Resistente suikerbiet als wapen tegen chitwoodi

Foto: Mark Pasveer
Wageningen UR onderzoekt het resistentieniveau van een nieuw suikerbietenras tegen Meloidogyne-aaltjes.Kweekbedrijf SESVanderHave ontwikkelt suikerbietenrassen met een resistentie tegen de aaltjes Meloidogyne chitwoodi en Meloidogyne fallax. Wageningen UR onderzocht in opdracht van Brancheorganisatie Akkerbouw en SESVanderHave het resistentieniveau van het nieuwe ras Indri. De resultaten van de eerste kastoetsing waren zeer positief. Het ras lijkt een zeer hoog niveau van resistentie tegen chitwoodi te bezitten. In deze potproef was de vermeerdering van chitwoodi op dit ras minder dan 0,2% van de vermeerdering op een gangbaar (vatbaar) ras. Of anders gezegd; een resistentieniveau van meer dan 99%. Dit goede resultaat was aanleiding om het ras in 2019 ook in een veldproef, onder praktijkomstandigheden te toetsen. Project ‘Slimme Bouwplannen’In 2019 nam WUR-Openteelten dit ras op in een veldproef waarin de waardplantstatus van een groot aantal cultuurgewassen (rassen) en groenbemesters voor chitwoodi wordt onderzocht. Deze veldproef is onderdeel van het project ‘Slimme Bouwplannen’. Een door de Brancheorganisatie Akkerbouw gefinancierd project waarin gezocht wordt naar nieuwe beheersmaatregelen voor chitwoodi. De eerste resultaten van deze veldproef bevestigen de resultaten van de kasproef. Dit nieuwe ras is zeer resistent en laat zeer lage dichtheden van chitwoodi achter. De kwaliteit van het gevoelige aardappelras Hansa, dat in 2020 als volggewas wordt geteeld, moet bevestigen dat de nagelaten besmetting voldoende laag is om zonder risico het voor chitwoodi gevoelige gewas aardappelen te kunnen telen.Resistentie tegen M. hapla en M. javanicaEr zijn geen gegevens bekend over het effect van dit ras op M. fallax. Interne bio-assays van SESVanderHave toonden ook een hoog niveau van resistentie tegen M. hapla en M. javanica aan. Deze informatie is nog niet in onafhankelijk onderzoek bevestigd.De wortelknobbelaaltjes Meloidogyne chitwoodi en M. fallax zijn een probleem voor de Nederlandse akkerbouw. Deze quarantaine-aaltjes kunnen aanzienlijke schade veroorzaken in belangrijke akkerbouw- en vollegronds groentegewassen als aardappel en peen. Een belangrijk instrument voor de beheersing van plant parasitaire aaltjessoorten is een goed doordachte vruchtwisseling met niet-waardplanten of resistente cultuurgewassen.Volgens het WUR-aaltjesschema vermeerdert een gewas suikerbieten het chitwoodi aaltje en het fallax aaltje vermeerdert zelfs sterk op suikerbieten. Het gewas zelf ondervindt ook schade door deze aaltjes. Besmettingen komen vooral voor op zand- en dalgronden.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









