Cruciale week voor Brabantse veehouderij

Foto: Bert Jansen
Grote agribusinessbedrijven zijn zeer kritisch over de plannen van Brabant om tot een versnelde verduurzaming van de sector te komen.Het is een bijzonder spannende week voor de intensieve veehouderij in Noord-Brabant. Vrijdag 7 juli zullen Provinciale Staten zich uitspreken over het voorstel van Gedeputeerde Staten tot een versnelde transitie van de duurzame veehouderij. De sector is bang dat vele honderden bedrijven de deuren zullen moeten sluiten als het aangescherpte beleid wordt ingevoerd. Opvallend is dat ook partijen als Rabobank, Agrifirm, Vion en De Heus zich publiekelijk zeer kritisch over de Brabantse plannen uitlaten.Stikstofeisen en stalderen zwaarste pijnpuntenMet name het voorstel om in plaats van in 2028 al in 2022 alle stallen aangepast te hebben aan de geldende stikstofeisen zorgt voor veel ophef. Stallen die niet voldoen aan het Besluit emissiearme huisvesting moeten zelfs al in 2020 aangepast zijn. De grote ophef is vooral een gevolg van het opzijschuiven van het convenant dat de provincie met ZLTO had gesloten om de uitstoot te verminderen. Uiterlijk 2028 zouden volgens dat convenant alle stallen aangepast zijn. Het stalderen is een ander onderdeel van de GS-plannen waar veel onrust over is ontstaan. Voor een nieuwe stal van 100 vierkante meter zal er elders 110 vierkante meter stal gesloopt moeten worden. Voor beide maatregelen geldt dat het veehouders op korte termijn stevig op kosten jaagt, terwijl het investeringsplan gebaseerd is op de eerdere einddatum van 2028.Lees ook: Nergens zo streng als in varkensprovincie BrabantGS: veehouderij grootste vervuilerVolgens milieugedeputeerde Johan van den Hout, die samen met zijn landbouwcollega Anne-Marie Spierings verantwoordelijk is voor de verduurzamingsplannen, is het onzin dat heel veel boerenbedrijven failliet zouden gaan door deze versnelling van de verduurzamingstransitie. Van den Hout stelt dat het hooguit gaat om zo’n 600 tot 700 bedrijven die voor 2022 zullen stoppen. “Terwijl wij meer dan 10.000 landbouwbedrijven hebben in onze provincie.”Van den Hout lijkt hier overigens alle bedrijven op één hoop te vegen. Volgens statistiekbureau CBS had Brabant in 2016 ruim 2.100 ‘hokdierbedrijven’. Als er 700 bedrijven zouden stoppen, zoals Van den Hout zegt, gaat een derde van de sector in de provincie – min of meer gedwongen – stoppen.De milieugedeputeerde vindt de maatregelen desondanks alleszins acceptabel, omdat volgens hem de veehouderij de grootste vervuiler is en dat daarom deze versnelde invoering van de maatregelen noodzakelijk is.‘Dit is voor ons financieel niet meer op te brengen’
Varkenshouder Henriëtte Driessen voelt zich ‘gepakt’ door de Brabantse politiek. Volgens haar gevoel hebben zij en haar man Henny altijd alles zo goed mogelijk gedaan. Vier van de vijf stallen zijn al aangepakt en de laatste zou ook voor 2028 aanpast zijn. Maar er heerst nu twijfel over het voortbestaan van het varkensbedrijf.
Vanwege het gevoelde onrecht dat haar en haar man wordt aangedaan was Henriëtte vrijdag 23 juni een van de insprekers voor Provinciale Staten over de versnelde verduurzamingsplannen van Gedeputeerde Staten. Met een duidelijke brok in de keel zei de varkensboerin in het provinciehuis tegen de Statenleden: “We hebben een bedrijf dat voldoet aan de verwachtingen van de maatschappij , steeds met kleine stappen uitgebreid. We zijn klaar tot 2028. Met de nieuwe plannen moeten we nu in 2022 al overal luchtwassers installeren, dat is een bijzonder grote investering. Dan valt het doek en zitten we met een restschuld bij de bank.” Henriëtte Driessen (50) houdt met haar man Henny 500 zeugen in Someren. - Foto: Bert JansenWat haar het meest tegen de borst stuit, is het feit dat gemaakte afspraken aan de kant worden geschoven. “Er is een convenant om de uitstoot te verminderen, dat is destijds met ZLTO gesloten. Wij als agrarische sector houden ons aan de afspraken, maar voor de gedeputeerden Spierings en Van den Hout gaat het niet snel genoeg.”
Niet alleen het vervroegen van de afspraken, maar ook een fikse verscherping van de regels zit Driessen dwars. “Het gaat niet meer om uitstootvermindering van je totale bedrijf, maar van elke stal apart. Daardoor moeten ook bij ons de stallen met een Groen Labelsysteem voor 1 januari 2022 aangepast zijn met een luchtwasser. Voor veehouders die willen uitbreiden, gelden strengere normen voor de BZV (Brabantse zorgvuldigheidsscore veehouderij) en ze moeten elders ruimte kopen door de komst van staldering.”
“Daarnaast moeten in de varkenshouderij ook nog eens elke vijftien jaar de stallen aangepast zijn aan de nieuwste technieken. Ik vraag me echt af of dit allemaal voor de sector en voor ons financieel nog op te brengen is.”
Alle hoop van Driessen is gevestigd op leden van de Brabantse Provinciale Staten; die moeten volgens haar de plannen van Gedeputeerde Staten blokkeren.Twijfel bij StatenledenTijdens de ‘informerende en oordeelvormende’ PS-vergadering op 23 juni liepen de politieke reacties via de gebruikelijke lijnen van coalitie en oppositie. VVD, PvdA, D66 en SP zijn voor, de oppositie is tegen. Statenlid Wouter Bollen (VVD): “Landbouw is een belangrijke sector, duurzaamheid hoort daar bij.” Toch lijkt er wel onzekerheid in te sluipen bij de Statenleden. Of dat te maken heeft met de twintig insprekers die voornamelijk tegen de plannen waren of door het massale boerenprotest voor het provinciehuis is onduidelijk, maar feit is dat de Statenleden – heel opmerkelijk – een tweede bijeenkomst over de versnelde transitie duurzame veehouderij hebben gehouden op 30 juni; ook daar gaven meer dan tien insprekers hun mening over de plannen.De Brabantse plannen met de veehouderij brengen veel boeren op de been. Hier protesteren boeren voor de deur van het provinciehuis in Den Bosch. - Foto: Bert JansenAgrifirm: Brabant schaadt veesectorEen opmerkelijke inspreker op 23 juni – tussen de vele boeren en enkele milieuactivisten – was Agrifirm-directeur Ruud Tijssens. Bedrijven zoals Agrifirm mengen zich zelden publiekelijk in een politieke discussie. Tijssens vindt de Brabantse plannen onverantwoord: “Er is een transitie gaande die schadelijk is voor de veehouderijsector. Deze plannen gaan tussen € 300 miljoen tot € 800 miljoen extra investeringen vergen. Ik vraag me oprecht af of deze investeringscapaciteit aanwezig is in de sector.” Vion: hou vast aan 2028Frans Stortelder, de varkensvlees-topman van Vion is evenals zijn Agrifirm-collega negatief over de Brabantse plannen. Stortelder: “De varkenshouderij heeft de afgelopen jaren grote stappen gezet, veel groter dan door menigeen voor mogelijk werd gehouden. Zo is de ammoniakuitstoot de afgelopen 25 jaar met 80% gedaald en de fijnstofuitstoot met meer dan 60%. Mede gezien het feit dat de Brabantse varkenshouderij voorloopt op de afspraken op het gebied van uitstoot, zou de oorspronkelijke streefdatum van 2028 behouden moeten blijven.”Brabantse veehouders krijgen steun gemeenten
Zeventien gemeenten in Noordoost-Brabant hebben zich aangesloten bij kritiek op plannen van de provincie om strengere eisen op te leggen aan veehouders. De gemeenten vinden dat maatregelen om de ingrijpende gevolgen daarvan voor boeren te beperken, onvoldoende zijn uitgewerkt. Ze vragen Provinciale Staten in een brief om het besluit uit te stellen.
De zeventien gemeenten vrezen voor de gevolgen in hun regio waar boeren maar ook diens afnemers en toeleveranciers een sleutelpositie hebben in de economie, schrijven ze. Als voorbeeld noemen ze veehouders die geen toekomst meer hebben en waar concreet nog niks voor is geregeld. Het is een echo van eerdere kritiek van boerenorganisatie ZLTO.
De brief is namens de regio Noordoost-Brabant ondertekend door de Bossche CDA-burgemeester Ton Rombouts.
ANP-BoerderijEerste scheurtjes in de coalitieDoor alle commotie over de plannen lijken er langzamerhand wat scheurtjes te komen in het coalitieblok. Met name de VVD-Statenleden staan zwaar onder druk. Enkele Brabantse VVD-afdelingen hebben hun collega’s in PS nadrukkelijk opgeroepen tegen de verduurzamingsplannen te stemmen. Fractievoorzitter van VVD Deurne Jeroen van Lierop spreekt in een open brief zijn afkeuring uit over het GS-voorstel en zijn teleurstelling over het standpunt van VVD Brabant. Zijn belangrijkste motief is dat er al afspraken waren gemaakt met de sector om tot 2028 de bedrijven aan te passen die nu ineens opzij worden geschoven. Ook de VVD-afdeling Someren wil dat VVD Brabant tegen de GS-plannen stemt.Interesse in Brabantse aanpakDe landelijke politiek reageert wat voorzichtig op de versnelde verduurzaming in Noord-Brabant. Linkse partijen zouden de voortvarendheid van Noord-Brabant om in te grijpen in de veehouderij graag overnemen, maar met het demissionaire kabinet van VVD en PvdA is daar op dit moment geen ruimte voor. Brabant verwacht dat 600 tot 700 intensieve veehouderijbedrijven voor 2022 zullen stoppen. Dat komt neer op ongeveer een derde van alle 'hokdierbedrijven' in de provincie. - Foto: Ruud PloegStaatssecretaris Martijn van Dam van Economische Zaken maakt wel gebruik van de beperkte mogelijkheden die hij heeft, via de afspraken die in het kabinet zijn gemaakt met de VVD. Van Dam stuurde zijn voorstel voor een Wet veedichte gebieden daarom niet naar de Tweede Kamer, maar maakte zijn plannen wel openbaar via een internetconsultatie, waarop iedereen die dat wilde een reactie kon geven.Ingrijpen in omvang veehouderijDe voorgestelde Wet veedichte gebieden moet regionale overheden nog meer mogelijkheden geven om in te grijpen in de omvang van de veehouderij als de leefbaarheid van het platteland in gevaar komt. Het moet provincies ruimte bieden om grenzen te stellen, als de bestaande regelgeving op gebied van omgeving en milieu geen mogelijkheid meer biedt om de veehouderij te begrenzen. Noord-Brabant juicht deze extra mogelijkheid toe, andere provincies en het Inter Provinciaal Overleg (IPO) houden zich enigszins op de vlakte. IPO zegt verduurzaming van de landbouw een belangrijke regionale opgave te vinden. Provincies hebben in de ogen van IPO voldoende mogelijkheden om de kwaliteit van de leefomgeving te reguleren. Het overleg constateert wel dat de verwevenheid van intensieve veehouderijen en omwonenden zo groot is in delen van Brabant dat daar de problematiek met bestaande instrumenten niet goed is op te lossen. De Interimwet veedichte gebieden zou daar een laatste redmiddel kunnen zijn, stelt IPO.Mede-auteurs: Jan Braakman, Jan Cees Bron en Mariska Vermaas
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









