1957: Droog inkuilen tegen ‘stinkmelk’

Foto: Misset
Op de foto uit 1957 wordt bijzonder droog gras, bijna hooi, ingekuild volgens een nieuwe methode.Door niet langer meteen na het maaien het gras nat in te kuilen maar het eerst te laten voordrogen op het land, ontstond een veel betere kwaliteit ruwvoer. Minder doordringende kuilvoerluchtEen ander groot voordeel was de minder doordringende kuilvoerlucht die grote invloed had op de geur van melk, boter en kaas. Het landbouwhandboek uit die tijd waarschuwt ervoor: laat emmers melk niet langer dan nodig in de stal staan waar ook kuilgras ligt aangezien de geur onmiddellijk overslaat. Het advies was dan ook om resten kuilvoer niet in de grup te vegen, maar buiten op de mestvaalt te gooien.Voordrogen gaf beter ruwvoer, maar het inkuilen ervan was nog wel een dingetje. De lucht moest er zo snel mogelijk uit. Het advies was: dek af met een laag grond van minstens een halve meter. - Foto: MissetKorting op uitbetalingsprijsWie ‘besmette’ melk aan de zuivelfabriek leverde, werd flink gekort op de uitbetalingsprijs. Zo probeerde men het euvel uit te bannen want het was schering en inslag met die ‘stinkmelk’. Het was allemaal een gevolg van de relatief nieuwe voederwinningsmethode die nog in de kinderschoenen stond. ‘Hardelanden’Behalve voordrogen werd ook ‘hardelanden’ aangeraden. Hierbij werd een zuur of melasse met de Hardeland-machine gelijkmatig door het gras gemengd. Op deze manier verliep de conservering veel beter dan wanneer men handmatig toevoegingen door het gras mengde en her en der onbedoeld plekken oversloeg. Dit artikel is te lezen in Boerderij 31 van dinsdag 1 mei en is onderdeel van de rubriek Zo ging het toen
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









