Rundveehouderij

Nieuws 4010 x bekeken 1 reactie

Grondgebondenheid dreigt werk netbeheerders te vertragen

Melkveehouders zijn sinds de invoering van de AMvB grondgebonden groei melkveehouderij minder bereid om grond beschikbaar te stellen aan netbeheerders. Om vertraging aan werkzaamheden te voorkomen wil staatssecretaris Martijn van Dam (Economische Zaken) het wetsvoorstel grondgebonden groei aanpassen.

Om aanleg en onderhoud van infrastructuur voor het algemeen belang niet onnodig te vertragen wil Van Dam de grond die hierdoor tijdelijk niet gebruikt kan worden wel meetellen voor de grondgebondenheid. De melkveehouder moet dit aangeven bij de Gemeenschappelijke Data-Inwinning (GDI).

Netbeheerders als Tennet en Gasunie Transport Services (GTS) signaleren een verminderde bereidheid van melkveehouders om vrijwillig mee te werken aan aanleg en onderhoud van hun netten sinds de inwerkingtreding van de AMvB. Dat schrijft staatssecretaris Martijn van Dam van Economische Zaken in een brief aan de Tweede Kamer bij een voorstel tot wijziging van de het wetsvoorstel grondgebonden groei.

Minder grond beschikbaar voor grondgebondenheid

Voor het uitvoeren van werkzaamheden aan gas- of elektriciteitsnetten worden jaarlijks in Nederland honderden tot duizend hectare landbouwgrond tijdelijk onbeteeld. Dit heeft gevolgen voor melkveehouders omdat ze dan minder grond hebben om aan de eisen voor grondgebondenheid te voldoen. In principe moet de netbeheerder of de overheid de kosten hiervan betalen.

Om toch aan de wet te voldoen moet de melkveehouder vervangende grond verwerven of koeien afstoten om de mestproductie te verlagen. Dit kan tot aanzienlijke kosten voor de melkveehouder leiden. De extra kosten voor de melkveehouders worden vergoed door de instantie die het werk laat uitvoeren. Deze kosten worden doorberekend aan de gebruikers van de infrastructuur of aan de belastingbetaler.

Eén reactie

  • koeboertje

    Nu kunnen er opeens wel aanpassingen gedaan worden,als andere partijen problemen aangeven !

Of registreer je om te kunnen reageren.