Fresco: ‘Gezinsbedrijf is essentieel voor voedselvoorziening’

Foto: Koos Groenewold
Louise Fresco, bestuursvoorzitter van Wageningen UR, ziet een grote rol voor de landbouw in de ‘postfossiele wereld’. De veehouderij blijft onmisbaar.Fresco sprak vorige maand op een congres in Brussel over de toekomst van voedsel en landbouw. Daar bepleitte ze de instelling van een internationaal panel voor voedsel en landbouw, analoog aan het klimaatpanel. Laat wetenschappers de huidige staat van kennis in kaart brengen en op basis daarvan opties aanreiken voor het beleid, vindt Fresco. Zodat de wereld zich voorbereidt op de uitdagingen voor de komende tientallen jaren, zoals klimaatverandering en de groei van de wereldbevolking. Louise Fresco (66) is sinds juli 2014 bestuursvoorzitter van Wageningen UR. Naast bestuurder is zij ook wetenschapper, columnist, schrijver en inspirator. In haar loopbaan kwam ze op verschillende invloedrijke posities terecht in het bedrijfsleven (Rabobank, Unilever). Fresco adviseert nationale en internationale overheden (onder meer de Sociaal Economische Raad en de Agriculture Market Task Force van de Europese Commissie). Tevens is zij lid van de Koninklijke Nederlandse Academie voor Wetenschappen en lid van diverse buitenlandse wetenschappelijke academies. - Foto: Koos GroenewoldDe uitdagingen waarvoor de landbouw staat, zijn immens, zegt Fresco. “We zijn op weg naar een postfossiele wereld. Alle fossiele grondstoffen voor chemie en energie worden vervangen door biomassa, die wordt geproduceerd door de landbouw.” Tegelijk zorgt diezelfde landbouw voor het dagelijks brood, het eten van de mensheid. Daarover sprak Fresco na afloop van het symposium in Brussel met internationale journalisten. Hoe kunnen we de vereiste productie van biomassa bereiken?“Een van de mogelijkheden is de fotosynthese bij gewassen verbeteren. Planten gebruiken het beschikbare zonlicht niet erg efficiënt, omdat er een overvloed aan is. Niet meer dan 1 of 2% van de zonnestraling wordt omgezet in biomassa. Dat kan veel beter. Als we de fotosynthese maar iets verbeteren, heeft dat groot effect. De natuur kent al heel veel variaties in de omzetting van zonlicht. Diepzee-algen doen dat anders dan planten in de woestijn. De verschillen in de mate waarin planten zich aanpassen aan het zonlicht, biedt mogelijkheden voor veredeling. Moet dat met genetische modificatie? Niet noodzakelijkerwijs. Mogelijk hebben we genetische modificatie nodig om vezels te produceren die gebruikt kunnen worden als grondstof voor bouwmateriaal of als grondstof voor plastics. Op dit moment is genetische modificatie niet de denkrichting.”Hoe ziet ons eten er in de toekomst uit?“Gaat het over 2050? Of over het eind van de eeuw? Dat zijn verschillende dimensies. Aan het eind van deze eeuw zullen we nog steeds koolhydraten en eiwitten, vetten, vitamines en mineralen nodig hebben. De vraag is, waar komen ze vandaan, en zien ze er anders uit?Koolhydraten zullen nog steeds in de vorm van granen verbouwd worden, waarschijnlijk in grootschalige landbouw – want we hebben hoge opbrengsten nodig. Tarwe en rijst zullen we niet in steden verbouwen, in tegenstelling tot fruit en groenten. De essentiële vraag is: wat doen we met eiwitten? Ik verwacht dat er een toename zal zijn in eiwitconsumptie. En in welke mate vervangen we dierlijk eiwit door plantaardig eiwit? We kunnen dat nu al doen in verwerkte vleesproducten, zonder dat de consument dat merkt. Niet in biefstuk, maar wel in worst of hamburgers. Combinaties van dierlijk en plantaardig eiwit zullen belangrijker worden in ons dieet.”‘De essentiële vraag is: wat doen we met eiwitten? En in welke mate vervangen we dierlijk eiwit door plantaardig eiwit?’Dus we kunnen niet zonder veehouderij?“Er zijn gebieden in de wereld waar je alleen maar grasachtige teelten hebt, waar het te koud of te nat is om graan te telen en waar je dieren nodig hebt om gras om te zetten in eiwit. Vlees blijft nodig voor in elk geval kinderen, zwangere vrouwen en ouderen. Ook omdat vlees mineralen als ijzer bevat, die we beter uit vlees opnemen dan uit andere bronnen. Daarnaast zullen vegetarische opties een deel van het verhaal uitmaken.”‘Vlees bevat mineralen als ijzer, die we beter uit vlees opnemen dan uit andere bronnen’“In stedelijke omgevingen, waar zeker ook kippen worden gehouden, is de vraag hoe we ons beschermen tegen ziekten die van dier op mens over kunnen springen. Dat vereist een zorgvuldige scheiding van dieren en de bevolking. Dat is nu al een serieus probleem in Zuidoost-Aziatische steden, waar de dieren dicht op de mens worden gehouden.”“Veel meer dan nu zullen we enzymen en eiwitten uit ons afval terugwinnen. Dat kan chemisch, door fermentatie, met hulp van bacteriën. We gooien in Europa per jaar alleen al 50 kilo voedsel per persoon weg. Daar valt veel terug te winnen, maar ook uit ons rioolwater en uit industrieel afvalwater. We moeten onze systemen en onze wetten erop aanpassen, maar het kan.”Dierlijke productie zal gescheiden zijn van de bevolking, en grootschalige graan- of rijstproductie ook. Waar telen we groenten en fruit?“De consumptie van fruit en groenten is in grote delen van Europa en de rest van de wereld te laag. We weten allemaal dat groenten en fruit belangrijk zijn voor onze gezondheid. In kassen wordt nu al 80 kilo tomaten per vierkante meter geteeld. De waterefficiëntie is in die kassen 18 keer beter dan op de volle grond. Dat zijn extreem doelmatige systemen. Ik denk dat dat soort systemen in veel stedelijke gebieden zullen worden toegepast. Met de kennis die we hebben over de erfelijke eigenschappen van de plant, zijn we in staat de productie van vezels en andere voedingsstoffen in de planten te verbeteren. Er zijn slapende genen aanwezig in de planten, die we kunnen activeren.”Kan het traditionele gezinsbedrijf een rol spelen bij de voedselvoorziening van groeiende steden?“Dat hangt ervan af hoe je het gezinsbedrijf definieert. Gezinsbedrijven houden zeker een rol in gebieden waar je het landschap duurzaam en leefbaar wilt behouden. Toscane is mijn favoriete voorbeeld. Toscane is zo mooi doordat de natuur en het landschap daar een bijproduct zijn van een minder efficiënt landbouwsysteem. Er groeien bloemen, prachtige bomen en struiken; olijfbomen kunnen alleen overleven dankzij de Europese subsidies. En dat willen we ook, want het is deel van ons cultureel erfgoed. Maar de gezinsbedrijven daar kunnen niet de bevolking in grote steden voeden. Belgische en Nederlandse gezinsbedrijven daarentegen zijn wel hoogproductief en efficiënt, en kunnen daardoor zonder subsidie een wezenlijke bijdrage leveren aan de voedselvoorziening van de stedelijke bevolking.”‘Hoogproductieve, efficiënte gezinsbedrijven leveren een wezenlijke bijdrage aan de voedselvoorziening van stedelingen’Op het symposium in Brussel werd gezegd dat er nauwelijks onderzoek wordt gedaan naar de samenstelling van voedingsstoffen in groenten en fruit. De suggestie was dat sommige ziekten die we nu hebben daarmee verband houden. Doet Wageningen onderzoek op dat punt?“Dit is een heel ingewikkeld onderwerp. Ik denk niet dat we kunnen zeggen dat de moderne landbouw heeft geleid tot minder voedzame producten. Er zijn veel voorbeelden van het tegendeel. We weten dat de relatie tussen voedingssamenstelling en gezondheid heel ingewikkeld is, omdat er heel veel factoren zijn die meespelen in de gezondheid van de mens, zoals levensstijl, genetische aanleg en het milieu. Er zijn geen een-op-een-relaties. Zelfs als je iemand treft met een bepaalde ziekte en een tekort aan bijvoorbeeld calcium, dan nog is het niet eenvoudig te zeggen dat het calciumgebrek de oorzaak is van de ziekte. Aan de andere kant weten we ook dat de samenstelling van voedingsstoffen in de plant eveneens afhankelijk is van vele factoren, zoals milieu, stress of temperatuur. We onderzoeken in Wageningen bijvoorbeeld welke genen in de plant zorgen voor een betere voedingswaarde. Dat is eenvoudiger dan ingewikkelde populatieonderzoeken, waarbij je zoekt naar oorzaken van gezondheidsproblemen. Als er iets is wat we van populatieonderzoeken hebben geleerd, is dat gevarieerde voedingspatronen en levensstijlen van invloed zijn op de gezondheid van de mens.”‘Een hamburger is om meer redenen best gezond en duurzaam’Een van uw boeken is getiteld ‘Hamburgers in het Paradijs’. Waarom?“De hamburger is een symbool, en niet alleen van het kwade. Hij is om meer redenen best gezond en duurzaam. Het vlees voor de hamburger is mager en bevat weinig vetzuren, er zitten nutriënten in die goed voor je zijn. Daarbij komt dat hamburgers zijn gemaakt van vleesresten die anders als afval zouden verdwijnen. Eigenlijk is de hamburger een van de eerste voorbeelden van het vermijden van voedselverspilling. Mijn boek gaat echter ook over de vervanging van de klassieke hamburger door vegetarische alternatieven en de populariteit daarvan.”McDonald’s zou de hamburger toch niet willen verkopen als een product van vleesresten?“Nee. Maar McDonald’s kan er wel een beter verhaal uit halen.”U heeft in het verleden bij de wereldvoedselorganisatie FAO gewerkt. Volgend jaar vertrekt de huidige directeur-generaal Graziano da Silva bij FAO. Zou u daarvoor kandidaat willen zijn?“Ik heb een mooie baan in Wageningen.”
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









