Een derde melkveebedrijven volledig grondgebonden

Foto: Henk Riswick
Een derde van de melkveebedrijven was in 2015 grondgebonden. Dat blijkt uit de nulmeting van de grondgebondenheid die Wageningen Economic Research (WER) heeft gedaan in opdracht van het ministerie van LNV.Grondgebondenheid van de melkveehouderij is een gevoelig punt. Belangenorganisaties buigen zich over de definitie van grondgebondenheid en in 2016 werd via de Wet grondgebonden groei een begrenzing gesteld aan grondloze groei. Om het effect daarvan te meten, deed WER een nulmeting. Lees ook: Commissie Grondgebondenheid: melkvee moet eiwit van eigen grond halenIn 2015 was 32% van de melkveebedrijven volledig grondbonden op basis van forfaitaire fosfaatproductie. Wanneer rekening wordt gehouden met de bedrijfsspecifieke excretienormen (BEX) had 39% van de melkveebedrijven genoeg plaatsingsruimte voor de fosfaatproductie van de veestapel. Dat blijkt uit de nulmeting van grondgebondenheid die WER heeft opgesteld in opdracht van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV). De nulmeting werd gedaan in 2015, voordat de Wet grondgebonden groei van kracht werd. FosfaatoverschotIn totaal heeft 32% van de bedrijven met melkvee een fosfaatoverschot van meer dan 20 kilo per hectare, waarbij rekening is gehouden met het BEX-effect. Zonder BEX is dit 38%. Bij 12% van de bedrijven is het fosfaatoverschot meer dan 50 kilo per hectare. Zonder BEX is dit 15%. De meeste bedrijven met een hogere veebezetting zitten in de regio’s Zuid en Oost. In het Zuiden heeft, rekening houdend met BEX, 40% van de melkveebedrijven een fosfaatoverschot van meer dan 50 kilo per hectare. In de regio Oost is dit 11%, in de rest van het land is dit 6% van de bedrijven.Verdeling van grondgebondenheid naar grond en veestapelIn het onderzoek is ook gekeken naar de verdeling van grondgebondenheid naar de grond en de veestapel. Wanneer wordt gekeken naar oppervlakte landbouwgrond, blijkt dat op 37% van het areaal van de melkveehouderij geen fosfaatoverschot is. Op 33% is een fosfaatoverschot tot 20 kilo fosfaat per hectare, op 20% een fosfaatoverschot van 20 tot 50 kilo per hectare. Op een kleine 10% van het melkvee-areaal geldt een fosfaatoverschot van meer dan 50 kilo per hectare. Op basis van de veestapel heeft 24% van de 1,62 miljoen melkkoeien geen fosfaatoverschot op bedrijfsniveau, 33% een fosfaatoverschot tot 20 kilo per hectare, 25% tussen de 20 en 50 kilo en 17% meer dan 50 kilo fosfaat per hectare. Daaruit blijkt dat bedrijven met een fosfaatoverschot gemiddeld meer dieren hebben dan bedrijven die geen fosfaatoverschot hebben. Landelijk hebben melkveebedrijven gemiddeld 78 melkkoeien op 46 hectare grond, waarmee de veebezetting uit komt op 1,68 koe per hectare. In Noord-Brabant en Flevoland is de veedichtheid het grootst met meer dan 1,9 melkkoe per hectare.Bekijk het volledige rapport: Monitoring grondgebondenheid melkveehouderij
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









