Jongvee-opfok kan veel efficiënter

Foto: Ronald Hissink

Foto: Ronald Hissink


Wil je reageren? Maak dan gratis een account aan!

Op 1 april 2017 telde Nederland 1,2 miljoen stuks jongvee. Dat is bijna 9% minder dan op 1 april 2015. Minder jongvee is een blijvende trend.Melkveehouders houden niet alleen minder melkkoeien, maar vooral ook minder jongvee om de fosfaatexcretie op het eigen bedrijf te reduceren. Volgens statistiekbureau CBS waren er op 1 april 2017 117.150 stuks minder jongvee in Nederland dan een jaar eerder en 137.490 stuks minder dan op 1 april 2015.Melkveehouders gaan ook in 2018 minder jongvee aanhouden om de fosfaatruimte die ze hebben zoveel mogelijk te benutten voor het produceren van melk. Structureel minder jongvee in Nederland is dan ook een blijvende trend. Dat blijkt uit navraag bij accountants en andere betrokkenen in de sector.Meer gekrompen in jongvee dan in koeien“Aankoop van fosfaatrechten is voor melkkoeien al niet rond te rekenen, laat staan voor de opfok van jongvee”, zegt Rick Hoksbergen, relatiemanager Agro bij Alfa Accountants en Adviseurs. “Onze klanten zijn dan ook meer gekrompen in jongvee dan in koeien, zowel procentueel als in aantallen.”Gemiddeld zijn er volgens Alfa 5,6 koeien weg en bijna 11 stuks jongvee. Dat is 4,2% krimp in het aantal melkkoeien en 8,4% in stuks jongvee. “Veehouders betalen al jaren een ruime verzekeringspremie door ruim jongvee op te fokken. Daar kan nu in gesneden worden”, stelt Hoksbergen. Het gros van de bedrijven wil wel graag gesloten blijven en niet afhankelijk zijn van veeaankoop. Er zijn ook bedrijven die rigoureus kiezen voor totaal afstoten van jongvee.‘Als je ruimte hebt in jongvee, kan minder jongvee zelfs winst opleveren’Pierre Berntsen, directeur Agro van ABN Amro, constateert ook dat er in het algemeen meer gesneden is in de jongveestapel dan in de melkveestapel. “Jongvee snoept veel fosfaatruimte op, zonder dat het veel bijdraagt aan de kernactiviteit melk produceren. Als je ruimte hebt in jongvee, kan minder jongvee zelfs winst opleveren.”Uit het monitoringsprogramma Agroscoop van ForFarmers blijkt dat het aantal stuks jongvee vanaf 1 januari 2017 is gedaald van 8,5%.Jongveeopfok uitbestedenEr zijn geen statistieken over de uitbesteding van jongveeopfok onder invloed van de fosfaatreductieregeling. Jaap Gielen, specialist melkveehouderij van Countus accountants en adviseurs ziet wel een lichte toename in Nederland, maar kan dat niet kwantificeren.Accontantsbureau Flynth ziet in de kwartaalresultaten een lichte stijging van de jongveeopfokkosten bij derden. Het aantal bedrijven dat jongveeopfokkosten heeft, was 9,4% in 2015 en steeg naar 11,8% in 2017. “Met name in 2017 hebben meer melkveehouders het jongvee uitbesteed”, zegt Jan Breembroek, vakdirecteur Agro Advies van Flynth.In 2017 steeg de uitbesteding van jongveeopfok met bijna 2% ten opzichte van 2016. Te weinig aanbod jongveeopfokbedrijvenVolgens Robert Meijer, manager marketing en communicatie herkauwers van ForFarmers, is uitbesteding van jongveeopfok in Nederland beperkt als gevolg van de fosfaatregelgeving. Henk van der Horst, verkoopleider Denkamilk van Denkavit, ziet ook nauwelijks toename in uitbesteding van de jongveeopfok vanwege de nieuwe fosfaatregelingen. “Er is te weinig aanbod van jongveeopfokbedrijven. De bestaande opfokbedrijven zitten vol en voor nieuwe opfokbedrijven is het verdienmodel moeilijk rond te krijgen. De vergoedingen gaan dan over de € 2,30 per dier per dag. Dan haken veel melkveehouders af. Een aantal melkveehouders kiest er wel heel bewust voor om (tijdelijk) geen jongvee aan te houden, maar vaarzen te kopen.”Berntsen (ABN Amro) vindt dat veehouders wel goed moeten nadenken over de gevolgen van afstoten of uitbesteden van jongveeopfok voor de gezondheidstatus van de veestapel.Lees verder onder de fotoMartin Heuvel in Deurningen heeft een jongveeopfokbedrijf. Volgens cijfers van Flynth hebben met name in 2017 meer melkveehouders het jongvee uitbesteed. - Foto's: Ronald HissinkUitbesteden van de opfok over de grens is ook een optie. “Daarmee benut je alle beschikbare fosfaatrechten voor melkproductie op het eigen bedrijf, maar buitenlandse opfok gebeurt nog in beperkte mate”, zegt Meijer (ForFarmers).Lees meer over opfok over de grens onderaan dit artikel   
Minder jongvee niet automatisch beterHoksbergen (Alfa) stelt dat minder jongvee in Nederland betekent dat veehouders de komende jaren minder marge hebben om in veevervanging tegenvallers op te vangen. Breembroek (Flynth) verwacht op termijn geen tekort aan jongvee. “Bijna elk jaar exporteren we 20.000 tot 80.000 stuks jongvee. Dat daalt waarschijnlijk wel. Import van melkkoeien en aankoop van vaarzen voor vee-vervanging lost een eventueel tekort op.”Lubbert van Dellen, commercieel directeur Accon AVM, waarschuwt dat dit wel veel geld kan kosten. Volgens hem kunnen veehouders alleen toe met minder jongvee als het ze lukt om het vervangingspercentage onder 20% te brengen en als koeien meer lactaties mee gaan.“Lukt dat niet en je hebt wel minder jongvee aangehouden, dan moet je alsnog vaarzen kopen. Bij een prijs van € 1.750 per vaars is het rendement van de laatste koeien die je hebt gehouden beperkt”, meent Van Dellen. “Dus niet op voorhand aannemen: Ik hou minder jongvee, dus doe ik het goed. Dit kan je later ernstig opbreken.”Starten met sterkere vaarzenVan Dellen (Accon AVM) pleit voor een betere kwaliteit van de jongveeopfok, zodat er betere en sterkere vaarzen starten. Van Dellen ziet dit terug bij melkveehouders die bewust minder vaarskalveren aanhouden, maar per kalf meer investeren in de opfok (vooral de eerste 6 maanden). Meer aandacht voor de transitieperiode beperkt de uitval door klauw-en uiergezondheidsproblemen en verminderde vruchtbaarheid.Lees verder onder de fotoOm op melkbedrijven toe te kunnen met minder jongvee moet de kwaliteit van de jongveeopfok verbeteren - vooral in de eerste zes maanden - en de uitval van koeien verminderen.Verminder de fosfaatexcretieDe afname van het aantal koeien en jongvee verlaagt de fosfaatexcretie. “Er is van alle kanten druk om het beter te doen in de melkveehouderij wat milieu- en dierenwelzijnseisen betreft”, zegt Van der Horst (Denkavit). “Door druk op het aantal dieren en verminderen van de fosfaatexcretie, zie je dat melkveehouders nu efficiëntieslagen maken in melkproductie en jongveeopfok.”Veehouders fokken minder onnodig veel jongvee op en door forse selectie in het ondereind van de veestapel blijven er koeien over die efficiënter en meer melk produceren.Momenteel ligt de focus op veel melken binnen de fosfaatruimte. Dat leidt volgens Hoksbergen (Alfa) tot een hogere krachtvoergift en een overschot aan ruwvoer op veel bedrijven. “Let ook op gehalten. Een iets lagere productie met hogere gehalten kan zorgen dat je per kilo fosfaat evenveel kilo vet en eiwit aflevert. Deze kilo’s worden betaald, voor de hoeveelheid melk wordt je niet betaald.”3 manieren voor meer melk per kilo fosfaatOm de fosfaatexcretie te verlagen, kunnen veehouders ook de voerefficiëntie verhogen, meer op maat voeren en bemesten, krachtvoer met een laag fosfaatgehalte verstrekken en minder of geen raapschroot (een hoog P2O5-gehalte) voeren.Volgens Meijer (ForFarmers) is het verhogen van de melkproductie per kilo fosfaat belangrijk om het meeste rendement te halen binnen de bestaande fosfaatruimte. “Dat kan in hoofdlijn op 3 manieren: verhogen van de melkproductie per koe, verlagen van de afkalfleeftijd van de vaarzen en verhogen van de levensduur van de veestapel, want dat verlaagt het vervangingspercentage”, zegt Meijer. “Let er wel op dat de gehaltes in de melk op peil blijven bij productieverhoging. Uiteindelijk gaat het om voerwinst per kilo fosfaat.”ForFarmers berekende met Melk€ fficient de effecten van genoemde maatregelen op voerwinst en melkproductie per kilo fosfaat:Maatregelen om de melkproductie per kilo fosfaat te verhogen leveren extra voerwinst op en meer melk binnen het aantal fosfaatrechten.‘Nederland is geen kostprijskampioen, maar wel een imago- en kwaliteitskampioen’De introductie van fosfaatrechten beperkt het aantal melkkoeien, het jongvee in Nederland en het niveau van de nationale melkproductie. Breembroek (Flynth) vindt dat fosfaatrechten een rem zetten op bedrijfsontwikkeling en dat kan bedrijfsovername bemoeilijken.

Berntsen (ABN Amro) typeert het als volgt: we gaan van melkquotum naar fosfaatquotum. Volgens hem is groei in melkverwaarding het meest logische toekomstscenario. “Nederland is geen kostprijskampioen, maar wel een imago- en kwaliteitskampioen. We spelen Champions League”, stelt Berntsen.Opfok over de grens is nog beperktVic Boeren, manager rundvee van DLV Advies, weet dat jongveeopfok over de grens niet massaal gebeurt. “Het is een optie voor enkelen. De meeste bedrijven die jongvee in het buitenland opfokken, doen dat via bekenden vlak over de grens in België of Duitsland. Geografisch op korte afstand is praktisch, je kunt de opfok beter in de gaten houden”, zegt Boeren.Ook andere adviseurs zien slechts beperkte mogelijkheden voor buitenlandse jongveeopfok vanwege diergezondheidseisen. Je exporteert en importeert immers vee.‘Het is financieel alleen maar interessant bij grotere dieraantallen’“Voordat jongvee over de grens kan, moet het eerst in quarantaine en zijn onderzoeken en diergezondheidsverklaringen nodig”, zegt Hoksbergen (Alfa). “Hetzelfde geldt bij terugkeer van het vee. Het is financieel ook alleen maar interessant bij grotere dieraantallen en dan moet je nog een goede en betrouwbare opfokker vinden.” Jongvee opfokken in het buitenland betekent meer gesleep met dieren. “Dus ook meer risico op ziekteoverdracht”, zegt Meijer (ForFarmers).Gezamenlijk jongvee opfokken in buitenlandTientallen leden van inkoopcoöperatie DeltaFeed hadden in het voorjaar 2017 interesse in het gezamenlijk opfokken van jongvee over de grens. “We willen graag afspraken maken met bedrijven in het buitenland over jongveeopfok met langjarige contracten”, zegt Willem de Jong van inkoopcoöperatie DeltaFeed. “Wat diergezondheidseisen betreft, merken we dat het in de praktijk allemaal minder eenvoudig is dan we vooraf hadden ingeschat. Ook al is in België de regelgeving rondom diergezondheid wel wat soepeler dan in Duitsland.”Dichterbij huisDe coöperatie oriënteert zich nu ook op Tsjechië, waar jongveeopfok veel goedkoper is, maar waarbij veel grotere dieraantallen nodig zijn om diergezondheidseisen en transport rendabel te maken.“Sommige veehouders zijn ook teleurgesteld in buitenlandse opfok, waarbij beloftes niet werden waargemaakt. Daarom kiezen ze in tweede instantie vaak weer voor opfok dichtbij, bijvoorbeeld bij een buurman die niet meer melkt”, zegt De Jong. “Vanwege de stoppersregeling biedt dat in 2018 wat meer mogelijkheden, maar het blijft de kunst om een goede opfokker te vinden.”Logistiek en diergezondheidIn theorie is jongveeopfok op grotere afstand, bijvoorbeeld in Tsjechië, mogelijk. Maar volgens Boeren is dat alleen een optie als je grotere aantallen dieren kunt opfokken afkomstig van meerdere Nederlandse melkveebedrijven.De Jong: “Dat vraagt wel een behoorlijke organisatie in logistiek, in transport en in het voldoen aan de eisen qua diergezondheid. Belangrijk is dan ook om de opfok in eigen beheer te houden met een Nederlandse bedrijfsleider. Dan borg je dat afspraken worden nagekomen.”

Dit artikel is alleen voor abonnees

Al geabonneerd? 

Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement


Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen

Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen

Vorm je eigen mening met opinies en analyses


Bekijk aanbod

Snel delen


Sectornieuwsbrief Rundveehouderij


Reacties

Je bent niet ingelogd


Log in of maak binnen 30 seconden een account aan

Reageer op artikelen en deel je mening met anderen.