Veehouder stoeit met verhouding gras en luzerne

Foto's: Twan Wiermans
Jan Jessen zaaide vorig jaar een mengsel van gras, klaver en luzerne. De opbrengst is prima.Achter op het erf van Jan Jessen in het Limburgse Einighausen ligt een flink aantal ronde balen opgeslagen. Het bevat de opbrengst van 3 hectare EiwitMax. Een mengsel van veredelingsbedrijf DLF dat bestaat uit 55% luzerne, 30% festulolium, 10% rode klaver en 5% witte klaver.Jan Jessen (53) heeft in Einighausen (L.) een veebedrijf met 110 melk- en kalfkoeien en 90 stuks jongvee. Hij noteert gemiddeld 9.600 kilo melk per koe, tegen 4,68% melkvet en 3,74% melkeiwit. Bij het bedrijf hoort 65 hectare grond (löss).De eerste balen zijn nu opgevoerd in het gemengde voer van de koeien. Jessen pakt een handvol uit een opengesneden baal en beoordeelt het. “Het is lang materiaal, het ruikt goed, en het is mooi fris.” Het is een mooie aanvulling op de derde snede van vorig jaar die Jessen omschrijft als ‘tabak’. Een mooie grassnede maar nul structuur. De balen vormen daar een prima aanvulling op. “Het is alleen jammer dat er door omstandigheden verhoudingsgewijs te veel gras in zit en te weinig luzerne.”In voorgaande droge zomers viel het me op dat bij andere telers de luzerne nog lang doorgingDe zoektocht naar een gewas bestand tegen droogte De Limburgse veehouder zocht vorig jaar een gewas dat wat meer eiwit zou kunnen brengen en vooral beter bestand is tegen de droogte. “In de voorgaande droge zomers viel mij op dat bij telers in de omgeving de luzerne nog lang doorging, terwijl het meeste gras allang gestopt was met groeien. In de vakbladen kwam ik dit mengsel tegen. Ik wilde dat zelf ook wel eens uitproberen in plaats van tijdelijk grasland.”Jessen heeft vorig jaar 3 hectare ingezaaid met EiwitMax, een mengsel van festulolium, klaver en luzerne. Hiermee wil hij meer eiwit halen en een gewas hebben dat beter bestand is tegen droogte.Tijdelijk grasland heeft Jessen vrij veel. Hij maakt geen gebruik van derogatie en rouleert veel met gewassen en ruilt ook uit met akkerbouwers. Daarbij is de verkaveling matig en heeft hij veel land op enige afstand. “Ik heb nu extra kosten van mestafzet, maar ik kan het hier in de directe omgeving goed en tegen een redelijke prijs kwijt. Als ik van derogatie gebruik maak, heb ik te veel grasland op afstand en dan moet ik vijf keer per jaar de loonwerker laten kuilen en bemesten.”“Ik heb het nooit uitgerekend maar ik schat dat die kosten gelijk zijn aan die van mestafzet. Ik ben gestopt met derogatie toen het grasaandeel van 70 naar 80% ging. Nu teel ik veel meer mais. Dat is veel eenvoudiger en brengt ook nog meer kilo’s droge stof dan grasland. Een deel van de oogst is opgeslagen in ronde balen. Deze kan Jessen naar believen bijvoeren naast de kuilen met te weinig structuur.3 hectare gras-/klaver-/luzernemengselNa de teelt van wintertarwe van vorig jaar – 4 hectare voor eigen gebruik – werd 3 hectare ervan klaar gemaakt voor de inzaai van het gras-/klaver-/luzernemengsel.Jessen: “Dat heeft de loonwerker gedaan. Ik had dat ook zelf kunnen doen met de graanzaaimachine, maar dan komt het toch wat ver uit elkaar te staan. Ik wilde de teelt in elk geval goed laten starten, door het dicht op elkaar met een graszaaimachine te laten zaaien.” De opkomst was prima, maar achteraf was de augustuszaai misschien te vroegDe kosten komen redelijk overeen met die van inzaai van tijdelijk grasland. Er is 45 kilo gezaaid en het mengsel kost dik € 5 per kilo. De overige kosten van grondbewerken, bemesten en zaaien wijken niet af van zaaien van gras. De opkomst was prima, maar achteraf was misschien de augustuszaai te vroeg. “Dat is in het voordeel van het gras, wat daardoor toen al enigszins de overhand kreeg.” De bezetting van festulolium en luzerne is nog niet optimaal. Er mag van Jessen wel wat meer luzerne in staan.Daarna volgde een zeer zachte winter en dat zorgde ervoor dat het gewas in het voorjaar te lang was om te bemesten met drijfmest. Jessen koos ervoor om een 250 kilo blend te strooien met 22% stikstof, 9% magnesium en 12% zwavel. “Eigenlijk is die stikstofbemesting weer in het voordeel van gras, maar je wilt toch iets geven.” 11 ton droge stof per hectareEind april maaide Jessen de eerste snede. Die ging in de kuil. Na de eerste snede is de eerste keer drijfmest gegeven. De tweede snede volgde 1 juni. 33 balen van zo’n 650 kilo kwamen er af. Met een geschat drogestofgehalte van 45 a 50% komt dat neer op iets meer dan 3 ton droge stof. Deze opbrengst was ongeveer gelijk aan die van de eerste snede. Toen de derde snede klaar was voor oogst was het weer te onbestendig. Daardoor moest Jessen lang wachten.“Pas op 12 juli konden we maaien. Toen zat er zeker wel 5 ton droge stof op. Dus alles met elkaar hebben we in de eerste drie sneden al zo’n 11 ton droge stof per hectare gewonnen. Daar ben ik zeker tevreden over.”Maaien van de derde snede. Hier is nog goed te zien dat het gras overheerst. De opbrengst is wel prima. In drie snedes is al 11 ton droge stof geoogst.Jessen maait het gewas met een trommelmaaier. Met de frontmaaier en een maaier opzij pakt hij 6 meter in een werkgang. De trommelmaaier geeft geen breed afleg, maar geeft ook niet een smal dik zwad. “Het houdt een beetje het midden.” De voederwaarde van de balen valt nog niet zo meeOm geen bladverlies van de vlinderbloemigen te veroorzaken, wordt er niet geschud. Het harken is de enige bewerking. Dan is het een keer gekeerd en ook in een luchtige rug droogt het gewas zeker nog na. De voederwaarde van de balen valt nog niet zo mee, net als veel tweede snedes graskuil in Nederland. Het gewas is in de droogte gegroeid en is daarom doorgeschoten. Het is snel verhout en het heeft weinig stikstof opgenomen. Met betere omstandigheden verwacht Jessen ook wel een betere voederwaarde.Het structuurrijke gras-/luzernemengsel is een mooie aanvulling op de zomerkuil die nauwelijks structuur bevat. 'Tabak', noemt Jessen het.Op het veld, op 2 kilometer afstand van het bedrijf, denkt Jessen hardop na: “Ik vind dat de zode nog te open is en dat er veel te weinig vlinderbloemigen staan. Ze zijn er wel, maar gras overheerst. Ik ga het maar eens uitdagen en geef geen bemesting deze keer. Eens kijken of ik de luzerne zo een duwtje in de rug kan geven.” Jessen is echter zeker niet ontevreden over het totaalplaatje. “De opbrengst is hoog, het gewas levert structuur. Nu moet ik alleen nog het aandeel luzerne verbeteren.”
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









