Wiskerke: onze kracht is goede uien, lage kostprijs

Wiskerke: onze kracht is goede uien, lage kostprijs
De ambitieuze, blonde Zeeuwse is een ambassadeur voor de Nederlandse uienexport. Chayenne Wiskerke (29) reist de aardbol rond om zoveel mogelijk Nederlandse uien naar alle hoeken van de wereld te kunnen brengen.Chayenne Wiskerke (1989) is de vierde generatie aan het roer van Wiskerke Onions (1933), marktleider in de uienverwerking en -export. Uien, sjalotten en knoflook vinden via het Zeeuwse bedrijf – met 85 man personeel en een jaaromzet van € 40 tot € 60 miljoen – een weg naar zo’n 100 landen.Chayenne Wiskerke - Foto: Wiskerke OnionsRazend druk is ze. Bijna de helft van haar werktijd zit ze in het buitenland voor in- en verkoop en het bezoeken van markten en klanten, voor continue optimalisatie en het onderhoud van het netwerk van één vaste importeur per land. “Het voelt als hobby, niet als werk”, relativeert de bevlogen uienverkoper. Ze wisselt het reizen af met vader Jaap, die een stap terugdeed toen zijn dochter 4 jaar geleden de dagelijkse leiding overnam. “We zijn een team. Meestal is één van ons op kantoor in Kruiningen.” Het werk verandert met de jaren mee. De brexit is een grote uitdaging. Is Wiskerke Onions brexitproof?“Ik denk het wel. Allereerst door het belang van het Verenigd Koninkrijk om veel uien te importeren. Zij zijn daarbij afhankelijk van Nederland: ze kopen 18% van onze uien. Dat doen ze omdat we heel snel grote volumes kwaliteitsuien kunnen leveren voor een goede prijs. ’s Ochtends besteld, ’s avonds geleverd. Dat is onze kracht.”De Britten gaan zichzelf echt niet in de vingers snijden“Als wij niet meer kunnen leveren, hebben ze lege winkelschappen. De Britten gaan zichzelf echt niet in de vingers snijden. Natuurlijk, die 18% is voor ons ook belangrijk, maar andersom is de afhankelijkheid groter. Als wij het niet doen, wie dan wel? Er zijn geen alternatieven. En dat gaat niet alleen om uien, ook om andere landbouwproducten. Het enige waar we bang voor zijn, is dat we de dupe worden van zwaardere en dus duurdere procedures. Die kunnen de snelheid waarmee we zaken doen belemmeren. Papierwerk zijn we wel gewend, dat is geen punt. Als we maar flexibel kunnen blijven. En dat beslist de overheid.”Nederland is toonaangevend in de wereldwijde uienexport. Ook in een jaar als 2018, dat draait om grote tekorten?“Vooral dit jaar zie je hoe belangrijk onze exportpositie is. Je ziet gelijk paniek ontstaan als ook wij de uien niet hebben. We hebben bijna de helft geoogst van wat we normaal produceren. We doen nu veel export en dat moet vooral zo blijven. Om fiasco’s zoals dit jaar in de toekomst te voorkomen, moeten telers weerbaarder worden tegen extreme weersomstandigheden. Een goede productie is zowel voor de teler als voor ons van groot belang. Daarom helpen we ze daarbij. Als verwerker nemen we die verantwoordelijkheid.”Wat doen jullie om oogstrisico’s te verkleinen?“Samen met telers het rijtje afgaan van factoren die invloed hebben op oogstzekerheid, zoals: heb je de vochtaf- en aanvoer op orde. We brengen telers bij elkaar om van elkaar te leren. Misschien kunnen ze collectief iets met watervoorziening doen. Op dit moment proberen we PlanetProof-uien van de grond te krijgen, waarvoor we veel contact hebben met telers. Het grotere plaatje nemen we ook onder de loep: kun je slimmer omgaan met wat er al is? Een goed voorbeeld is onze samenwerking met buurbedrijf Lamb Weston/Meijer. Wij drogen uien met hun restwarmte.”Intelligenter naar bedrijven te kijken, daarin zie ik veel kansen“Zo kun je meer samenwerkingen zoeken, ook voor de opslag en het gebruik van water, waar we veel zuiniger op moeten zijn. Kunnen we meer halen uit zonne-energie? Intelligenter naar bedrijven te kijken, daarin zie ik veel kansen. Daar moet je mee bezig zijn in deze tijd, alles gebruiken wat er is. Als je er niet over nadenkt, gebeurt er namelijk niks.”Klinkt als verduurzamen.“We zoeken continu naar optimalisatie. Het is uitdagend om daarmee bezig te zijn. Want over 30 jaar willen we nog steeds dit mooie werk doen.”De grote verwerkingscapaciteit in Nederland is dit seizoen nog een groter probleem dan voorheen. Wat is daaraan te doen?“Zorgen voor voldoende product om aan de groeiende vraag naar uien te voldoen. De afgelopen jaren groeide de verwerkingscapaciteit harder dan de vraag en dan ga je te hard. Maar die vraag komt zeker. Dat zie je aan de alsmaar groeiende exporttrend. We moeten onze teelt daarop aanpassen.”De uienteelt in het Zuidwesten is in 2018 op een drama uitgelopen door droogte en trips. Zit daar nog wel toekomst in?“Zeker! De uienteelt moet absoluut blijven in Zuidwest-Nederland. Hij moet alleen goed worden gemanaged: de juiste percelen voor de juiste producten. En voorbereid zijn op extreme droogte en wateroverlast. Dan kunnen hier prachtige uien worden geteeld. Telers zijn altijd een klein beetje te makkelijk geweest. Franse en Spaanse collega’s hebben allang geanticipeerd op droogte met technieken als druppelirrigatie. En ze beginnen op tijd met beregenen. Hier wachten telers altijd af tot het echt moet. Die kant van de zuidelijke collega’s moet het wel op. Dan kun je een goed rendement uit de teelt halen. De teler is de bron.”Je bent nu 4 jaar directeur. Heb je al je stempel op het bedrijf gezet?“Een goed georganiseerd bedrijf hoef je niet drastisch te veranderen. Wel ontwikkelen, in de vorm van optimalisatie. Niet meer de focus op groot en volumineus, maar op kwaliteit en vloeiende processen.”Verwacht je, met het oog op kwaliteitsverbetering, dat optisch sorteren een vlucht neemt?“Op dit moment voor de Europese retail absoluut, want daar wordt extra kwaliteit gevraagd, maar niet voor de export. Voor de handel op verre bestemmingen is het voorlopig gewoonweg niet nodig en te duur. Afrika is onze grootste afnemer, die klanten vragen niet om op de millimeter nauwkeurig werken. Zij willen goede uien voor een lage kostprijs. En dat is precies onze kracht. Wij hebben een optische sorteerlijn voor retailbestemmingen. Maar voor ik er verder in investeer, bekijk ik eerst of de markt zich ernaar ontwikkelt.”Is jouw werk anders dan dat van je voorgangers?“Het is veel interactiever geworden. Daarmee kunnen we het werk veel sneller en transparanter doen. Met korte lijnen kunnen we klanten veel beter bedienen. Dat leidt tot maximale waarde in de keten en een tevreden eindgebruiker.”Is het werk voor jou als vrouw in een vrij traditionele sector anders dan voor je vader?“Absoluut niet, er is geen onderscheid tussen mijn vader en mij. Het vrouw-zijn heeft me nooit tegengewerkt, het kan juist wel een mooie draai geven aan de kijk op dingen. Maar verder zie ik geen enkel verschil. Waar het om gaat is: op het juiste moment kopen en verkopen, het juiste gevoel bij het bedrijf hebben en kansen zien.”
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









