Provincies openen de jacht op wilde zwijnen

Foto: Canva
De provincies doen hun best om het aantal wilde zwijnen te reduceren sinds de AVP-dreiging groeit. De praktijk is echter weerbarstig. De dieren komen bijkans om in het voer en krijgen dus veel jongen.De wildbeheereenheden van de vier Nederlandse provincies met wilde zwijnen zijn zich bewust van de toenemende dreiging van Afrikaanse varkenspest (AVP). En ze handelen daar ook naar, blijkt na een inventarisatie door Boerderij. In Noord-Brabant, Overijssel, Gelderland en Limburg zitten wilde zwijnen. In de twee laatstgenoemde provincies hebben de dieren erkende leefgebieden. Daar geldt een verplichting om de populaties in stand te houden. Buiten de drie leefgebieden geldt het nulstandbeleid.Introductie van AVP bij wilde zwijnen verkleinenHet ministerie van Landbouw en de vier provincies hebben in oktober 2018 afgesproken om het aantal zwijnen buiten de leefgebieden zo laag mogelijk te houden. Aantallen zijn niet genoemd noemen. Doel is de kans op de introductie van Afrikaanse varkenspest bij wilde zwijnen verkleinen. Het virus was toen zo’n zes weken eerder in België gevonden. Ook druk vanuit de varkenshouderij richting jagers om het aantal wilde zwijnen te reduceren, leidt ertoe dat jacht wordt versterkt, met gebruik van alle toegestane middelen. Hieronder staat hoe de provincies te werk gaan.Noord BrabantIn gebieden rond Gemert-Bakel, Heeze-Leende en Asten zitten wilde zwijnen. Het beheer is gericht op het voorkomen van schade en overlast, niet op het handhaven van een nulstand. In principe worden in Brabant zoveel mogelijk zwijnen geschoten. Desondanks groeide de populatie in 2019. Daarom wordt de jacht verscherpt. De bedoeling is dat de zwijnen zich niet verder verspreiden over Brabant en dat de dichtheid in de gebieden zodanig afneemt dat de dieren niet aan de wandel gaan.LimburgDeze provincie kent twee leefgebieden voor wilde zwijnen, de Meinweg en Meerlebroek. Binnen de leefgebieden schiet men jaarlijks 150 à 200 dieren, om de gewenste voorjaarsstand van 60 zwijnen te bereiken. Buiten de leefgebieden ligt het afschot rond de 1.200 zwijnen per jaar. Daar wordt zoveel geschoten als mogelijk. De faunabeheereenheid in Limburg zegt risicogericht te werken. Dus afschot langs drukke wegen of plekken met veel varkensbedrijven.GelderlandDe Veluwe is leefgebied voor wilde zwijnen in deze provincie. Jagers lopen hier al acht jaar achter de feiten aan. Reden is het enorme voedselaanbod, zodat de zwijnenpopulatie groeit als kool. Het streefgetal voor de voorjaarsstand is om deze reden verlaagd van 1.500 naar 1.100 dieren, exclusief jongen. De verwachting van Faunabeheer is echter dat ze uitkomen op 2.500 zwijnen, net als voorgaande jaren. Veel voer betekent veel babyzwijnen en maakt het jagen tevens moeilijk. De dieren hoeven niet op zoek naar eten en blijven op een voor hen veilige plek. In de Achterhoek zitten ook wilde zwijnen, maar niet structureel. Rond Nijmegen zitten volgens de provincie niet meer dan 20 zwijnen.OverijsselFaunabeheer in deze provincie schat dat er enkele honderden wilde zwijnen lopen. Het beleid is erop gericht de populatie te verkleinen, zowel vanuit veterinair oogpunt als uit oogpunt van verkeers- en gewasschade. Hierbij is 2014 referentiejaar voor de provincie. Overijssel jaagt ook risicogericht op wilde zwijnen. Niettemin ziet gedeputeerde Gert Harm ten Bolscher van Overijssel menselijk handelen nog steeds als grootste risico voor de insleep van AVP uit Polen of Duitsland. Hij roept daarom mensen op voorzichtig te zijn.Lees ook: Schouten: dreigingsniveau AVP onveranderdMeer inzicht in omvang zwijnenpopulatieEen belangrijk element in het wildbeheer is kennis van het aantal dieren. Dat blijft schatten, op basis van variabelen zoals afschot en schade.
In opdracht van de provincie Overijssel gaat de Universiteit Twente daarom met nieuwe technieken proberen inzicht te krijgen hoeveel wilde zwijnen er lopen. In natura 2000-gebied Engbertsdijkvenen gaan onderzoekers drones met warmtecamera’s inzetten om het aantal zwijnen te bepalen. De gegevens worden vergeleken met moderne cameravallen op de grond. Deze camera’s zijn in staat wilde zwijnen te onderscheiden van ander wild.
De proef wordt gestart met wilde zwijnen, omdat deze zich goed verstoppen en vooral in het duister op pad gaan. Als de proef slaagt wordt deze uitgebreid en wordt de techniek ook ingezet om de omvang van andere populaties wild te bepalen.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









