‘Veehouderijbeleid moet duurzamer’

Bouw van een nieuwe ligboxenstal in de Achterhoek. Uitbreiding van de rundveestapel is een heilloze weg, vindt Aale Osinga.
De veehouderij slaat met schaalvergroting een doodlopende weg in. Ombuigen naar een meer biologisch karakter is noodzaak, zegt Aale Osinga.In de tweede helft van de vorige eeuw maakte de Nederlandse landbouw een industriële ontwikkeling door. Sicco Mansholt, die in zes naoorlogse Nederlandse kabinetten minister van landbouw was en daarna EEG-landbouwcommissaris, heeft deze ontwikkeling sterk bevorderd. Hij streefde naar een goedkoop voedselpakket met behulp van landbouwsubsidies. Hiervoor waren productieverhoging, mechanisatie, automatisering en bedrijfsvergroting nodig. In de verschillende takken van de veehouderij ontstonden megabedrijven met veelal gepaard gaande verliezen aan dierenwelzijn. Dit manifesteerde zich met name bij legkippen, vleeskuikens (plofkippen), vleesvarkens en vleeskalveren. ‘De dieren hadden een naam en een eigen identiteit. Maar dat veranderde’.Eigen identiteitAls praktiserend dierenarts in een praktijk met topfokkers van het Fries-Hollandse rund, werd ik geconfronteerd met deze ontwikkeling. Geboren en getogen op een rundveefokbedrijf had ik ervaren hoe nauw fokker en dieren zijn verbonden. Een sfeer die ik in de praktijk veel heb geproefd. De dieren hadden een naam en een eigen identiteit. Maar dat veranderde. Ook runderen raakten in de greep van de bio-industrie. Horens werden verwijderd en soms zelfs de staart (het laatste werd naderhand terecht verboden). Kleinere veehouderijen verdwenen en megabedrijven deden hun intrede (in de laatste 60 jaar verdween bijna 90% van de rundveebedrijven). Inspecteur bij ministerie van LandbouwVoor mij was de bio-industrie de belangrijkste reden om de praktijk na 23 jaar te verlaten. Ik werd inspecteur bij het ministerie van Landbouw en bij het ministerie van Volksgezondheid en eindigde mijn ambtelijke loopbaan als veterinair milieudeskundige.In 1972 nam Mansholt afstand van het door hemzelf ontworpen groeimodel. Hij zag de bio-industrie als een doodlopende weg en milieubedreigend. Hij pleitte voor gezinsbedrijven in de rundveehouderij, maar kreeg geen politieke steun. De EEG ging door op de ingeslagen weg van bedrijfsvergroting. Afschaffing melkquotumToen bekend werd dat op 1 april 2015 het melkquotum zou worden afgeschaft, gingen verscheidene Nederlandse veehouders fors investeren in staluitbreiding. Maar meer koeien betekende ook meer mest. Dit leidde ertoe dat de voor Nederland toegestane jaarlijkse fosfaatproductie van 172,9 miljoen kilo in 2015 met ruim 8 miljoen kilo werd overschreden. Om aan de Brusselse richtlijnen te voldoen moeten nu minstens 160.000 koeien verdwijnen, via slacht of export.Varkens en kippenHet zijn echter niet alleen de runderen die de fosfaatproblematiek veroorzaken, maar ook varkens en kippen. Megabedrijven van deze dieren belasten tevens hun omgeving met fijnstof, dat voor omwonenden het risico op longontsteking vergroot.Zowel wat het milieu betreft als voor het maatschappelijk draagvlak, is een grens overschreden. Het laatste blijkt onder meer uit de maatschappelijke behoefte aan koeien in de weide. Het aantal megarundveebedrijven (volgens de Wageningse normen 250 koeien of meer) is in de laatste paar jaren verdubbeld. Vooral deze bedrijven houden koeien om praktische en economische redenen binnen.‘Er zijn op biologische bedrijven geen mestoverschotten’.Roer omgegooidEen deel van de boeren heeft het roer omgegooid en boert biologisch meer verantwoord. Het vee wordt niet alleen gezien als productiemiddel, maar als deel van het ecologisch systeem met zijn eigen intrinsieke waarde. In Nederland is het inmiddels een snel groeiende bedrijfstak. Er zijn op biologische bedrijven geen mestoverschotten. Veelal zijn het gemengde bedrijven, waar de koemest ten dele op het bouwland wordt aangewend. Daarmee houd je meer organische stof in de grond, waardoor de akker beter bestand is tegen droogte, aldus milieudeskundige professor Vellinga. Een reden waarom hij een gemengd bedrijf prefereert en de ontwikkeling tot megabedrijven in het dichtbevolkte Nederland als een heilloze weg beschouwt.WeidegangWeidegang op biologische veehouderijbedrijven is verplicht. De meerderheid van de Tweede Kamer heeft zich recent uitgesproken voor een wettelijk verplichte weidegang voor alle rundveebedrijven. Hieruit blijkt dat een groot deel van de Nederlandse samenleving een andere rundveehouderij voorstaat dan de variant die zich in ons land heeft ontwikkeld en nu fosfaat- en fijnstofproblemen oplevert.Ombuigen naar biologischHopelijk leidt dit alles tot het inzicht dat het veehouderijbeleid zich bevindt op een doodlopende weg. Ombuigen naar een meer biologisch karakter lijkt de aangewezen weg, waarbij de geproduceerde mest zonder dure fabrieksmatige verwerking kan worden aangewend op eigen Nederlandse grond en een duurzame veehouderij in harmonie met de omgeving ontstaat.
Aale Osinga, oud-dierenarts, inspecteur en veterinair milieudeskundige.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses








