‘Krimp of geen krimp?’

Foto: Bert Jansen
Wil je reageren? Maak dan gratis een account aan!
Een zekere krimp van de veestapel is ook in het belang van de veehouderij. De discussie moet gaan om de vraag: hoe, hoeveel en hoe snel?
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses










Een aantal dagen geleden kreeg ik een mail van Johan Vollenbroek (toevallig een neef van mij) waarin hij wees op inkrimping via natuurlijk verloop. Zelfs hij is schijnbaar voor een meer gematigde route. ——-In het najaar van 2019, nadat Tjeerd de Groot zijn halveringsplan had gepresenteerd en het boerenprotesten begon, heb ik op de website van RFC geschreven dat enige inkrimping van de veehouderij positieve kanten heeft. Het leverde mij een storm van kritiek op. Een te hoge veedichtheid is zeer kostprijs verhogend waarbij de veehouderij steeds meer een verdienmodel wordt voor de periferie. Een steeds kleiner deel van de opbrengst blijft bij de boer. De boer wordt financieel steeds kwetsbaarder.