Boeren bezorgd over opmars Amerikaanse rivierkreeft

Laatst bijgewerkt:
Foto: Roel Dijkstra

Foto: Roel Dijkstra


Wil je reageren? Maak dan gratis een account aan!

De muskusrat is verslagen, maar een nieuwe schadelijke exoot teistert nu het veenweidegebied: de Amerikaanse rivierkreeft. Boeren hebben er schade van aan hun sloten en slootkanten. Een reportage uit de Krimpenerwaard.De rode Amerikaanse rivierkreeft is met een grote opmars bezig in Nederland en is een plaag in sloten in het Groene Hart. Het beest voelt zich thuis in dit waterrijke gebied, dat veelal bestaat uit smalle percelen met slootjes, vaarten en watergangen. De boeren in het veenweidegebied maken zich zorgen, want na de succesvolle bestrijding van de muskusrat ondergraaft deze uitheemse diersoort oevers en kaden, vertroebelt het water en vreet alle waterplanten op. “Kijk eens hier”, roept Gerrit Speksnijder, melkveehouder in de Krimpenerwaard. Hij tilt een fuik uit de sloot tegenover zijn bedrijf, Kaasboerderij Speksnijder in Lekkerkerk. In het net krioelt het van donkerrode Amerikaanse rivierkreeften, groot en klein. Hij heeft negen vallen geplaatst rondom zijn erf. “Het is een sluipmoordenaar. Ze graven gangen tot wel een meter en het gaat zo geleidelijk dat je het niet doorhebt. Ze leven vooral onder water.” Tekst gaat verder onder de foto's.
Melkveehouder Gerrit Speksnijder in Lekkerkerk haalt een fuik op met rivierkreeften. - Foto's: Roel DijkstraDe Amerikaanse rivierkreeft kan zich ook op land goed redden. Het loopt met opgeheven scharen op zoek naar watergangen om eitjes te leggen.De kreeften graven gangen en ondermijnen zo de slootkanten.Verspreiding rivierkreeften IndammenDe waterschappen zoeken naar manieren om de verspreiding van de dieren in te dammen. Er is nog veel onduidelijk over deze exoot. Een ding staat buiten kijf, de rode Amerikaanse rivierkreeft is een opportunist. Hij plant zich razendsnel voort en gedijt onder veel verschillende omstandigheden. Het Hoogheemraadschap van Schieland en Krimpenerwaard deed dit voorjaar onderzoek op 100 locaties in het waterrijke gebied tussen Rotterdam, Gouda, Schoonhoven en Zoetermeer. Onderzoekers van het adviesbureau ATKB plaatsten drie weken achtereen 120 vallen per dag om de beesten te tellen, sorteren en te meten. Omdat de hoeveelheid gevangen kreeften geen invloed had op de totale populatie werden de beesten daarna weer teruggezet. Er leven naar schatting honderdduizenden kreeften in het beheersgebied van het waterschap. Beleidsadviseur van het waterschap Johan van Tent: “Als we weten hoeveel en waar ze voorkomen krijgen we meer inzicht in de verspreiding. Mogelijk helpt het ook om te begrijpen waarom op bepaalde plaatsen de kreeften wel of niet voorkomen.”Hij maakt zich vooral zorgen over de invloed van de kreeften op de waterkwaliteit. “Het is een allesvreter, woelt de bodem om en vertroebelt het water. Ook eet het dier larven van vissen, libellen en amfibieën. Al deze aspecten verstoren de ecologische balans en zorgen voor een verslechtering van de waterkwaliteit.”Kreeftenvisser werkt mee aan onderzoek waterschapKreeftenvisser Jan de Waard (60) is beroepsvisser en werkte mee aan het onderzoek van het waterschap. De kreeft valt onder de Visserijwet en je hebt een vergunning nodig om erop te mogen vissen. Voor het vissen heeft hij ook toestemming nodig van de beheerders. Dat zijn in de Krimpenerwaard vooral boeren. “Ik heb als beroepsvisser 250 hectare water. Iedereen praat er makkelijk over maar het is moeilijker dan je denkt. Niet iedere boer wil een vreemde op zijn land.” Gelukkig mocht De Waard bij de kaasboerderij van Speksnijder een paar kreeftenkorven uitzetten: “Als je een fuik zet en je haalt die een dag later weer op, dan zie je pas hoeveel er hier leven.”Ook de beheerder van de sloten mag er op vissen. Voor de 63-jarige Speksnijder komt dat goed uit, want het vangen van de beesten is zijn hobby. Bovendien heeft hij er nu alle tijd voor want de kaasmakerij is begin dit jaar overgenomen door zijn zoon Jan (34) en diens partner Jan Herm Bokdam (33). Tekst gaat verder onder de foto's.
Melkveehouder en kaasmaker Jan Herm Bokdam (33) (r.) en melkveehouder Jan Speksnijder (34) runnen Kaasboerderij Speksnijder in Lekkerkerk. Ze hebben 90 melkkoeien en 50 jongvee op 50 hectare. Ook hebben ze een kaaswinkel aan huis. De mannen hebben grootste plannen met de kaasboerderij en ‘ja, dan is er natuurlijk geen tijd om je druk te maken over de opmars van de rivierkreeft in de slootjes in je achtertuin’, zegt Bokdam.Er zijn wel zes verschillende soorten Amerikaanse rivierkreeft. Ze zijn op verschillende manieren geintroduceerd in Nederland. Gevangen Amerikaanse rivierkreeften. De dieren zijn goed eetbaar. De staart is een delicatesse.Rivierkreeft is sluipend gevaarDe mannen hebben grootste plannen met de kaasboerderij en ‘ja, dan is er natuurlijk geen tijd om je druk te maken over de opmars van de rivierkreeft in de slootjes in je achtertuin’, zegt Bokdam. Ze zijn dan ook blij met de inzet van Speksnijder senior. Want dat het beest een sluipend gevaar is, daarvan zijn ze overtuigd. Jan Speksnijder: “De sloten zijn leeg, er ligt geen kroos meer in en als je dan terug gaat denken, dan was dat vroeger niet zo. De balans is zoek.”Gerrit Speksnijder vindt de sloten wel mooi, zo zonder kroos, maar wordt meteen terechtgewezen door zijn zoon. “Je krijgt bagger in de sloten, het drinkwater van de koeien gaat achteruit. Dat is niet positief. Waterplanten maken het water schoner en die zijn er bijna niet meer. Daarnaast loopt ook de biodiversiteit terug.”Bokdam: “Echte natuurlijke vijanden heeft het beest niet. Voor ziektes die kreeften treffen die hier thuishoren, is deze uitheemse gast resistent. Het is een onzichtbaar gevaar, een plaag die zich steeds verder uitbreidt. Daarom is het goed dat er meer onderzoek komt en dat we meer inzicht krijgen. Dat zet ook weer meer mensen aan het denken.”Zes soorten exotische rivierkreeftenHet is voor de boeren een mysterie, een exoot die hier toevallig is terechtgekomen. Maar zo toevallig is het niet. Het is een van de inmiddels zes exotische rivierkreeften die zich in ons land hebben gevestigd en zoals zo vaak met exoten speelt de consumentenhandel een grote rol. De staart van het kreeftje is een lekkernij in vissalades en de rode kreeften worden ook in aquaria gehouden.Je kunt ze gewoon levend kopen bij de groothandel. Bram Koese, aquatisch bioloog van Naturalis, vertelt dat een restauranthouder in Den Haag in 1985 een proefpartij uit Kenia kreeg. “De dieren waren echter te klein om te eten en de restaurateur liet ze uit mededogen vrij. Maar er zijn inmiddels meer bronnen van introductie.”Voor de beesten is het veenweidegebied een ‘gespreid bedje’. Koese: “Het is zompig en ze graven er zich gemakkelijk doorheen. Met gemiddeld 800 eieren per vrouwtje planten ze zich razendsnel voort. Ze kunnen niet goed tegen kou en de klimaatverandering speelt ze zeker in de kaart.”Het waterdier plant zich als een ‘malle’ voort, weet ook Speksnijder. “Ze lopen hier op de weg – vooral als het heeft geregend – met opgeheven scharen te knippen op zoek naar watergangen om eitjes te leggen. Ik heb ze wel gevonden met honderden piepjonge kreeftjes onder de staart.”Schade aan slootkantenHet beest gedijt hier zo goed dat de boeren er meer en meer schade van ondervinden. Ze graven gangetjes en holletjes op de waterlijn tot gemiddeld 50 centimeter diep en perforeren de slootkanten.De schade is goed te zien op het perceel van buurman Jan Nobel (48) van Stal Nobel. Zijn paarden lopen op het land naast de kaasboerderij en de slootkanten zijn echt uitgehold. Er zijn gewoon stukken land verdwenen. “Het is net bros chocola”, zegt Bokdam. Het kalft langzaam af. Nobel: “Het grote probleem is dat je hele vierkante meters grond kwijtraakt en dus ook plaatsingsruimte voor je gewas en mest, niet te vergeten. Als je gek bent op water word je visser en geen landbouwer, om het maar zo te zeggen.” De economische schade is lastig te becijferen, maar groot. “Je hebt een sloot van 500 meter lang en je raakt aan weerskanten een meter kwijt, dan heb je het over 1.000 m2 en dat is serieus geld.”In tien jaar tijd zijn we hier 5% van ons land kwijtgeraaktNobel probeert de rekensom te maken: “Als ik het simpel houd dan zorgt de kreeft ervoor dat we hier in tien jaar tijd 5% van ons land zijn kwijtgeraakt. Nou, reken maar uit, 1 hectare grond kost hier gemiddeld € 60.000. Bovendien zorgt al dat gewroet van de rivierkreeften voor veel meer slib, dus heb je extra kosten voor baggerwerk.”BestrijdenWat moet je ermee en hoe kom je er vanaf? Voor de boeren in Lekkerkerk is het antwoord niet eenduidig. Nobel hoopt dat de natuur zelf een nieuw evenwicht kan creëren. Dat er toch een ziekte of plaag uitbreekt, of dat verschillende diersoorten ze toch op het menu zetten. “Ik was afgelopen dagen aan het baggeren en dan zie je in een mum van tijd kraaien, meeuwen en ooievaars en die pakken ze. ’s Avonds zag ik dat de ooievaar ze al uit de slootkant opviste. Dus wellicht bestaat er een kans dat de natuur het oppakt, maar is het dan niet te laat?”, vraagt hij zich af. “Misschien moeten we hier aan de kreeftensoep”, suggereert Bokdam. De horeca biedt wel uitkomst, al is het mondjesmaat. Kreeftenvisser Jan de Waard verkoopt veel van zijn kreeften aan de groothandel en restaurants, maar door corona is die route stilgevallen.Jan Speksnijder: “De muskusrat is hier eindelijk onder controle, maar deze kreeft gaat veel geleidelijker en stiekemer te werk en wordt zwaar onderschat. Het is dan ook goed dat er meer aandacht voor komt. Het probleem is veel groter dan je denkt. Dat besef moet hier en daar wel doordringen.”Het wordt volgens de waterspecialist Van Tent sowieso lastig om het beest te bestrijden. “Het zal in ieder geval heel veel werk zijn, dus ook veel geld kosten. De vervolgvragen zijn meer politiek. Hoe groot is de schade en wie is daarvoor verantwoordelijk? Om na te denken over een oplossing moeten we allereerst veel meer te weten komen over deze beesten. Mogelijk ligt in de natuur – ze worden toch opgegeten door verschillende predatoren – wel de oplossing om de rivierkreeften onder controle te krijgen.”Schade herstellen: kosten wegen niet op tegen batenVolgens de aquatisch bioloog Koese moeten we ons er misschien wel bij neerleggen. “Bij de muskusrat was duidelijk dat repareren van de schade vele malen duurder zou worden dan de bestrijding van de beesten. Maar bij de rivierkreeft ligt die verhouding – ondanks de schade die ze aanrichten – heel anders.”Uit een pilot van adviesbureau ATKB blijkt dat kosten niet opwegen tegen de baten. De gewenste inspanning is onbetaalbaar. Koese: “Je kan er vier keer de KLM mee redden, zeg maar. Bovendien graven ze wel, maar het is toch niet te vergelijken met de ravage die muskusratten aanrichten. Ook is er (nog) geen veiligheidsrisico als het gaat om de dijken en waterkeringen.”Ondertussen heeft Gerrit Speksnijder de pest in, want hij heeft zijn vangemmer niet goed afgesloten. Nu zijn er weer vijf kreeften ontsnapt.

Dit artikel is alleen voor abonnees

Al geabonneerd? 

Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement


Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen

Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen

Vorm je eigen mening met opinies en analyses


Bekijk aanbod

Snel delen


Dagelijkse nieuwsbrief


Reacties

Je bent niet ingelogd


Log in of maak binnen 30 seconden een account aan

Reageer op artikelen en deel je mening met anderen.