Redactieblog

1626 x bekeken 1 reactie

'Nederland achter met toelatingsmethode middelen'

Regelgeving verhindert inzet van duurzame gewasbeschermingsmiddelen, vindt Jacco van der Wekken.

In de land- en tuinbouw is het algemeen bekend dat de omslag naar het gebruik van meer duurzamere gewasbeschermingsmiddelen wenselijk is. Wat velen zich niet realiseren, is het feit dat ­Nederland hier in een achterstandsituatie dreigt te komen ten opzichte van het buitenland.

Toelatingssysteem onbruikbaar voor 'groene' gewasmiddelen

Dit wordt veroorzaakt door het toelatingssysteem van middelen. De manier waarop dat in Nederland is vormgegeven, past goed voor chemische middelen, maar is totaal onbruikbaar voor ‘groene’ of natuurlijke middelen.

De prijssetting van nieuwe middelen die beschikbaar komen, vindt plaats volgens de economische wetmatigheid: ‘prijzen van producten worden bepaald door wat de klant bereid is te betalen’.

Duur toelatingssysteem dempt concurrentie en beschermt producenten

In ­zekere zin heeft het zeer complexe en dure Nederlandse systeem van toelating als effect dat de marktpartijen via dit systeem hun economische ­belangen kunnen bewaken. De vrije concurrentie wordt door het systeem gedempt. In het buitenland hebben de telers en hun belangenorganisaties een veel actievere rol bij de toelating van middelen en bestaat er een andere benadering.

Er is een juridisch eigenaar van een middel of de werkzame stof die in een middel zit. Bij chemische producten is dat meestal een groot chemisch concern. Na het verkrijgen van de toelating wordt die partij toelatingshouder van het middel. Die partij hanteert een verdienmodel dat het mogelijk moet maken om na de toelating winst te maken met het verhandelen van het product. De telers zijn in dit proces geen partij, behalve dan dat ze uiteindelijk als klant de producten mogen ­kopen en betalen.

De telers zijn in dit proces geen partij, behalve dan dat ze uiteindelijk als klant de producten mogen ­kopen en betalen.

Groene middelen lastig te patenteren

Veel groene middelen zijn natuurlijke middelen. Dit zijn vrije producten waarvan geen eigenaar aangewezen kan worden. Grote concerns proberen soms wel dit soort producten te patenteren, maar dat lukt in veel gevallen niet. Het probleem is vervolgens dat als zo’n groen middel wel een toelating nodig heeft, maar geen eigenaar heeft, het onmogelijk legaal op de markt beschikbaar kan komen.

Duurzamere gewasbescherming

Dit probleem moet opgelost worden, om de volgende stap in een duurzamere gewasbescherming te kunnen zetten. Een oplossing ligt in het nieuw ontwikkelen van een zogenaamde ABAV-lijst. ABAV is de afkorting van ‘Algemeen Beschouwd Als Veilig’, naar voorbeeld van de GRAS-list (Generally Recognized As Safe) in de Verenigde Staten. Veilig houdt in: veilig voor mens en milieu. Ook in Zwitserland en Duitsland wordt met dergelijke lijsten gewerkt en spelen telers en hun organisaties hier een grote rol bij.

Producten van zo’n ABAV-lijst die dus veilig zijn voor mens en milieu, kunnen dan in de Nederlandse gewasbescherming vrijelijk worden gebruikt. Als er voor de telers, maar ook voor de fabrikanten van ABAV-producten, handelingsvrijheid komt, geeft dit een grote impuls aan de technische ontwikkeling van deze producten. Van hieruit kan de volgende stap worden gezet naar een duurzamere gewasbescherming.

Eén reactie

  • Bertus Buizer

    Goed punt van Jacco van der Wekken!

    In dit verband speelt ook een ander aspect. Het huidige toelatingsbeleid van het College voor Toelating van Gewasbeschermingsmiddelen en Biociden (CTGB) volgt niet de maatschappelijke ontwikkelingen. Het beoordeelt alle middelen op basis van de werkzame stof. Bij de aanvraag van een toelating door een producent wordt daarvoor door de producent betaalt. Een chemisch gewasbeschermingsmiddel heeft meestal slechts één werkzame stof. Het mooie en bijzondere van natuurlijke gewasbeschermingsmiddelen is dat die meestal meerdere werkzame stoffen bevatten. Maar die zijn vaak complex en minder gemakkelijk te duiden. Zie: http://bit.ly/1NpiMaH

    Aanvraag voor toelating van natuurlijke gewasbeschermingsmiddelen kan volgens het huidige toelatingsbeleid dan ook flink in de papieren lopen. Terwijl het juist vaak kleinere bedrijven zijn met minder financiële mogelijkheden die die natuurlijke producten op de markt willen brengen en boeren en tuinders er om vragen!

    Het beleid van het CTGB moet dus nodig op de schop! Het CTGB denkt wellicht nog steeds - al dan niet door een sterke lobby ingegeven - dat als het de producenten van gewasbeschermingsmiddelen dient, het ook de landbouw impliciet een dienst bewijst. Maar dat idee heb ik nog nooit kies gevonden. En als het CTBG dan toch bezig gaat met saneren, laat zij dan ook haar lobby-bestendigheid toetsen.

Of registreer je om te kunnen reageren.