‘Over 10 jaar? Dan is mijn bouwplan gehalveerd’

Bert Wall bekijkt de stand van het winterkoolzaad dat hij teelt voor de veredeling. Het gewas is goed de winter uitgekomen, constateert hij.
Omdat de stijgende kostprijzen het werk en het risico onvoldoende afdekken, gaat landbouwbedrijf Wall nu echt krimpen in oppervlakte.Bert Wall is akkerbouwer en loonwerker in het Gelderse Leur, gelegen tussen de Maas en de Waal. De expansiedrift die hij als jonge boer had, heeft op zijn 45ste de grenzen bereikt. “Het kost steeds meer om gewassen goed aan de groei te krijgen en de prijzen stijgen niet mee”, legt hij uit. “In de lente ben je ontiegelijk druk met beregenen. Voor de zaaibedbereiding en daarna voor een gelijkmatige opkomst, want de start moet goed zijn. Maar dan komt de rest van het seizoen nog. De risico’s zijn gewoon niet te dragen voor een boer. Hoe groter het areaal, hoe groter het risico. Je bent er dan immers niet altijd bij. Als je dat risico en de inspanningen voor het beregenen meetelt, moet je de contractprijs voor consumptieaardappelen zeker 2,5 cent per kilo omhoog.”Tekst gaat verder onder foto en kaderBert Wall (45) bewerkt ruim 700 hectare. Hierop staan: consumptieaardappelen, pootaardappelen, zaai- en plantuien (eerste en tweedejaars), suikerbieten, cichorei, conserven (doperwt en stamslabonen), vermeerderingsgewassen (graszaad en koolzaad), wintertarwe en mais. - Foto's: Van AssendelftLandbouwbedrijf Wall in Leur (Gld.).Bedrijfsgegevens
700 hectare akkerbouw, ruim
2 locaties
4 vaste medewerkers
3.000 kuubskisten
5 beregeningshaspels
2,5 cent moet aardappelcontract omhoogRuim 700 hectareWall bewerkt jaarlijks ruim 700 hectare. Dat areaal is opgebouwd uit eigendom, pacht, huur, op contractbasis en teelt in loonwerk. Het relatief kleine akkerbouwgebied waarin hij zich beweegt, wordt omsloten door zware klei. Een natuurlijke afbakening. Veel concurrentie is er niet op dit mooie stukje Nederland. Op het verzoek om tien jaar vooruit te blikken en te zeggen wat hij dan voorziet, heeft hij vlot antwoord: “Ik schat dat mijn areaal dan is gehalveerd.” Door de druk op grond, die de beschikbaarheid vermindert, maar vooral omdat hij zelf klaar is met het kunst- en vliegwerk voor een habbekrats. Voor komend seizoen zet hij vooral minder aardappelen.Dit pootgoed staat klaar om af te leveren. Dat kan zonder na te lezen. De droogte leidde tot een lagere opbrengst.Bedrijf op ‘superlocatie’De Gelderse agrarisch ondernemer is geboren en getogen in de buurtschap Leur, waarvan de pittoreske dorpskern doet denken aan een boerderijmuseum. Het plaatsje ligt links van Nijmegen. “Superlocatie”, vat Wall samen. “Dicht bij de snelwegen, maar je hebt van niemand last.” Hij was nog maar 15 toen zijn vader in 1990 overleed, maar werkte al mee waar hij kon. Net als zijn eigen zoon, die – nu 14 jaar – kisten op de goede plek zet bij het pootgoed sorteren. In 2005 nam Wall het bedrijf van zijn moeder over en pakte hij het loonwerk erbij op. Nog eens drie jaar later kocht hij er een tweede locatie bij, waar het pootgoed gestald staat. Om alles rond te zetten, heeft hij vier man in dienst, met daaromheen een schil van zzp‘ers en vaste losse krachten.
Zo in het vroege voorjaar is het voorbereidende onderhoud, hier door medewerker Bram Ohlen, in volle gang.‘Wat je hebt, moet je gebruiken’Hij kijkt eens goed rond. Twaalf trekkers, drieduizend kuubskisten, vijf beregeningshaspels, allerlei zaai-, plant- en rooimachines. “Alles wat je hebt, moet je ook gebruiken”, constateert hij. “De vraag is of het voldoende oplevert.” Boeren als way of life, daar gelooft hij niet zo in. “De wereld is aan het veranderen en daar hoort voor de meeste boeren een slechter verdienmodel bij. De kosten zijn extreem toegenomen. Ik snap het goed als collega’s de handdoek in de ring gooien. Als mijn kinderen iets anders gaan doen, begrijp ik dat ook volledig. Je moet nogal wat kennen en kunnen tegenwoordig. En lange dagen maken.”Dat merkt hij ook aan de beschikbaarheid van personeel. Nu heeft hij heel goede jongens rondlopen op zijn bedrijf, maar in de toekomst verwacht Wall dat minder jeugd voor werk in de landbouw kiest. Tezamen met de stijgende kostprijs en achterblijvende productprijzen, komt Wall tot de conclusie dat meer niet per se beter is. “Waarom zou het ook per se groot moeten? Vroeger vond ik dat mooi. Dat zat in m’n kop. Nu zie ik de charme van een compacter bedrijf steeds meer in.” Krimp in aardappelenDaarin maakt hij het komende seizoen stappen; pootgoed van 75 naar 60 hectare, consumptieaardappelen van 185 naar 150 hectare. Om zich heen hoort Wall ook over krimpplannen. “Een collega waar ik loonwerk doe, gaat van 13 naar 0 hectare. Zo hoor je meer van zulke verhalen. Ik hoop ook dat er minder aardappelen komen. De prijzen waren voor corona wel goed, maar de opbrengsten zijn al jaren niet best. Afgelopen jaar moest ik de aardappelen ook vroeg weg doen. Zowel kwaliteit als opbrengst vielen tegen.” In andere gewassen, zoals uien, blijft hij stabiel. De ziektedruk is in dit nog vrij nieuwe gebied laag en met uien valt er afzettechnisch wat te speculeren. Voor de suikerbietenteelt heeft Wall ledenleveringsbewijzen (llb‘s) bijgekocht bij Cosun. “Ik zie het wel zitten met de suikermarkt.”
Beregeningshaspels staan netjes op een rij. De afgelopen jaren is Wall er flink druk mee geweest, om gewassen aan de groei te krijgen en houden in de periodes van extreme droogte.Kisten met pootgoed worden uit de koeling gehaald om op te warmen. Twee dagen later worden ze geladen.Wall gaat kunstmest strooien. "Het seizoen lijkt best vroeg te beginnen. Het is natuurlijk nog afwachten wat er allemaal gebeurt."Fritesfabriek zoekt grondstoffenDe inkopers van de fritesfabrieken blijven intussen lobbyen voor grondstoffen. “Die hebben moeite om de contracten vol te krijgen, dat is wel duidelijk.” Prompt komen twee vertegenwoordigers de kantine in van Wall, die gelijk koffie zet. “Dat moet eigenlijk wel een beetje anders met het bezoek”, zegt hij. “Hartstikke gezellig, het kost alleen zo ontzettend veel tijd. Ik moet daar wat strenger in worden, wat zakelijker.” Tegelijkertijd weet hij ook dat dit juist bij zijn manier van ondernemen past. “In m’n eentje werken zou ik niet kunnen. Ik heb mensen om me heen nodig.” Inkopers zijn overigens altijd welkom, want wellicht hebben ze een mooi aanbod waarover valt te onderhandelen. “Natuurlijk hoor ik graag waarmee ze komen.”Als we ons meer op kwaliteit in plaats van kwantiteit dan komen de prijzen er ook wel beter uit te zienHandelen en regelen“Ik ben echt van het handelen”, zegt hij over zijn ondernemerschap. “Een machineman ben ik niet echt. En die groene vingers zouden ook wel beter kunnen... Voor de boekhouding heb ik twee dagen iemand in dienst, gelukkig. Daar ben ik echt slecht in. Ik heb alles in mijn hoofd zitten en ben de hele dag bezig met de boel regelen. Dat pootgoed klaar staat, dat loonwerk gebeurt, zaken doen.” Wall heeft de hele dag zijn telefoon bij de hand en kan bijzonder snel communiceren.
Inspectie van de rooimat. Kan hij nog een seizoen mee? "Helaas", concudeert Wall. "We moeten hem vervangen voor een nieuwe." De opstaande pinnetjes zijn er op teveel plaatsen af, waardoor de reiniging minder is.De spuit wordt voorzien van vloeibare stikstof. Dat wordt uitgereden op de wintertarwe, die volgens Wall 'aardig goed' uit de winter is gekomen.Zijn visie op de akkerbouw is zeker niet allemaal kommer en kwel. Ja, de prijzen zijn te laag. Maar: kansen zijn er ook met een groeiende wereldbevolking en de trend om meer plantaardig te eten. Dat zal echter op een kleiner oppervlak gerealiseerd moeten worden. “De grondhonger, onder meer voor zonneparken, is immers groot. De weerrisico’s worden ook zeker niet minder. We moeten ons dus meer op kwaliteit richten dan op kwantiteit. Dan komen de prijzen er ook beter uit te zien.”
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









