Oormerkplicht niet in strijd met recht op gewetensvrijheid

Foto: Mark Pasveer
Het korten van bedrijfstoeslagen wegens het opzettelijk niet oormerken van runderen is niet in strijd met het recht op vrijheid van geweten.Zo oordeelt het College van Beroep voor het Bedrijfsleven (CBb), de hoogste bestuursrechter op het gebied van het sociaaleconomisch bestuursrecht. De uitspraak is definitief en er kan dus niet in hoger beroep worden gegaan.Veehouders zijn niet verplicht landbouwsteun aan te vragen, aldus het CBb. "Vragen zij die steun, dan aanvaarden zij in vrijheid dat hen bij niet-naleving van één of meerdere randvoorwaarden een korting wordt opgelegd." Als een veehouder zich in Nederland laat registreren als gewetensbezwaarde, met het oog op een andere identificatiewijze dan oormerken, heeft dat alleen nationaal betekenis.Het recht op vrijheid van gewetenLandbouwsteun wordt verstrekt vanuit het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid van de EU. Het recht op vrijheid van geweten is verankerd in het Handvest van de Grondrechten van de Europese Unie en het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









