Dierenarts Peter Theeuwes: ‘Dierenarts meer als investering zien’
Peter Theeuwes stopt als dierenarts bij vleeskalverpraktijk Thewi. In 30 jaar tijd heeft hij veel veranderingen gezien, maar op veel fronten kan het nog beter.

Peter Theeuwes (61) was directeur van dierenartsenpraktijk Thewi in Tilburg (N.-Br.). Het bedrijf bedient bijna een kwart van het aantal kalveren in Nederland. Grofweg tweederde van de klanten zijn blankvleeskalveren; de rest is rosé. - Foto: Bert Jansen
Begin jaren negentig begon Peter Theeuwes zijn eigen dierenartsenpraktijk Thewi; het was de eerste gespecialiseerde praktijk voor vleeskalveren. In de jaren daarna groeide het bedrijf door tot tien dierenartsen en bedient het bijna een kwart van de markt. Theeuwes is altijd bestuurlijk actief geweest en betrokken bij sectorontwikkelingen rondom diergezondheid (zoals de Vakgroep Gezondheidszorg Vleeskalveren) en antibioticareductie (Stuurgroep Abres). Ook heeft hij bijgedragen aan symposia in binnen- en buitenland.Na 30 jaar gaat Theeuwes een andere richting op en gaat hij werken in het Belgische familiebedrijf in onroerend goed. Hij gaat zich vooral richten op het toekomstbestendig maken en overdracht naar de nieuwe generatie. De praktijk wordt voortgezet door de huidige dierenartsen, die nagenoeg allemaal aandeelhouder in de bv zijn.
Wat zijn de belangrijkste veranderingen die u in die jaren in de vleeskalverhouderij heeft gezien?“Zolang ik werkzaam in de sector ben, heb ik gepleit voor en gewerkt aan meer transparantie. Dat was bij mijn start begin jaren negentig ook een belangrijk doel voor mij. De sector was zo ontzettend gesloten. We zijn er nog niet, maar het is nu veel beter dan in de beginjaren. Grote items als antibioticareductie zijn goed opgepakt, maar er is nog werk te doen. Kalverbedrijven zijn een stuk groter en professioneler dan 30 jaar geleden.”Zitten daar ook zorgpunten?“Ik heb de bedrijfsomvang zien stijgen van 400 naar meer dan 1.500 kalveren. Per kalf zijn er minder aandachtsminuten beschikbaar en dat vraagt goede inzet van automatisering, hulpmiddelen en protocollair werken. Dat wordt nogal eens onderschat, wat zijn weerslag heeft op het bedrijf of op de ondernemer en zijn gezin.”Stallen worden nu anders gebouwd dan 30 jaar geleden, vooral met grote afdelingen. Een goede ontwikkeling?“Het is niet beter voor de gezondheid, in tegendeel. Longinfecties en salmonella gaan gemakkelijk door de hele stal en het klimaat is veel minder goed te sturen, zeker bij een wisselende bezettingsgraad. Ik zou terug willen naar kleinere afdelingen en meer flexibel kunnen werken met voercircuits en ventilatie. Deelkoppels zijn veel beter op behoefte te voeren, makkelijker te behandelen bij ziekte-uitbraken en het is makkelijker de infectiedruk te verminderen.”Er is meer aandacht voor klimaat.“Dat klopt en dat is ook hard nodig, want er gaat nog veel mis in de stallen. Ik verbaas me soms over het gebrek aan kennis op de bedrijven en van erfbetreders. De moderne klimaatcomputers kunnen heel veel, maar in de basis gaan al dingen fout. Dat ligt trouwens soms ook aan de leveranciers en installateurs.”Wat is in uw ogen te weinig veranderd?“Het verschil in kennis- en managementniveau tussen kalverhouders is nog altijd groot. Er zijn heel veel goede ondernemers, maar er zijn er ook waar basiskennis ontbreekt, waardoor geen stappen worden gezet. ‘Ik heb het kalf gespoten en toch wordt ‘ie ziek’.Ik zie gelukkig heel enthousiaste en kundige bedrijfsopvolgers. De nieuwe generatie doet het écht goed en waardert de dingen die wij doen. We werken bijvoorbeeld al jaren met een eigen managementsysteem en blijven dat verder uitbouwen. Dat draagt bij aan het transparanter maken van de kengetallen, zoals de koppelwaardes en dierdagdoseringen tot op individueel middel uitgerekend. Dat is nog heel waardevol.”Waar laten kalverhouders nog mogelijkheden liggen?“We zijn te veel curatief en te weinig preventief bezig. Helaas zijn antibiotica goedkoop en zijn vaccinaties dat niet. Maar bij luchtweginfecties is met vaccinatie meer mogelijk dan nu gebeurt. Misschien wel een verdienste van corona is dat duidelijk is dat vaccinaties geen wondermiddel zijn, maar wel helpen om verspreiding van ziektes en de impact ervan op het dier te verminderen. Het is extra belangrijk, omdat het antibioticagebruik echt verder omlaag moet. Ook voor de beeldvorming: antibiotica zijn de hormonen van de toekomst.”Waar is voor jullie als dierenartsen nog wat te verbeteren?“Ik heb de driehoek kalverhouder-dierenarts-voorlichter altijd belangrijk gevonden. Dat gaat nu beter dan vroeger, maar we zijn er nog niet. Kalverhouders zouden de meerwaarde van de dierenarts meer als investering moeten zien en niet als kostenpost. Door het samen te doen, leren we van elkaar en kan het kennisniveau van de kalverhouder omhoog. Een goede manier van communiceren is heel belangrijk en daar hebben we ook steeds aandacht voor. Dat geldt ook voor scholing. We hebben met E-Veal (een digitale training rondom de vleeskalverhouderij, red.) onze nek uitgestoken en daar is veel geld in geïnvesteerd. Helaas wordt daar nog te weinig mee gedaan. Op een of andere manier lukt het maar niet om het grote geheel te willen zien door een deel van de dierenartsen, voorlichters, maar ook integraties.”Hoe belangrijk is de samenwerking met de voorlichter van de integratie?“Daar zit heel veel kracht, maar samenwerking is soms moeilijk omdat we verschillend naar het dier en de omgeving kijken. Dat is jammer, want we kunnen elkaar juist versterken en als dierenartsen bieden we een helikopterview over het bedrijf. Een deel van de bedrijven geeft ons wel meer ruimte en ziet ons als onafhankelijk sparring-partner.”De laatste jaren is er veel te doen over de kwaliteit van de nuchtere kalveren. Werken de programma’s zoals Vitaal Kalf voldoende?“We merken dat er in de melkveehouderij gemiddeld meer aandacht aan wordt besteed. Het is een stuk bewustwording, maar ik pleit ook voor het belonen van goede gezonde kalveren. Het is positief dat integraties vaker voor hoogrisico-kalveren geschikte bedrijven en veehouders kiezen. Dat zou nog veel verder ingevoerd kunnen worden, met duidelijke scheiding van bijvoorbeeld A+ tot B-kalveren en kalverhouders die daar het beste bij passen. Bij een transparant systeem kunnen dierenartsen ook beter inspelen op de situatie en de specifieke vragen die er zijn.”De sector gaat de komende jaren minder kalveren van ver halen. Een goede ontwikkeling voor de gezondheid?“Ik ben ervan overtuigd dat niet de afstand, maar de condities bepalend zijn voor de gezondheid en het welzijn van de kalveren. Het mooiste voorbeeld zijn de kalveren uit Ierland. Ze zijn het langst onderweg, maar hebben de minste antibiotica nodig. De weerbaarheid van de kalveren zelf is belangrijk en Ierse kalveren zijn gewoon sterk. We zien dat ook Belgische kalveren het de laatste jaren veel beter doen dankzij de BVD/IBR-vrije status daar.”Hoe kijkt u naar de eigen beroepsgroep? Blijven er voldoende dierenartsen?“Dat is echt een groot probleem. De afgelopen jaren zijn al veel collega’s uit België gekomen, maar daar redden we het ook niet meer mee. Veel afgestudeerden van de faculteit hebben nogal wat eisen wat betreft werkuren en vrije tijd en een baan als landbouwdierenarts is dan niet aantrekkelijk. Ook liggen de salarissen echt niet hoog, zeker voor beginnende dierenartsen. Ik zou niet weten hoe dit is op te lossen.”Dierenartsen uit verre landen halen, net als ziekenhuizen doen?“Misschien is dat de oplossing, ik weet het niet. Maar als er niets verandert, heeft niet alleen de vleeskalverhouderij maar hele veehouderij een groot probleem.”Beter advies door inzet van managementsysteem VetviewThewi heeft een eigen administratie- en managementsysteem genaamd Vetview. Daarmee heeft het bedrijf van alle klanten het gebruik van middelen en behandelingen in beeld en kan op basis daarvan analyses maken over inzet en effectiviteit.Het streven is na elke ronde een analyse uit te draaien van alle verstrekte handelingen en middelen. Met de dierdagdoseringen wordt de situatie op individueel niveau en koppelniveau inzichtelijk gemaakt en vergeleken met het gemiddelde bedrijf.Door het volgen van kalveren die meermaals zijn behandeld, zijn ondersteunende adviezen opgesteld om groeivertraging te verminderen en welzijn te verbeteren.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses










Ik heb het beeld dat eerstejaars studenten in utrecht opgebutst worden tegen de gangbare dierhouderij. Vegan universiteits medewerkers enz. Laat iedere student standaard leren voor landbouwdierenarts en diegene die door willen met huisdieren/paarden moeten twee jasr extra naar school. Misschien dat er dan meer landbouwdierenartsen komen.