‘Ik wil niet naar de boerderij ruiken’
Ik zit met mijn tulband op in de keuken. De hooileverancier durft me niet aan te kijken. Hij denkt vast dat ik gek ben. Maar ik bereid me voor op een vergadering.

Boerin Miranda Nolten-Westerhof wil niet naar de boerderij ruiken. Terwijl zij haar haar verzorgt, krijgen de koeien hun eigen wellnessbehandeling. Foto: Henk Riswick
Als ik naar een feest of vergadering ga, zorg ik dat ik er altijd prima uitzie. Dat betekent douchen met veel douchegel om vooral niet naar de boerderij te ruiken. Niet te veel parfum of andere chemische geurtjes op, want dan schuift Luc zijn T-shirt voor zijn neus: ‘Bah, ik ruik nog liever mest’.
Wanneer ik dan op een feestje of bijeenkomst kom, zijn mensen soms verbaasd als ze horen dat ik op een boerderij woon. Ik zie er niet uit als boerin en ruik er ook niet naar. Eigenlijk is dat gek. Hoezo zou je ‘eruitzien als boerin’ en naar de stal moeten ruiken als je op een boerderij woont? Je ruikt toch ook niet naar de slagerij of pepernotenfabriek als je daar werkt?
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









