Varkensmarkt met 0-3 achterstand het nieuwe jaar in

Foto: Bert Jansen
Afrikaanse varkenspest en corona zijn meegegaan het nieuwe jaar in. Samen met de afleverachterstand bij de slachtvarkens is de start van 2021 lastig. Marktherstel wordt voorzien vanaf het voorjaar.Superlatieven vliegen in het rond zodra het over de varkensmarkt in 2020 gaat. Niemand kan zich heugen dat de varkens- en biggenprijzen zó hoog waren en nog hetzelfde jaar naar zo’n laag niveau zakten. Vooral de biggenprijs maakte een vrije val. Vermeerderaars zaten in februari op een voerwinst van € 1.800 per zeug op jaarbasis. En sinds november 2020 is voerwinst in de zeugenhouderij negatief, duidt Erik van der Hijden, mede-eigenaar van adviesbedrijf FarmAdvies, de situatie. Een jaar van extremen, 2020. Virussen en prop slachtrijpe varkensTwee virussen zetten de varkensmarkt afgelopen jaar op zijn kop: corona en Afrikaanse varkenspest (AVP). Het eerste virus was in ieder geval niemand op voorbereid. De schade die in de loop van 2020 is aangericht door AVP en corona, is begin 2021 in elk geval nog lang niet hersteld. Er zit nog een prop slachtrijpe varkens. Vooral Duitse mesters kunnen of durven geen biggen op te leggen, zodat Nederlandse vermeerderaars ermee blijven zitten en noodgedwongen afzet moeten vinden in Spanje. De varkenshouderij gaat zodoende in 2021 met een 0-3 achterstand de wei in. Tekst gaat verder onder de foto‘s.
Voor zeugenhouders is het eind 2020 even doorbijten. De voerwinst is zelfs negatief. De eerste tekenen van marktherstel dienen zich echter aan. - Foto: Bert JansenDe vleesvarkenshouders hebben financieel een goed jaar achter de rug. Door corona liep de afzet wel stroef en kregen boeren meer gewichtskorting voor hun kiezen. - Foto: Roel DijkstraBovengemiddelde voerwinsten in 2020Inzoomend op de voerwinsten, zal 2020 de boeken in gaan als een bovengemiddeld jaar voor de varkenssector. Zeker voor vleesvarkenshouders. De voerwinst komt hoogstwaarschijnlijk boven de € 100 per varken uit. Dat is in 2019 ook gebeurd, en daarvoor in 2009. De 100 euro-grens wordt dus niet vaak overschreden door vleesvarkenshouders.Voor de zeugenhouderij wordt uitgegaan van en voerwinst van iets meer dan € 700 per zeug. Dat is nog flink boven de landelijke begrotingsnormen voor de komende jaren, waarbij € 587 voerwinst per zeug wordt gehanteerd.Toch is de stemming vanzelfsprekend flink gedaald onder zeugenhouders. De voerkosten worden eind 2020 niet eens meer vergoed, mede doordat de voerprijs stijgt. Rabobank gaat ervan uit dat soja in 2021 20% duurder is dan afgelopen jaar. En op kortere termijn is geen zicht op krachtig herstel van de biggenmarkt. Zeugenbedrijven die te maken kregen met tijdelijk tegenvallende productie of een flinke investering deden met hun spaargeld, krijgen nu de bodem van de kas weer in zicht, signaleert Van der Hijden. Maar van liquiditeitsproblemen op grote schaal is geen sprake in de zeugenhouderij, verklaart René Veldman, sectorspecialist varkenshouderij van Rabobank. Veldman: “In de tweede helft van 2020 heeft een varkenshouder circa € 200 per zeug moeten bijleggen. Maar een normaal renderend bedrijf kan dat opvangen. We krijgen nog nauwelijks verzoeken om bij te financieren.”Willem Berkers (27) heeft in vennootschap met zijn ouders een gesloten varkensbedrijf met 400 zeugen in Grashoek (L.). - Foto: Bert JansenWillem Berkers: investeringen beter over langere periode moeten uitsmerenIn vennootschap met zijn ouders kocht Willem Berkers eind 2019 een gesloten varkensbedrijf van een collega die aan het afbouwen was. Hij miste een volledige productieronde afgelopen voorjaar, omdat de vorige eigenaar al veel zeugen had verkocht. In de wintermaanden zijn wel varkens geleverd en sinds halverwege 2020 zit het gewenste ritme in de productie. Zodoende is gedeeltelijk geprofiteerd van de hoge varkensprijs begin 2020. Berkers kon de varkens steeds goed kwijt, tot in Duitsland AVP werd gevonden. Medio december begint de afzet weer vlotter te lopen. Niettemin wegen de varkens dan nog zo’n 105 kilo geslacht. Voor de beren betekent dat een flinke gewichtskorting. Op het bedrijf waar Berkers nu boert, zit veel achterstallig onderhoud. Ze hebben een asbestdak gesaneerd en veel geld gestoken in stalinrichting en de voerkeuken. Dat was afgesproken. Berkers: “Als ik wist dat de varkensprijs zó sterk zou zakken, had ik de investeringen over een langere periode uitgesmeerd.”De jonge varkenshouder is enigszins verbolgen over de rigide toepassing van de regels voor coronasteun aan ondernemers. Omdat hij pas een jaar draait, is er geen aantoonbaar omzetverlies met voorgaande jaren. Dus krijgt hij geen steun. Berkers: “Ik begrijp de regels, maar baal er wel van. Als starter of snel groeiend bedrijf vis je altijd achter het net.”Ondanks deze tegenvaller houdt de jonge varkenshouder de moed erin. In de stal draait het zoals gehoopt. Om kosten te besparen, koopt hij sinds december het zeugenvoer bij online platform mijnvoer.nl. Voor hij deze stap zette, heeft hij eerst diverse collega’s gepolst. En vooruitblikkend op 2021 ziet de varkenshouder voldoende lichtpuntjes om te vermoeden dat het financieel toch een gemiddeld jaar wordt, mits zich geen nieuwe spelbrekers manifesteren. Belang van buffersHet huidige, diepe prijsdal in de varkenshouderij toont nog weer eens het belang voor bedrijven om in staat te zijn voldoende financiële buffers op te bouwen in tijden met meewind. Vooralsnog is de primaire producent de financiële sluitpost in de agroketen. De varkenshouderij vormt daar geen uitzondering op. Veldman betoogt dat varkens houden een lange-termijnaangelegenheid is. Investeringen worden voor tientallen jaren aangegaan. De Rabobank-specialist ziet mede daarom dat een groep ondernemers op zoek is naar meer stabiliteit in de kasstroom. Hij denkt dat er binnen een paar jaar vraaggestuurde ketens zijn in de varkenshouderij, waarbij de opbrengstprijs voor de boer zich tussen bepaalde bandbreedten beweegt, en gelinkt is aan de voerprijs.Gijsbert Meijers (59) heeft in Leersum (U.) een bedrijf met 3.500 1 ster Beter Leven-varkens. - Foto: Herbert WiggermanGijsbert Meijers: vaste voerprijs tot begin februari 2021Varkenshouder Gijsbert Meijers draait al jaren mee, maar een prijsverloop zoals in 2020 kan hij zich niet snel heugen. Meijers: “We begonnen met extreem hoge biggenprijzen en eindigden met extreem lage biggenprijzen. Tegelijk zakte ook de vleesvarkensprijs flink.” Desondanks is 2020 financieel gezien een redelijk jaar voor de vleesvarkenshouder, dankzij de daling van de biggenprijs. Onder de streep blijft er geld over, verwacht hij.De varkenshouder is 2020 niet zonder kleerscheuren doorgekomen. Door corona konden zijn Beter Leven-varkens niet altijd op tijd naar de slachterij. Anders zouden gangbare varkens van collega’s nog langer blijven liggen. Meijers heeft zodoende beren geleverd die 105 kilo geslacht wogen. Juist voor beren geldt een flinke gewichtskorting. Ondanks dat sprake was van overmacht, toonde de slachterij geen enkele coulance en mocht de varkenshouder de gewichtskorting volledig zelf betalen. Dat valt hem merkbaar tegen.In december loopt het afleveren van de varkens weer volgens schema. De voerprijs heeft inmiddels een stijging ingezet. Sinds september begonnen de grondstofprijzen te stijgen, blikt Meijers terug. Hij heeft op dat moment voor een halfjaar voer ingekocht, tegen de toen geldende dagprijs. Een keuze waarvan hij geen spijt heeft. “Tot begin februari 2021 gaat de stijgende voerprijs aan mij voorbij.” Vooruitblikkend op 2021 overheerst het goede gevoel bij de vleesvarkenshouder. Door de sanering in Nederland en het teruglopende varkensaanbod in Duitsland gaat Meijers voor de tweede helft van 2021 uit van marktherstel. Meijers: “Dan moet er natuurlijk geen AVP in Nederland komen en moet Duitsland grip op het virus krijgen.”Nieuw marktevenwicht in 2021Allereerst ligt 2021 te wachten. Naarmate dit jaar verstrijkt, zal een nieuw marktevenwicht ontstaan, voorziet eenieder. De effecten van de warme sanering worden geleidijk sterker merkbaar in de markt. Eerst in de afname van het biggenaanbod. Verderop in het jaar komen er ook structureel minder vleesvarkens op de markt. POV houdt rekening met een krimp van wekelijks 25.000 varkens. Ditzelfde gebeurt ook op de Duitse markt, waar de Nederlandse varkenshouderij sterk mee verweven, en dus van afhankelijk is. Daar vindt ook een sanering plaats, maar een koude. Volle stallen door corona, AVP en toenemende dierenwelzijnsregels zijn voor nogal wat Duitse varkensbedrijven betreft reden het bijltje erbij neer te gooien. Volgens cijfers van het Duitse ki-bedrijf GFS is sinds afgelopen september de zeugenstapel 5% gekrompen. De krimp is ook nog niet voorbij. Afgelopen mei telde Duitsland 1,7 miljoen zeugen. Op middellange termijn zal dit dalen naar 1,5 miljoen dieren, verwacht fokkerijorganisatie BHZP. De krimp zal op termijn waarschijnlijk leiden tot een grotere behoefte aan importbiggen. De structuur en omvang van de varkenshouderij zal merkbaar anders zijn in 2021. De metamorfose houdt ook niet op. Door vrijwillige opkoopregelingen rond kwetsbare natuurgebieden zullen her en der meer varkensbedrijven verdwijnen, schat Van der Hijden. De reden is ammoniak. Nederland houdt daarom structureel minder varkens op termijn, zo ligt voor de hand.Wereldmarkt blijft bepalendHet effect daarvan op de markt zal erg tijdelijk zijn. Zodra China de varkensvleesproductie weer op orde krijgt, zal de export naar dit land onderuit gaan. In 2020 importeerde China ruim vijf miljoen ton varkensvlees. Dat volume zal in 2021 tussen 10 en 30% lager uitkomen, voorziet Rabobank. De jaren daarna neemt de Chinese importbehoefte normaal gesproken verder af. Aan de ambitie en druk van de regering in Peking zal het in ieder geval niet liggen. Hooguit strooit AVP opnieuw zand in de raderen van het Chinese productieapparaat. In de eerste drie kwartalen van 2020 exporteerde de EU 3,9 miljoen ton varkensvlees. Daarvan ging 62%, 2,43 miljoen ton, naar China. De afhankelijkheid van China voor een goede varkensprijs was dus enorm. Als deze afzetmarkt steeds kleiner wordt en tegelijk de Spaanse varkensstapel blijft groeien, vermoedelijk tot boven de 32 miljoen dieren in 2020, dan neemt de marktruimte simpelweg af. Spanje heeft inmiddels met afstand de meeste varkens van alle EU-landen. De ruimte voor de varkenshouderij in Nederland en omringende landen krimpt dus zowel door marktredenen als milieu- en dierenwelzijnsredenen. Het profijt van het kleinere aanbod als gevolg van de sanering in Nederland en de AVP in Duitsland zal zodoende van korte duur zijn, zo lijkt het meest waarschijnlijk. De varkensmarkt is een Europese aangelegenheid, met een sterke koppeling aan de wereldmarkt.Op hoofdlijnen lukt het om een plausibel scenario uit te tekenen. Dat China en Spanje de productie verder willen opvoeren, is zeker. Dat in Nederland en Duitsland de varkensproductie krimpt, staat ook vast. Maar de onzekerheden zijn nog groter. In hoeverre houdt Duitsland grip op het AVP-virus? En blijft Nederland AVP-vrij? En over corona maar te zwijgen. Calamiteiten kunnen de varkensmarkt ineens op zijn kop zetten, is de les van afgelopen jaar.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









