Generaties lang kansen najagen in Brazilië

Foto: Fabian Brockötter
Het bedrijf van Walter Zegeren in het Braziliaanse Holambra is al drie generaties in de familie. Twee stallen met 24.000 ouderdieren vormen het hart van het bedrijf. “Elke generatie heeft iets bijgedragen aan het bedrijf”, zegt Zegeren. “We jagen continu nieuwe kansen na en zetten ons geld weg waar dit het zinvolst is.”Toen ze in 1958 in Brazilië aankwamen, hoopten de grootouders van Walter Zegeren een nieuwe toekomst op te kunnen bouwen. Ze kwamen van een kleinschalig melkveebedrijf in Nederland in een tijd dat Nederland nog worstelde met de nasleep van de Tweede Wereldoorlog. De kansen om een toekomstbestendig bestaan in de veehouderij op te bouwen, waren klein. Dat zag de lokale boerencoöperatie ook, die hierop begon met het verkennen van nieuwe mogelijkheden in het buitenland. Van melkveehouderij naar sinaasappelteeltDe coöperatie vond in 1948 een locatie in de staat São Paulo. Brazilië werd aan de leden voorgesteld als ‘het nieuwe beloofde land’. Nadat de eerste migranten zich in Brazilië hadden gevestigd, volgden er meer in de tien jaar daarna, onder hen de familie Zegeren. “Melkveehouderij was hun vak”, zegt Zegeren. “Maar ze moesten hun oorspronkelijke plannen snel omgooien. De meegebrachte melkkoeien uit Nederland deden het niet goed in het Braziliaanse klimaat. Het was gewoonweg te heet voor ze en ze kregen allerhande tropische ziektes.” Het duurde niet lang voordat de familie Zegeren omschakelde naar de productie van sinaasappels.
Walter Zegeren is ondernemer in Holambra (Brazilië). De pluimveetak van het bedrijf telt twee stallen met 24.000 ouderdieren. Daarnaast heeft het bedrijf een sinaasappelplantage en een potplantenbedrijf. Walter Zegeren is een afstammeling van 1 van de 100 Nederlandse families die na de Tweede Wereldoorlog emigreerden naar de Nederlandse enclave Holambra in Brazilië. - Foto's Fabian BrockötterDe vermeerderingsstal met zijn open zijkanten is kenmerkend voor Braziliaanse pluimveestallen. Investeren in pluimvee“De sinaasappelplantage was jarenlang onze hoofdactiviteit”, vervolgt Zegeren. “Maar toen mijn vader het bedrijf overnam, besloot hij een extra inkomensbron aan het bedrijf toe te voegen. In 1986 investeerde hij in twee pluimveestallen, waarin we nu 24.000 vleeskuikenouderdieren houden. Hij deed de investeringen samen met de rest van de boerencoöperatie Holambra. Die deed onderzoek en ontdekte dat pluimveemest een ideale voedingsstof was voor de sinaasappelplantages van haar leden.”Winst van sinaasappel- en plantentak naar pluimveetakToen Zegeren zelf tien jaar geleden actief werd binnen het bedrijf, besloot hij – wederom samen met de coöperatie – om nog een tak aan zijn bedrijf toe te voegen. Hij investeerde in kassen om potplanten te kweken. Zegeren focust nu met name op investeringen in de plantentak van het bedrijf en in de automatisering van de kassen. “De laatste paar jaar hebben we onze investeringsplannen echter vooral gericht op de pluimveetak. Het leuke van eieren in meerdere mandjes hebben, is dat er maar een kleine kans is dat we geen geld verdienen. En als we winst maken, kijken we altijd naar de beste plek om die te investeren.” Zo’n vijf jaar geleden gingen de winsten van de sinaasappelplantage en de kassen naar de pluimveetak. “In die tijd hadden we nog meerdere handmatige legnesten, heel arbeidsintensief. Daarnaast had ik het idee dat het eieren verzamelen de kippen dusdanig veel stress bezorgde dat hun prestaties eronder leden.”
De Nederlandse invloeden zijn goed zichtbaar. Een Vencomatic-eierband verbindt de stallen met het eierlokaal.Het huidige koppel Cobb-dieren is 33 weken oud en volop in productie. Legnesten automatiserenDe stallen omvormen was echter makkelijker gezegd dan gedaan. “De kippen zijn eigendom van de coöperatie. Die zorgt voor voer en veterinaire diensten. Eerst liet de coöperatie niet toe dat ik hun kippen in stallen met automatische legnesten onderbracht. Er waren veel lange gesprekken voor nodig om ze te overtuigen. Uiteindelijk maakten ze voor mij een uitzondering, in de vorm van een testlocatie.”We hebben nu 5% meer goede eieren en een uitkomst die 3% hoger ligtTerugkijkend op het proces is Zegeren blij dat hij zijn plannen heeft doorgezet. “Onze 33 jaar oude stallen kregen een compleet nieuwe automatisering. Door de automatische legnesten van Vencomatic en een Vencobelt die beide stallen met het verzamelstation verbindt, hebben we fors minder gebarsten eieren en eieren met haarscheurtjes. Dankzij deze systemen en de hulp van mijn buitengewoon kundige bedrijfsmanager Gilson, konden we het aantal eieren en het uitkomstpercentage ook verhogen. We hebben nu 5% meer goede eieren en een uitkomst die 3% hoger ligt.”Minder personeel door automatiseringsslagZegeren levert 205 eersteklas eieren aan de broederij, waarvan er 199 geïncubeerd worden en er 171 uitkomen (een uitkomstpercentage van 86). “Daarmee komen we gemakkelijk boven de gemiddelde productie van de coöperatieleden, wat ons een bonus van 10% oplevert bovenop de gemiddelde broedei-prijs van 2,8 dollarcent (omgerekend 2,5 eurocent).” Die prijs is puur voor de arbeid, alle andere kosten worden door de integratie betaald. Het bedrijf heeft sinds de automatiseringsslag zijn personeelsbestand verkleind, van twaalf naar zes. Drie medewerkers verzorgen de dieren en drie werken in het eierlokaal.Blij met het koppelHet koppel dat nu in productie is, is 33 weken oud en heeft een goede start. “De kippen begonnen ongeveer twee weken eerder dan gemiddeld met produceren, op 24 weken. Hun piekproductie lag in week 28, met 86% eieren per dag”, vertelt Zegeren. De dieren zijn van het traag-groeiende Cobb-ras, een keuze van de coöperatie. “De dieren doen het prima, maar als fokker geef ik toch de voorkeur aan Ross. Vanuit het perspectief van een vleeskuikenhouder verdienen de Cobb-dieren echter de voorkeur. Uiteindelijk maakt het mij niet uit, zo lang ik maar bovengemiddelde resultaten krijg.”Omdat onze investeringen uit de winst worden betaald, zijn de kosten eigenlijk nihilZegeren verwacht dat 2020 een goed jaar wordt voor zijn pluimveetak. “Het koppel produceert goed, de vraag vanuit de markt trekt zowel nationaal als internationaal aan en onder onze nieuwe regering zijn de subsidies voor de grote spelers in de industrie stopgezet. Dit geeft ook kleine bedrijven en coöperaties zoals die van ons de kans op een gelijk speelveld. De technische resultaten op het bedrijf maken nu het verschil, net als investeringskosten. Omdat onze investeringen uit de winst worden betaald, zijn de kosten eigenlijk nihil.”Zegeren heeft de volgende investeringskans al in het vizier. “Potplanten kweken is arbeidsintensief. We moeten ook hier gaan automatiseren, net als in onze pluimveetak.”
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









