Kruislingkalveren blijven gewild

Foto: Ronald Hissink

Foto: Ronald Hissink


Wil je reageren? Maak dan gratis een account aan!

Het aantal kruislingkalveren verdubbelde de afgelopen twee jaar. De kalversector worstelt met de verwaarding maar heeft voorkeur voor deze kruislingen.Melkveehouders zetten steeds meer Belgisch Witblauwe stieren (BWB) in. CRV registreerde over 2016 656.179 inseminaties met BWB-stieren, daarvan waren 175.013 kalveren raszuivere BWB. Het overgrote deel van de inseminaties komt voor rekening van de melkveehouderij. Ter vergelijking: in 2013 lag het aantal BWB-inseminaties rond de 250.000, in 2014 rond de 300.000. Het aandeel BWB-inseminaties beslaat in het boekjaar 2016-’17 een derde van alle eerste inseminaties. Het ziet er naar uit dat ook in het boekjaar 2017-’18 dit aandeel vast gehouden wordt. Op kalververzamelplaatsen ligt het aandeel BWB-kalveren, stier en vaars, tussen de 40 en 50%.FosfaatreductieplanDe fosfaatregels spelen een rol in de toegenomen belangstelling voor kruislingen. Bedrijven willen minder jongvee aanhouden en kruislingkalveren hebben een forse meerprijs ten opzichte van zuivere Holsteinkalveren.Door het grote aanbod van kruislingen is het prijsverschil ten opzichte van de zuivere Holstein met € 80 tot € 90 gedaald. Veel verder lijkt het verschil niet meer terug te lopen.Smallere kalverenSinds de groeispurt in het aantal BWB-inseminaties neemt vanuit de veehandel het commentaar op de kwaliteit van de kalveren toe. Kruislingen zijn steeds vaker aan de smalle kant. Ze zijn niet meer zo duidelijk geblokt als pakweg een jaar of tien geleden. Dit heeft vooral te maken met de stierkeuze. De ki-organisaties selecteren de stieren voor gebruikskruisingen op geboortegewicht en geboortegemak, zodat melkveehouders niet te maken krijgen met problemen rond de geboorte. In de zuivere BWB-teelt is de insteek zoveel mogelijk dikbil, wat kalveren met een breed kruis oplevert. Voor de gebruikskruising is geselecteerd op stieren met een minder breed kruis, vaak stieren die zelf via natuurlijke geboorte ter wereld zijn gekomen. Een ander selectiepunt is de draagtijd. Hoe korter de draagtijd, hoe lichter het kalf en hoe gemakkelijker de geboorte. Tijdens de dracht groeit een kalf na 280 dagen tot een kilo per dag. Dit geldt niet alleen voor BWB maar ook voor zuivere Holsteinstieren. Veel nieuwe stieren zitten op een draagtijd van 275 dagen en geven zo kleinere, smallere kalveren. Betere voederconversieDe kalverhouderij heeft altijd goed uit de voeten gekund met kruislingkalveren. De dieren zijn luxer van vlees en daarvoor was altijd markt. Met name Italië is een afzetland waar vraag is naar vlees van zwaardere en luxere kalveren. Kruislingen worden daarom ook een paar weken langer gemest dan zuivere Holsteinkalveren.De integraties werkten met een aantal kalverhouders die zich gespecialiseerd hadden in het mesten van kruislingen. De kruisling heeft ten opzichte van een zwartbonte het voordeel dat hij een betere voederconversie en een beter uitslachtingspercentage heeft.80% van het kalfsvlees wordt uitgebeend verkocht. Zo is er geen verschil tussen vlees van een zwartbonte of kruisling te zien. Dat maakt de verwaarding lastiger. Foto: Ronald HissinkKalversector verrastDe verdubbeling van het aantal kruislingen zorgde de afgelopen twee jaar voor problemen bij de kalversector. Ze kunnen het vlees van deze kalveren niet vanzelfsprekend kwijt. De Italiaanse markt neemt niet meer vlees af en de Italianen hebben het grotere aanbod ook in de gaten en benutten die mogelijkheid om hun inkoopprijzen te drukken. Ondanks de goede lijnen met veehandelaren zag de kalverhouderij deze marktontwikkeling niet aankomen. Met als gevolg dat het vlees van deze kalveren in het gewone circuit afgezet moet worden. Voor de kalverslachterijen is het daarbij lastig dat hun klanten tegenwoordig liever uitgebeend vlees afnemen dan karkassen. Op dit moment is naar schatting 80% van de verkoop uitgebeend. In uitgebeende vorm is er weinig verschil te zien tussen een U-kwaliteit of een O/R-kwaliteit.Inmiddels zijn de VanDrie Group en Gebrs. Fuite samen met horecagroothandel de nieuwe vleeslijn Joviander gestart. Hiervoor worden kruislingvaarzen gemest tot een leeftijd van 10 tot 12 maanden en 250 kilo. Alleen kan Joviander nooit in een keer alle extra kruislingen uit de markt halen. Volgens veehandelaren gaat het dit jaar om zo’n 10.000 kalveren.De kalversector kan niet alle kruislingen optimaal verwaarden. Hierdoor is een levendige export naar onder meer België, Portugal en Spanje ontstaan die in twee jaar tijd verdubbelde.Export verdubbeldOm toch afzet voor de kruislingen te genereren is de export van jonge kalveren de afgelopen twee jaar meer dan verdubbeld (zie grafiek hierboven). Het gaat daarbij om rechtstreekse export vanaf de verzamelplaats en om export na een aantal weken op een opfokbedrijf. Die eerste exporttak ligt onder vuur door de Dierenbescherming. Die vindt de vrachtwagens en dan met name het drinksysteem ongeschikt voor het vervoer van jonge kalveren. De NVWA stelde eind 2016 een verbod op export van kalveren jonger dan acht weken in. Na aanpassingen van de drinksystemen is dat verbod eerder dit jaar weer opgeheven. De kruislingen worden naar onder andere België, Spanje en Portugal vervoerd, met name de laatste twee landen nemen veel kalveren af. De precieze aantallen per land worden door RVO.nl niet bijgehouden. Die export is ook gunstig voor de prijsvorming. Het verschil tussen een zwartbont- en kruislingkalf is sinds 2014 met € 80 tot € 90 gedaald, zonder export zou dat verder uiteenliggen. Opvallend is wel dat het verschil tussen luxe en smallere kruislingen nauwelijks veranderd is.BWB-stieren voor gebruikskruising geeft meer smallere kalveren vanwege de selectie op geboortegemak en draagtijd. Toch wordt het prijsverschil met de echt luxe kruislingen er niet groter op.Toch liever BWBAls de kalverslachterijen kampen met lastige afzet van kruislingen rijst toch de vraag of melkveehouders terug moeten naar het leveren van zuivere Holsteinkalveren of over moeten op een ander kruisingsras. Nee, luidt het antwoord. De Piemontesekruislingen van de de jaren tachtig en negentig stonden bekend als slechte drinkers, datzelfde geldt nu ook bij Fleckvieh en Montbeliardes. Robuuste kalveren maar slechtere drinkers, die vaker pensdrinker zijn dan zuivere Holsteinkalveren.Het robuuste van de BWB-kruisling heeft in de mesterij als bijkomend voordeel dat ze in verhouding tot zwartbonten minder met antibiotica behandeld hoeven te worden.Gesekst spermaSturen op meer stierkalveren door bijvoorbeeld gesekst sperma is niet nodig. Bij de vaarskalveren ziet de kalverhouderij juist graag kruislingen. Een zuiver Holsteinvaarsje kost wel melkpoeder en voer maar levert aan de slachthaak weinig op. Vandaar dat ze de melkveehouder vrijwel geen cent oplevert. Ook in de krappe kalvermarkt van begin dit jaar betaalde de veehandelaar hooguit een paar tientjes voor een vaarsje.In de mesterij zijn kruislingvaarzen kwalitatief een beetje te vergelijken met zuivere zwartbonte stieren. Ze wegen uiteindelijk wel iets minder, maar hebben weer een betere voederconversie en een hoger uitslachtingspercentage. Al met al voor beide partijen een win-winsituatie.Lees ook: Kruislingkalf vindt niet automatisch zijn weg

Dit artikel is alleen voor abonnees

Al geabonneerd? 

Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement


Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen

Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen

Vorm je eigen mening met opinies en analyses


Bekijk aanbod

Snel delen


Sectornieuwsbrief Rundveehouderij


Reacties

Je bent niet ingelogd


Log in of maak binnen 30 seconden een account aan

Reageer op artikelen en deel je mening met anderen.