Kwart varkenshouders krijgt longklachten

Foto: Hans Prinsen
Stof in stallucht is slecht voor de gezondheid. Dat is al jaren bekend. De sector lijkt het te negeren. Inspectie SZW eist blootstellingsonderzoek.Inspectie SZW controleert voor het eerst arbeidsomstandigheden op varkensbedrijven. Varkenshouders die bezocht zijn, krijgen de opdracht een blootstellingsonderzoek te laten doen om de effecten van schadelijke stoffen in de stallucht op de gezondheid in beeld te krijgen.Volgens Jos Rooijackers, longarts bij het Nederlands Kenniscentrum Arbeid en Longaandoeningen (NKAL), krijgt 25% van de varkenshouders op latere leeftijd last van werkgerelateerde luchtwegklachten. De symptomen wisselen en bestaan onder meer uit hoesten, piepen bij het ademhalen, druk op de borst, kortademigheid en aandoeningen zoals organisch stof toxisch syndroom door endotoxinen, astma en chronische bronchitis of COPD (chronic obstructive pulmonary disease). Roken verergert de klachten.Problematiek al langer bekend“Hoewel al jaren bekend is dat stof de gezondheid schaadt, nemen varkenshouders veel te weinig preventieve maatregelen”, zegt de longarts. Hij verwijst naar een publicatie in het maandblad Huisarts en Wetenschap uit januari 2002 over longaandoeningen en werkgebonden risicofactoren bij varkenshouders.Schoonspuiten van een afdeling. De nevel bevat veel schadelijke stoffen en dringt diep in de longen door. Een deugdelijk persoonlijk beschermingsmiddel is noodzakelijk. - Foto: Hans PrinsenDe onderzoeken hadden plaats tussen 1990 en 1997 in Noord-Brabant en Limburg. Daaruit blijkt dat varkenshouders meer longklachten ervaren dan mensen in andere beroepsgroepen. Hun longfunctie daalt meer dan gemiddeld en dat gaat sneller naarmate het aantal arbeidsjaren stijgt. Daarnaast is voor het eerst een verband aangetoond tussen de blootstelling aan endotoxinen en de achteruitgang van de longfunctie in de tijd.‘De sector ontkent dat er een probleem is’“Er zijn meer onderzoeken met een soortgelijke conclusie. Desondanks ontkent de sector dat er een probleem is en blijkbaar werkt dat, want de overheid gaat daarin mee”, aldus Rooijakkers. Het lijkt alsof de sector deze beroepsgerelateerde klachten accepteert. Hij ergert zich aan de belangenorganisaties, omdat ze een eenzijdig geluid laten horen en de relatie tussen stof in varkensstallen en luchtwegklachten op latere leeftijd blijven ontkennen.“Het feit dat er een discussie is over het effect van fijn stof uit veehouderijen op de gezondheid van omwonenden, zou ze aan het denken moeten zetten, want in de stal is de concentratie fijn stof vele malen groter dan daarbuiten”, zegt Rooijakkers. Volgens Bart Verhees, dagelijks bestuurslid van de POV is de stofbelasting in de varkenshouderij tegenwoordig aanzienlijk lager dan vroeger. Dit door de komst van automatische voersystemen en omdat vrijwel geen strooisel meer wordt gebruikt. Het blootstellingsonderzoek moet dat duidelijk maken.Twijfels over inspectiesDe longarts twijfelt of de inspectiedienst voldoende kennis heeft om een goed oordeel te vellen over het stalklimaat. De grenswaarden voor endotoxinen zijn dermate laag dat die onhaalbaar zijn. Dat levert in zijn ogen alleen maar meer controverse op.Ook Antoon Sanders, adviseur van Kwalitatief Personeel in de Varkenshouderij (KPV), plaatst kanttekeningen bij de inspecties. Hij snapt dat ze plaatsvinden, maar vraagt zich af wat het doel is: “Wil SZW op een positieve manier een verandering in gang zetten of wil ze veranderingen met een schrikeffect afdwingen?”‘Het voorkomen van stof in de stallucht met reducerende maatregelen is het belangrijkst’Net als Rooijakkers en Sanders is ook de Producenten Organisatie Varkenshouderij (POV) niet enthousiast over de inspecties. “Het is van belang om een realistisch beeld te schetsen en niet te overdrijven. Het voorkomen van stof in de stallucht met reducerende maatregelen is het belangrijkst. Bij werkzaamheden waarbij veel stof vrijkomt, is het raadzaam om een stofkapje te dragen”, zegt Verhees.Rooijakkers juicht elke inspanning toe, maar blijft van mening dat de sector meer moet doen. Hij is het met Verhees eens dat reductie van stof aan de bron prioriteit moet hebben. Zweeds onderzoek uit 2015 van Maria Hedelin, onderzoeker long- en luchtwegaandoeningen bij het Karolinska Institutet in Stockholm, laat zien dat een reductie van fijn stof en organisch stof in varkensstallen de negatieve effecten op de gezondheid vermindert. Uit onderzoek van Wageningen Livestock Research uit 2012 blijkt dat het mogelijk is om stof bij de bron aan te pakken.Minder stof in de stal leidt tot minder afgekeurde longenIn 2012 deed Wageningen Livestock Research onderzoek naar 5 methoden om het stofgehalte in de stallucht te verminderen. Drie ervan, de olienippel, ionisatie en continue filtering van de stallucht, lieten een duidelijke afname zien van het gehalte aan fijne stofdeeltjes. Die komen onder meer van de varkens zelf (huidschilfers), van de mest en urine op de vloer en aan bevuilde varkens wanneer die opdrogen, van het voer en van het strooisel, voor zover dat wordt toegepast. Hoe fijner de stofdeeltjes hoe schadelijker ze zijn voor de gezondheid.Uit de onderzoeksgegevens komt naar voren dat de varkens uit stallen met systemen die het stofgehalte verlagen minder afgekeurde longen hebben dan dieren uit de stallen zonder noemenswaardige reductie. Desondanks was het verschil in technische resultaten niet noemenswaardig. De onderzoekers merken op dat de aantallen uit dit onderzoek te klein waren om duidelijke conclusies te kunnen trekken. Het is wel een indicatie, mede omdat uit eerdere onderzoeken hetzelfde beeld naar voren komt.Een olienippel vermindert het stofgehalte in de stallucht met ruim 60%. Dat leidt tot minder afgekeurde longen en levers aan de slachtlijn.Bronreductie alleen onvoldoende“Deze technieken bieden nog onvoldoende bescherming tegen stof en schadelijke stoffen. Daarom zijn adembeschermingsmiddelen nodig”, zegt Ger Meuwissen, preventiemedewerker bij Stigas. Stigas bracht in beeld welke werkzaamheden in de varkensstal de meeste stofbelasting veroorzaken. Hoe fijner het stof, hoe schadelijker. Handelingen aan individuele dieren scoren hoog, net als handmatig voeren en reinigen met een hogedrukreiniger. Hierbij zijn beschermende maatregelen nodig in de vorm van een persoonlijk beschermingsmiddel (pbm).Varkenshouder met halfgelaatsmasker. Veel varkenshouders onderschatten de gevaren van stof. Een stofkapje beschermt onvoldoende vanwege de leklucht. - Foto: Henk RiswickBij afleveren en verplaatsen van dieren, instrooien en droog verwijderen van stof is een pbm sterk aan te raden. Deze heeft minimaal een P2-filter, al dan niet met een koolstoffilter, om onder meer ammoniak uit de lucht te halen. Een stofkapje biedt onvoldoende bescherming vanwege leklucht. Op www.pakstofaan.nl biedt Stigas een online stoftest aan die een indicatie van de risico’s geeft.Zorg voor een actuele RIEKPV geeft trainingen aan varkenshouders en medewerkers over gezond en veilig werken. “Beide zijn verantwoordelijk waar vroeger alleen de varkenshouder verantwoordelijk was. Het gebruik van pbm’s wisselt sterk tussen bedrijven. Het varieert van helemaal niet tot perfect”, vertelt Sanders. Hij adviseert varkenshouders altijd een actuele Risico Inventarisatie en Evaluatie (RIE) te hebben. Sinds 1995 is het voor bedrijven waar mensen onder gezag werken wettelijk verplicht een actuele RIE te hebben. Dat kan eenvoudig online via de site van Stigas.Blootstellingsonderzoek moet risico’s duidelijk makenInspectie SZW controleert dit jaar voor het eerst op arbeidsomstandigheden op varkensbedrijven. Inspecteurs zijn in april gestart met de controles. Onderdeel daarvan zijn de schadelijke effecten van het stalklimaat op de gezondheid van varkenshouders en medewerkers. Omdat varkenshouders te weinig kennis hebben van het effect van het stalklimaat op de gezondheid van mensen die er werken, moeten varkenshouders die bezocht zijn binnen zes maanden een blootstellingsonderzoek uitvoeren. Daarin wordt onderzocht welke handelingen en welke omstandigheden welke risico’s vormen voor de gezondheid van mensen.Door de diversiteit aan handelingen en wisselende omstandigheden kan een dergelijk onderzoek flink in de papieren lopen. Volgens Bart Verhees, dagelijks bestuurslid van de POV, kan zo’n onderzoek wel € 50.000 kosten. Daarom wil de POV dit onderzoek collectief uitvoeren en voor alle leden laten gelden. Zij overlegt met het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW), Stigas, vakbond FNV en verschillende onderzoeksbureaus over de invulling van het onderzoek. “De stoftest van Stigas maakt inzichtelijk welke werkzaamheden het meest risicovol zijn. Dat is een mooie basis. Het blootstellingsonderzoek moet de werkelijke stofbelasting in beeld brengen”, aldus Verhees.Wanneer het onderzoek af is, kan Verhees nog niet zeggen. “Het zit nu in de aanbestedingsfase. Er liggen nog geen harde eisen, maar de hoofdlijnen zijn wel duidelijk.” De inspecties zijn in april gestart. Logischerwijs volgt daaruit dat het blootstellingsonderzoek in oktober klaar kan zijn.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









