoopt bestaande vergunningen snel te realiseren. Dat zal met name bij jongrosé- en blankvleeskalveren een rol spelen.Aantal slachtingen van blankvlees- en jongrosékalveren stijgtDe toename van het aantal vleeskalveren komt ook terug in de slachtcijfers (grafiek 3). Typerend is dat het aantal slachtingen van blankvlees- en jongrosékalveren (jonger dan negen maanden in de telling van het CBS) nog steeds stijgt, terwijl het aantal slachtingen van oudrosés (ouder dan negen maanden) al jaren daalt. Het is een bekend fenomeen in de kalverhouderij; de kalvermarkt is een vat van communicerende vaten. Als marktdruk ontstaat, schakelt een deel van de mesters over op een andere categorie. Integraties kunnen vanuit hun eigen belang daarin sturen.De kalvermarkt is een vat van communicerende vaten. Als marktdruk ontstaat, schakelt een deel van de mesters over op een andere categorieMeer kalveren in voergeldAan de kant van de slachterijen is er de afgelopen jaren weinig structureel veranderd. VanDrie Group en Pali zijn zowel bij de blanke kalveren als de rosékalveren veruit de grootste spelers met in totaal vier slachterijen. Bij de rosés is een aantal andere partijen actief, zoals Veal Fine Group, en wordt onder andere geslacht bij Ameco in Apeldoorn. Opvallend is de strakke organisatie met relatief weinig spelers.Het aantal kalveren neemt toe, terwijl een deel van de sector een beheerste productie wil. De ontwikkelingen zijn sterk afhankelijk van politieke keuzes die de komende tijd worden gemaakt. Met name vanwege maatregelen op het gebied van stikstof en ammoniakemissie. - Foto: Hans PrinsenKalverlogistiek in het middenveldHeel anders is de kalverlogistiek in het zogenoemde middenveld georganiseerd. Deze wereld is voor buitenstaanders ondoorzichtig, met onderlinge afspraken en belangen in elkaars bedrijven. Aanbieden van contracten gebeurt door integraties (slachterijen en/of voederfabrikanten) maar ook door een aantal handelaren. Ook zijn er grote kalverhouders die afspraken hebben met andere mesters. Naar schatting heeft VanDrie een krappe helft van de contracten in handen; Denkavit een kwart en overige partijen de rest. In de blanke sector is minder dan 10% vrije mesters; bij rosé ligt dat aandeel boven de helft.Aantal handelaren afgenomenHet aantal handelaren is de afgelopen jaren steeds kleiner geworden, waarbij een aantal grote partijen steeds meer kalveren in voergeld of in eigen stallen heeft staan. Maar ook dat is dynamisch; sommige handelaren zijn de afgelopen jaren verder gegroeid, terwijl anderen juist investeren in andere activiteiten of het zelf houden van kalveren hebben afgestoten.Bedrijven behoudenMet name bij de rosémarkt is wat veranderd. Een deel van de vrije mesters is door de slechte prijzen in die sector genoodzaakt over te stappen op contractproductie. Partijen en marktkenners geven aan dat het voor de grotere handelaren of voerfabrikanten niet per se strategische keuzes zijn om meer grip op de markt te krijgen, maar vooral een mogelijkheid om de bedrijven te behouden. Om hoeveel bedrijven het gaat, is niet in beeld, maar het zijn substantiële aantallen.Schaalvergroting zet doorDe veranderingen in de structuur van de kalverhouderij gaan doorgaans niet hard, maar gaan wel door. Ondanks de huidige toename van het aantal kalveren, blijft de verwachting voor de langere termijn dat het aantal iets zal afnemen, net als het aantal bedrijven. Schattingen liggen tussen een daling van 5 tot 10% de komende jaren, mede afhankelijk van de uitwerking van de stikstofmaatregelen en Brabantse wetgeving. Het past bij het streven van onder andere VanDrie Group voor beheersing van de productie.Vooral in Noord-Brabant is vanwege de strengere milieueisen een forse daling van bedrijven voorzienOok de schaalvergroting bij handelaren en de primaire sector zet gestaag door. Net als in andere sectoren vallen de komende jaren kleine bedrijven zonder opvolger af. Vooral in Noord-Brabant is vanwege de strengere milieueisen een forse daling van bedrijven voorzien. Aan de andere kant ziet juist het Zuiden ook groeipotentieel op de gemiddeld wat grotere en professionele bedrijven.Politieke keuzesDe ontwikkelingen de komende jaren zijn, net als in andere sectoren, sterk afhankelijk van politieke keuzes die komende tijd worden gemaakt. Met name vanwege maatregelen op het gebied van stikstof en ammoniakemissie. Ook de huidige marktsituatie als gevolg van corona kan impact hebben; in welke mate is nog ongewis.Meeste kalveren in Ede en BarneveldDe houderij van blanke kalveren is sterk geconcentreerd in enkele regio’s, met name op de Veluwe, in het Zuiden rondom Baarle-Nassau en het Oosten in de regio Hardenberg. Daar bevinden zich ook de meeste (grote) kalverhandelaren en aanbieders van contracten. Mesten van rosékalveren gebeurt meer verspreid over het land. Deze sector heeft een andere ontstaansgeschiedenis, waarbij het vooral voormalige stierenmesters en melkveehouders zijn die ermee zijn begonnen.

Veruit de grootste kalvergemeenten zijn Ede en Barneveld op de Veluwe; beide telden vorig jaar 183 bedrijven, met respectievelijk ruim 126.000 en krap 128.000 vleeskalveren. Andere kalverrijke gemeenten op de Veluwe zijn onder andere Putten, Nunspeet en Apeldoorn.

De Veluwe heeft niet de grootste bedrijven; in Ede en Barneveld telt het gemiddelde bedrijf krap 700 kalveren. In Baarle-Nassau omvat het gemiddelde bedrijf zo’n 1.050 kalveren. De grootste bedrijven bevinden zich overigens in Drenthe; in Noordenveld hebben de vier bedrijven gemiddeld bijna 2.200 kalveren. In het Friese De Fryske Marren hebben tien kalverbedrijven gemiddeld ruim 1.300 kalveren staan.

Dit artikel is alleen voor abonnees

Al geabonneerd? 

Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement


Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen

Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen

Vorm je eigen mening met opinies en analyses


Bekijk aanbod

Snel delen


Sectornieuwsbrief Rundveehouderij


Reacties

Je bent niet ingelogd


Log in of maak binnen 30 seconden een account aan

Reageer op artikelen en deel je mening met anderen.