‘Varkenshouderij gaat gebukt onder personeelstekort’

Jack Janssen (49). Bedrijf: AB Werkt. Functie: directeur. - Foto: Jan Willem Schouten
Varkenshouders staan te springen om personeel, maar het is er niet. AB Werkt heeft in Zuid-Nederland een kleine 100 vacatures uitstaan. Omgaan met personeel is voor verschillende ondernemers een lastig punt.Het kan verkeren. Anderhalf jaar geleden dacht algemeen directeur Jack Janssen van AB Werkt nog aan een doemscenario voor de varkenshouderij. Hoe moest zijn bedrijf de medewerkers die vanwege de varkenscrisis uit die sector wegvloeiden elders plaatsen? Zijn verwachting was toen dat de uitstroom nog groter zou worden. Twintig maanden verder is het tij helemaal gekeerd, dankzij betere tijden. AB Werkt moet nu alle zeilen bijzetten rond de personeelsvoorziening in de varkenshouderij. Dat lukt maar ten dele. Eind juli waren er 93 vacatures. “Tegelijkertijd zien we een grote groei in uren, 30% meer dan vorig jaar. We groeien hard. Dat zet door. We kunnen aan de behoefte niet voldoen”, schetst Jack Janssen de situatie. Met passen en meten en rekening houdend met de situatie op individuele bedrijven probeert AB Werkt de situatie te beheersen via een flexpool. In de praktijk betekent het dat varkenshouders een deel van de uren en dagen die ze aanvragen, niet gevuld krijgen. “Om het deksel op het potje van de individuele varkenshouder te krijgen, is heel moeilijk.”Waar komt die grote vraag naar personeel en meer uren vandaan? Het gaat beter in de sector, maar toch niet zo dat nu zo dat er een stormloop is op medewerkers?“Tijdens de crisis ging op een bedrijf van vader en zoon de vader, die eigenlijk wilde stoppen, toch nog maar door. Of familie werd ingezet. Nu het beter gaat, willen ze medewerkers inschakelen.”93 vacatures! Gaat het aantal aanvragen nog toenemen en welk soort personeel wordt gevraagd?“We gaan ervan uit dat we daarmee aan de piek zitten. Er wordt allerlei personeel gevraagd. Het gaat allang niet meer om alleen het poetsen van de stal. Ze willen personeel met steeds meer verdieping in het werk tot bedrijfsleider toe, maar die zijn nauwelijks te vinden.”Is er een oplossing in de maak?“Dat lukt niet op korte termijn. De varkenshouders zelf zoeken ook naar medewerkers, maar zij vinden die ook niet. Voor de langere termijn proberen we potentiële medewerkers aan te trekken die worden opgeleid in de varkenshouderij. Een deel met scholing via BBL (Beroeps Begeleidende Leerweg, een dag naar het AOC, andere dagen werken, red.). Dan gaat het om medewerkers die niet uit de varkenshouderij komen maar wel interesse hebben en vooral ook om arbeidsmigranten, met name uit Polen.”Wat levert dat op?“Druppelsgewijs komen er op deze manier naar schatting zo’n 15 medewerkers per jaar beschikbaar. Dat is op dit moment niet genoeg. We moeten ook andere kanalen aanboren.”Er stoppen varkenshouders. Daar zitten toch ook kandidaten tussen?“Het is een uitweg, maar een kleine. Er zijn stoppers die beslist niet bij een andere collega willen gaan werken. En sommigen zijn echt klaar met de varkenshouderij.” Jack Janssen (49). Bedrijf: AB Werkt. Functie: directeur. - Foto: Jan Willem SchoutenHelpt geld, helpt meer betalen?“Dat gebeurt. Sommige varkenshouders proberen medewerkers bij andere varkenshouders over te nemen met meer salaris. Dat lost het probleem van te weinig medewerkers niet op. Het jaagt alleen de prijs op, waarvoor je geen hogere opbrengstprijs terugkrijgt. De CAO in de dierhouderij is goed en eerlijk. Daar moeten we mee werken.” Waarom is het zo moeilijk om geschikt personeel te vinden?“Het imago van de varkenshouderij is niet goed. Het beeld bestaat van mest, stank, hard werken. Er is ook de maatschappelijke discussie hoe we omgaan met varkens. Het zit ’m ook voor een deel in het werkgeverschap. Niet alle varkenshouders managen het personeel goed. Het verloop is groot. Gemiddeld blijft een medewerker ongeveer vier tot vijf jaar op een varkensbedrijf. Je zou een langer gemiddeld dienstverband willen, een verdubbeling naar tien jaar.”Wat mankeert er aan het omgaan met personeel?“Sommigen doen het heel goed, maar er zijn ook varkenshouders die nog denken dat een medewerker geen vakantie hoeft en de hele dag klaar moet staan. Werk nog maar een paar uur door. Dat soort denken geldt niet alleen voor de varkenshouderij, maar ook voor andere sectoren. Het zit nog niet goed in hun systeem. Hier zit nog een behoorlijk spanningsveld. Voor ondernemers die nu de 40 gepasseerd zijn, is personeelsmanagement geen onderdeel van hun opleiding geweest. Ze zijn opgeleid tot vakman, niet tot werkgever. Je ziet ook dat het het best gaat bij jongere ondernemers en vooral bij hen die zelf een poosje als medewerker hebben gewerkt.”Hoe pakt AB Werkt die problematiek aan?“We geven cursussen, ook op het gebied van werkprotocollen. Daar is heel veel winst te halen. Je ziet in de varkenshouderij enorme verschillen in arbeidsproductiviteit. Op het moment dat je de werkzaamheden heel goed structureert, kun je ook komen tot de hoogste kwaliteit voor lage kosten. Het levert klinkklaar geld op.”De tuinbouw had ook een imagoprobleem met personeel. Dat is er nu niet meer. Wat kan de varkenshouderij van de tuinbouw leren?“Die twee zijn niet te vergelijken. De tuinbouw zit met de maatschappelijke acceptatie veel beter en ze kent ook niet het mestprobleem. De varkenshouderij zit ook nog veel te veel in de verdediging. Het is een collectief probleem voor de sector, dat de sector zelf moet oplossen. Ja, we hebben er bij de personeelswerving last van, maar AB Werkt is niet de missionaris die nu dat imagovraagstuk in zijn eentje moet aanpakken. Dat zullen we samen in de sector moeten doen. Daar hebben we ook een potje met geld voor, ons coöperatieve dividend.” Jack Janssen. - Foto: Jan Willem SchoutenEen ander vraagstuk: gezondheidsrisico’s. Vooral in Brabant is er discussie over stof, ammoniak en ziektes. Daarbij wordt alleen gepraat over omwonenden en nooit over de mensen in de stal die met al deze zaken in aanraking komen voordat de lucht door de luchtwasser gaat.“Persoonlijk denk ik dat je gezond oud kunt worden met het werken met varkens. We pretenderen een goed werkgever te zijn op het gebied van gezondheid, maar ook van veiligheid binnen de regels die daarvoor gelden. Dat doen we samen met onder meer arbodienst Stigas. Er wordt veel informatie gegeven. Er zijn bijeenkomsten voor personeel en voor varkenshouders, maar ik moet toegeven dat ze geen volle zalen trekken. Belangrijk zijn de persoonlijke beschermingsmiddelen, maskers op, kleding. Dat hoort.”Hoe goed gaat dat?“Het kan altijd beter. De stalsystemen worden ook beter. In de praktijk zie je dat 80% goed gaat, 20% kan beter. Ook hier zie je dat de bewustwording bij jongere ondernemers groter is dan bij oudere om hier veel aandacht aan te besteden. Ook is er een verschil tussen Nederlandse en Oost-Europese medewerkers. Die laatste nemen meer risico. Een punt van aandacht.”Kijk eens een paar jaar verder. Is dan de personeelsproblematiek in de varkenshouderij onder controle?“Moeilijk te zeggen. Nu gaat het goed, maar er is altijd nog zoiets als een varkenscyclus. Wat je constateert is dat bedrijven onvoldoende nadenken over het aantrekken van personeel. Ze breiden uit, maken een financieel plan, maar vergeten ook een personeelsplan te maken. Dat zou veel meer moeten gebeuren.”Toch een inschatting, hoe is de situatie over drie jaar?“Hopelijk zijn we dan terug naar hooguit twintig tot dertig vacatures. Ik verwacht wel dat de groei in aangevraagde uren flink doorzet. Er zal meer personeel in de varkenshouderij werkzaam zijn. Hoeveel dat zal zijn, weet ik niet.”AB Werkt is in juli is ontstaan uit een fusie van AB Brabant en AB Werkt in Limburg en Zeeland. Hoe belangrijk is AB Werkt nu voor de personeelsvoorziening in de varkenshouderij?“In de varkenshouderij hebben we ongeveer 400 medewerkers. Daarmee voorziet AB Werk in het gros, ik schat 70%, van het tijdelijk personeel in de varkenshouderij in Zuid-Nederland. In ons bedrijf neemt varkenshouderij 10 tot 15% van de arbeidsuren voor haar rekening.”Wat gaan varkenshouders van die fusie merken?“Voorlopig nog niet zoveel. Het samengaan wordt nu verder ingericht. Op 1 januari moet het klaar zijn. De fusie was logisch. De werkgebieden van de beide coöperaties liepen al in elkaar over. Je moet kijken naar de toekomst. Je ziet bedrijven groeien. Daar moet je een antwoord op hebben. Het moet efficiënter, kostenbewust, concurrerend en professioneler.”Dan is de volgende stap natuurlijk een landelijke fusie?“Dat voorzie ik niet voor de komende jaren.”AB Werkt is een grote bedrijfsverzorgingsdienst in Zuid-Nederland, die in juli is ontstaan uit een fusie van AB Brabant en AB Werkt in Limburg en Zeeland. Het coöperatieve bedrijf telt negen kantoren met 115 medewerkers in de binnendienst en op jaarbasis zo’n 8.000 tot 9.000 vaste krachten, seizoenwerkers en parttimers. Het overgrote deel in de glastuinbouw, de open teelten en het fruit. De dierlijke sector zit op zo’n 20% van het aantal gewerkte uren. AB Werkt voorziet in het gros van het tijdelijk personeel in de varkenshouderij. Behalve bij land- en tuinbouwbedrijven is AB Werkt actief in onder meer de groenvoorziening, bij levensmiddelenbedrijven, grond- weg- en waterbouw, techniek en in de industrie. Een deel van het personeel komt uit het buitenland met name Polen. De jaaromzet voor 2017 komt naar verwachting uit op € 115 miljoen.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









