Advies Rli: van peilverlaging naar peilverhoging

Bodemdaling in veenweidegebied. - Foto: Cor Salverius Fotografie

Bodemdaling in veenweidegebied. - Foto: Cor Salverius Fotografie


Wil je reageren? Maak dan gratis een account aan!

Het bodemgebruik in de landelijke veenweidegebieden moet op de schop. In plaats van peilverlaging moet het kabinet sturen op peilverhoging. Dat beleid moet op lokaal niveau uitgevoerd worden.Dat advies geeft de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli) in zijn rapport ‘Stop bodemdaling in veenweidegebieden: het Groene Hart als voorbeeld’. Het rapport wordt vandaag, donderdag 3 september, overhandigd aan de ministers van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) en Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK). Volgens Rli komen uitvoering en initiatieven om bodemdaling te remmen moeizaam van de grond.Grote gevolgen voor boerenVoor boeren in veenweidegebieden heeft peilverhoging ingrijpende gevolgen. Immers, het water stijgt tot maaiveldhoogte. Dat vraagt om minder vee per hectare en andere teelten, wat volgens de Raad mogelijk is, zoals verschillende proeven aantonen.De overheid moet boeren met een riante vergoeding en kennis ondersteunen, adviseert Rli. Een belangrijk onderdeel daarvan is CO2-beprijzing. Rli pleit voor extra betalingen aan boeren die een hogere CO2-reductie boeken, bovenop de klimaatafspraken. Bovendien moet in de eerste fase, de omschakelfase, een premie komen. Voor herinrichting van het gebied moet er een uitvoeringsbudget komen met cofinanciering. Oftewel: het Rijk betaalt, regionale partijen dragen bij.Reductie bij wet vastleggenPeilverhoging vraagt om drastische aanpassingen in het waterbeheer. Om dat te realiseren moet de overheid, volgens de Rli, gerichter gaan sturen. De raad adviseert om 50% bodemdalingsreductie wettelijk verplicht te stellen in 2030. Voor 2050 moet dat 70% zijn. Ook moet het Rijk investeren in een solide kennisbasis en een meetnetwerk voor bodemdaling in de veenweidegebieden.Op de huidige manier verdergaan met ontwateren betekent: een achteruitgang van de natuur- en waterkwaliteit, hogere veiligheidsrisico’s, meer kans op verzilting en ongecontroleerd naar boven komen van grondwater (opbarsting). Ook zullen de kosten voor het waterbeheer zonder iets te doen verder stijgen, volgens Rli. CO2-emissie uit veenweiden kost jaarlijks ruim € 197 miljoen, zo schat de raad. Kosten voor waterbeheerders om landbouw op het droge te houden kost volgens Rli tot 2050 zo’n € 200 miljoen.Gebiedsgerichte aanpakVolgens Rli daalt de bodem in veenweidegebieden door het verlagen van het grondwaterpeil voor intensief landbouwgebruik. Een verlaagd waterpeil leidt op zijn beurt tot veenoxidatie, met bodemdaling en meer CO2-uitstoot als gevolg. De mate van bodemdaling verschilt echter per regio. Daarom pleit de raad voor een gebiedsgerichte aanpak om een onevenredige inspanning te voorkomen. De doelstelling geldt daarom voor alle gebieden totdat een daling van maximaal 3 mm per jaar is bereikt.Provincies moeten met zoneringskaarten aangeven waar en hoever de waterpeilen omhoog moeten. Om dat in goede banen te leiden stelt Rli voor om regionale uitvoeringstafels in te stellen. Bij de uitvoering hiervan spelen waterschappen een belangrijke rol.Het Groene Hart is gekozen vanwege de complexe opgaven die er samenkomen. Daarmee geldt een groot deel van het advies ook voor de andere veenweideclusters in Nederland.

Dit artikel is alleen voor abonnees

Al geabonneerd? 

Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement


Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen

Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen

Vorm je eigen mening met opinies en analyses


Bekijk aanbod

Snel delen


Dagelijkse nieuwsbrief


Reacties

Je bent niet ingelogd


Log in of maak binnen 30 seconden een account aan

Reageer op artikelen en deel je mening met anderen.