Doorgaan met het pluimveebedrijf als biologisch opfokbedrijf
Na tien jaar werken in de zorg nam Loes Manders de stap om het pluimveebedrijf van haar ouders voort te zetten. Niet als biologisch legbedrijf, maar als biologisch opfokbedrijf. “Ik geniet van de opgroeiende dieren, om daar dagelijks mee bezig te zijn.”

De opfokvolières van Specht met de speciale ‘oploopbruggetjes’, zodat de jonge kuikens makkelijker van de vloer in de etage kunnen komen. Per afdeling een zo’n bruggetje aan elke kant van de volièrestelling. – Foto: Digital Art Productions
Wat te doen als de oudste pluimveestallen bijna veertig jaar oud zijn en toe zijn aan renovatie? En als investeren in emissiereductie noodzakelijk is, omdat het bedrijf hoog zit met de uitstoot en de provincie Noord-Brabant voorop loopt met strenge milieu-eisen? Heeft renoveren nog wel zin, nu we tegen de zestig lopen? Of zetten we nog een koppel hennen op en stoppen we daarna als het bedrijf niet meer aan de milieueisen voldoet?
Loes Manders (38), Milheeze (N.-Br.)
Biologisch opfokbedrijf met 31.000 opfokplaatsen in twee stallen. In elke stal staan drie stellingen van het Specht-opfokvolièresysteem. Loes zit nu midden in de fase van de definitieve bedrijfsovername. Als hobby, vooral van vader Cor, houdt het bedrijf ook biologische Zwartbles-stamboekschapen.

Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









