Nederland is in Brussel rigide en weinig empathisch

De ervaring van premier Rutte is een kracht voor Nederland in Brussel, maar ook een zwakte, aldus het rapport.
Nederland is in Brussel over het algemeen best effectief. Maar Brusselse waarnemers vinden dat de Nederlandse invloed op het Gemeenschappelijk landbouwbeleid juist beperkt is.Rigide en weinig empathisch. Zo zien buitenlandse waarnemers in Brussel de Nederlandse houding bij de positiebepaling in de Europese Unie. Althans, dat komt naar voren in een onderzoek van het instituut Clingendael in opdracht van de Tweede Kamer.Nederland wel effectiefDe weinig complimenteuze beoordeling heeft – in de ogen van buitenlandse waarnemers – niet per se een negatief effect op de effectiviteit van Nederland in Brussel. De diplomatieke voorpost van Nederland in Brussel, de Permanente Vertegenwoordiger, is weliswaar sterk gebonden aan het mandaat dat hij vanuit Den Haag meekrijgt, maar hij kan desondanks wel effectief opereren. In een lijstje van effectiefste landen in Brussel zetten Brusselse waarnemers Nederland na Duitsland op de tweede plaats.De Nederlandse invloed in de EU rust zwaar op de persoon van @MinPres. Als Rutte vertrekt, tast dat het NL gezag in Brussel flink aan. Dat concludeert @Clingendaelorg in een rapport over het imago van Nederland onder diplomaten en topambtenaren. https://t.co/NefEdnRnOtpic.twitter.com/jPoFM1fXX3— Public Matters (@PublicMatters) 18 april 2019Nederland slaagt er volgens de waarnemers in om vooral op het gebied van klimaatbeleid, de interne markt en het Europees monetair beleid invloed uit te oefenen. Op het gebied van het landbouwbeleid bestaat juist de indruk dat Nederland weinig invloedrijk is. Dat is opvallend, constateren de onderzoekers, “omdat modernisering van het Europees landbouwbeleid juist hoog op de Nederlandse agenda staat”.Nederland eigengereidHet beeld in Brussel is allerminst dat Nederland aan de leiband loopt of ‘het beste jongetje van de klas wil zijn’, zoals in landbouwvergaderzalen nog wel eens de algemene indruk lijkt te zijn. De eigengereidheid van Nederland ten opzichte van de Europese grondwet (in 2005 in een referendum afgewezen) heeft het beeld van Nederland in Brussel danig beïnvloed. Datzelfde geldt voor de houding tegenover het Oekraïneverdrag.Staatssecretaris in plaats van ministerNederland levert waar nodig een inbreng in de ministersoverleggen. Soms blijven bewindslieden gewoon weg – en dat valt op bij de collega‘s. En bewindslieden worden gemist op informele bijeenkomsten. Het valt ook op als Nederland niet een minister, maar een staatssecretaris naar Brussel stuurt. Dat de opeenvolgende staatssecretarissen Henk Bleker, Co Verdaas, Sharon Dijksma en Martijn van Dam zich in Brussel landbouwminister mochten noemen, betekent niet dat hun politieke gewicht net zo zwaar werd gewogen als dat van een bewindspersoon die ook in eigen land minister is. Nederland heeft de reputatie dat het boven zijn gewicht weet te boksenHet Clingendael-rapport geeft daarvan een ander voorbeeld. Toen staatssecretaris Jan Kees de Jager (Financiën) in het eerste kabinet-Rutte promoveerde tot minister, zorgde dat voor een zichtbaar verschil in het gezag waarmee hij over een dossier in Brussel kon onderhandelen.Rutte is zowel kracht als zwakteDe ervaring en kennis van Rutte is een kracht van Nederland in Brussel, maar tegelijk ook een zwakte. Want als Rutte als premier wegvalt, vermindert ook de invloed van Nederland in Brussel. “Nederland heeft de reputatie dat het boven zijn gewicht weet te boksen, mede door het positieve profiel van premier Mark Rutte”, aldus het Clingendael-rapport.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









