‘Fout in berekening CO2-voetafdruk PlanetProof’

Foto: Koos Groenewold
Melkveehouders die zich meer richten op de productie van vlees, meer aan natuurbeheer doen of genoegen nemen met een geringere melkproductie, komen wat betreft hun CO2-voetafdruk slecht uit.Bij het berekenen van de CO2-voetafdruk per kilo melk moet rekening worden gehouden met de productie van vlees in de melkveesector (inclusief de kalvermesterij) en de import van vlees van elders. Aangezien Nederland veel rundvlees importeert, valt hier nog veel klimaatwinst te halen. Dat stelt Wageningen-onderzoeker Theun Vellinga tijdens een bijeenkomst van de MRIJ-studieclub in Gassel (N.-Br.). Geen van de tientallen aanwezige MRIJ-veehouders voldoet aan de basisnorm van duurzaamheidskenmerk PlanetProof van minder dan 1.200 gram CO2-equivalent per kilo melk. - Foto: Koos GroenewoldVellinga publiceerde afgelopen jaar, samen met collega Marion de Vries, een wetenschappelijke publicatie over het belang van melk en vlees samen. Dat is in Nederland gebracht als Revival van de Dubbeldoelrunderrassen. Er is in de melkveesector enorm veel aandacht voor het verhogen van de melkproductie. “Misschien wel te veel!”, zegt Vellinga. Een hogere melkproductie gaat vaak ten koste van de vleesproductie. Ter compensatie moet rundvlees uit met name Latijns-Amerika worden geïmporteerd. Reken je de extra emissie van broeikasgassen van deze import mee, dan kunnen dubbeldoelrassen als MRIJ en Blaarkop zich qua CO2-voetafdruk prima meten met hoogproductieve Holsteins. Onvolkomenheid PlanetProof zorgt voor kleiner wordende CO2-voetafdrukOnder de huidige meetsystematiek loont een hoge melkproductie nog wel om te de CO2-voetafdruk per kilo melk te verkleinen. Dat is de reden dat de gemiddelde CO2-voetafdruk, zoals berekend in opdracht van de Duurzame Zuivelketen, de afgelopen jaren kleiner werd. Volgens Vellinga zit er dan ook een onvolkomenheid in PlanetProof. “Melkveehouders die zich meer richten op de productie van vlees, meer aan natuurbeheer doen of genoegen nemen met een geringere melkproductie, worden zo onterecht weggezet.” FrieslandCampina zou er volgens Vellinga goed aan doen dit bij SMK, verantwoordelijk voor PlanetProof, onder de aandacht te brengen.Opbrengsten dubbeldoelrassen vallen gelijk of zelfs wat hoger uitMinder focus op een zo groot mogelijke melkproductie biedt volgens Vellinga meer voordelen. Hoogproductieve koeien functioneren alleen optimaal onder volledig geconditioneerde omstandigheden. Er hoeft maar iets niet te kloppen, en het gaat mis. “Stuur Sven Kramer op houtjes slecht ijs op en het wordt niks.” Oftewel, hoe groter de melkproductie, des te kwetsbaarder het melkveebedrijf. En dat is volgens Vellinga niet wenselijk. Hij noemt als voorbeeld de verandering van het klimaat, waar melkveebedrijven op moeten inspelen. Ook financieel levert meer focus op vlees melkveehouders voldoende op. Op basis van cijfers uit de studiegroep van Blaarkophouders concludeert Vellinga dat de opbrengsten gelijk of zelfs wat hoger uitvallen in het voordeel van dubbeldoelrassen. Dit heeft onder meer te maken met een betere robuustheid, minder diergezondheidskosten en betere mogelijkheden voor het afmesten van zowel koeien als kalveren.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









