Boerin Willeke: ‘Ik ben geen op-en-top boerin, maar help mee’
Boerendochter Willeke Boersma-Jonkman vindt zichzelf geen ‘op en top’ boerin, maar helpt en denkt wel degelijk mee op de melkveehouderij. En ze runt het winkeltje. Nadat ze enige tijd overspannen was, is alles nu weer in balans.

Willeke Boersma-Jonkman is´deeltijd-boerin´ en werk twee dagen per week als verpleegkundige. “Het scheelt dat ik hier op de boerderij ben opgegroeid. Mijn opa en vader waren hier melkveehouder.” Foto’s: Andrea van Schaik
Boerin Willeke loopt graag door de weilanden om te zien hoe het gras erbij staat, of om de paaltjes te verzetten. Koeien halen vindt ze ook erg leuk. “Dat is heel ontspannend, zeker in de zomer. Lekker samen lopen met de hond.” Ze is nogal bescheiden over haar rol op het biologische melkveebedrijf. “Ik zie mezelf niet als een op-en-top-boerin, maar ik help wel mee en denk mee over beslissingen. Het scheelt dat ik hier op de boerderij ben opgegroeid. Mijn opa en vader waren hier melkveehouder. Ik hielp thuis vaak mee, stofzuigen, grasmaaien, dat soort werk, maar niet zozeer op de boerderij. Ik heb één broer, die had geen ambitie om boer te worden en ik ook niet.”
Dat ze tóch boerin is geworden, al is het in deeltijd, is eigenlijk toeval. Ze werd op haar 18e verliefd op Rimmer, die ze ontmoette op een dansfeest. En laat dat nu net een boerenzoon zijn, die wél boer wilde worden. “Bij hem was er geen mogelijkheid om boer te worden, hij deed eerst ook nog ander werk. Maar bij mij thuis kon wel een opvolger aan de slag. We hebben een huis in de buurt gekocht, hebben dat opgeknapt, zijn getrouwd. Zo is Rimmer er op deze boerderij langzaam ingegroeid.”
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









