Boerderijconcept moet bij ondernemer passen
Varkenshouders kunnen zich onderscheiden met een concept. Er zijn voordelen om je aan te sluiten bij bestaande, kleine boerderijconcepten. Ondanks de mogelijkheden loopt het niet storm met nieuwe deelnemers.

Deelname aan een boerderijconcept moet passen bij de ondernemer en het bedrijf. Dat kan met investeringen gepaard gaan. Zo is voor deelname aan Wroetvarken vaak een nieuwe stal nodig. - Foto: Koos Groenewold
Veel varkenshouders produceren de afgelopen jaren voor een retailconcept, vaak op basis van Beter Leven 1 ster. Ondernemers die een stap verder gaan, kunnen kiezen voor de biologische keten. Beide werken op basis van, grote bekende keurmerken die een stevige positie hebben verworven. Daarnaast zijn er tientallen boerderijconcepten die vlees onder eigen merk verkopen. Voorbeelden zijn Livar, Frievar, Wroetvarken en Zonvarken (zie kader) maar ook kleine concepten als Hamletz of Duke of Berkshire.Typerend voor concepten is dat varkenshouders pas aansluiten als er ruimte is in de markt. Dat is de belangrijkste garantie dat vraag en aanbod in balans blijven. Aan de andere kant is het niet zo dat varkenshouders in de rij staan. Zo zeggen Livar en Frievar ruimte te hebben voor uitbreiding van de productie, maar melden zich geen geschikte bedrijven. Om die reden investeert Livar zelf.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









