Zeug en biggen extra verwennen in kraamstal

Foto: Michel Velderman
De biggenproductie groeit met lagere geboortegewichten tot gevolg. Dit hoeft niet ten koste te gaan van de bigvitaliteit, mits de verzorging deugt. “Kraamstalzorg wordt veel belangrijker.”“Goede kraamstalzorg en dito biestvoorziening worden de komende jaren nog veel belangrijker op zeugenbedrijven”, zei Kasper Bekker, accountmanager vleesvarkens van veevoederbedrijf ForFarmers, tijdens de jaarvergadering van Varkens KI-Twenthe. De reden is de groeiende biggenproductie. Als de huidige productielijn doorzet, spenen zeugen in 2025 jaarlijks 34 biggen.Wegen van zeugen en biggenBekker riep de aanwezige varkenshouders daarom op aan de slag te gaan met kraamstalmanagement. Dat begint met het wegen van zeugen en biggen. Een zeug die op gewicht is, produceert uniformere en vitalere biggen dan een zeug die niet in de juiste conditie is en gaat bovendien langer mee. “Spekdikte meten is zinloos”, stelt Bekker. Door de productieverhoging stijgt het percentage kwetsbare biggen als de zeugenvoeding niet op maat is Basis vitale toom tijdens vorige lactatie zeugDe basis voor een vitale toom biggen wordt gelegd tijdens de vorige lactatie van de zeug; hoe komt ze uit de kraamstal? Dit gaat verder tijdens de dracht. De uniformiteit van de pasgeboren biggen geeft aan hoe goed de zeug verzorgd is de afgelopen vijf maanden. Wegen van pasgeboren biggen geeft daar een antwoord op. Momenteel weegt 16% van de biggen minder dan een kilo bij de geboorte. Door de productieverhoging stijgt dit percentage kwetsbare biggen als de zeugenvoeding niet op maat is. Zonder extra maatregelen van de varkenshouder valt in 2025 2,55 big per worp uit, blijkt uit de analyse van Bekker. Hier ligt tegelijk een kansUitval van 2,55 big per worp in 2025Zonder extra maatregelen van de varkenshouder valt in 2025 2,55 big per worp uit, blijkt uit de analyse van Bekker. Hier ligt tegelijk een kans. Met goede verzorging van de zeugen en veel aandacht voor de pasgeboren biggen is veel winst te halen. Afhankelijk van de opbrengstprijs brengt iedere gespeende big € 30 extra op, oftewel een euro per gespeende big per zeug per jaar. De biggenuitval reduceren kan echt, blijkt uit cijfers. Op een ‘goed’ bedrijf is de uitval de helft van een bedrijf waar men minder grip op de bigoverleving heeft. Vooral de eerste drie levensdagen van de biggen zijn van belang. Dan is de sterfte het hoogst.Extra ruimte voor biggenBekker begon zijn betoog met een rijtje zaken op zeugenbedrijven, die nog veelvuldig misgaan: slechte conditie van de zeugen, onjuiste vervanging van de zeugen, lage geboortegewichten, onvoldoende biest per big (170 gram per kilo big is de norm) overbezetting van de biggenstal of geen goede adaptatie van zeugen. Op het gros van de bedrijven kan het zodoende beter.Vooral extra biggenruimte lost veel problemen op, is de overtuiging van Bekker. Een extra biggenplaats per zeug kost ruwweg een euro per afgeleverde big per jaar. Bekker: “Over een enting van een euro per big hoor je niemand. Met extra ruimte is die enting mogelijk overbodig en draait het hele bedrijf lekkerder.”
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









