GLB gaat bij vang- en rustgewassen stap verder dan mestbeleid
De basisvoorwaarden voor de basispremie – de zogeheten Goede landbouw- en milieuconditie (GLMC’s) – in het nieuwe GLB kennen veel overlap met andere regelgeving, bijvoorbeeld met het mestbeleid. Dit speelt met name bij bodembedekking (GLMC 6) en gewasrotatie (GLMC 7).

De meeste granen, zoals tarwe, staan op de lijst met rustgewassen. - Foto: Peter Roek
Lees meer over het nieuwe GLB:
In GLMC 6 is opgenomen dat de bodem bedekt moet blijven. Land dat uit productie is gehaald, moet uiterlijk 31 mei bedekt zijn met een vanggewas of met gewasresten. De bedekking moet tot 31 augustus blijven staan. Na de hoofdteelt moet op (lichtere) klei tussen 1 augustus en 30 november minimaal 8 weken 80% van uw bouwland bedekt zijn met gewasresten of een (vang)gewas. Op zware klei geldt de plicht voor 6 weken tussen 1 augustus en 1 november, op zand, löss en veen geldt dit van 1 oktober tot 1 februari. Bij maisteelt geldt dit ook op klei en veen in de Nutriënten Verontreinigde gebieden. (NV-gebieden).
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









