‘Werken met klimaatverandering’

Laatst bijgewerkt:
Foto: Hans Prinsen

Foto: Hans Prinsen


Wil je reageren? Maak dan gratis een account aan!

De opdracht voor waterschappen is helder: zorgen voor veiligheid en voldoende en schoon water.Aan veiligheid, het grootste goed, mag niet worden getornd; waterschappen zijn al jaren bezig via verhoging van dijken de zeespiegelstijging en bodemdaling het hoofd te bieden. Grote, door het rijk geïnitieerde dijkverbeteringswerken worden door waterschappen uitgevoerd. Door de hogere zeespiegel en het lager wordende land, neemt verzilting door kwel van buiten naar binnen toe. Hogere waterpeilen kunnen tegendruk bieden, maar staan soms op gespannen voet met agrarische activiteiten. Toenemende verzilting is en wordt een belangrijk aandachtsgebied voor waterschappers en grondgebruikers. Overal ter wereld, trouwens.‘Klein leven dat wél in het water hoort bewerkstelligt een verbetering van de biotoop’Schoon water is een relatief begrip. Natuurlijk werken we aan schoner water en verbetering daarvan. In het water behoren geen stoffen te zitten die er niet in horen. Grote vooruitgang is bewerkstelligd door rioleringsaanleg, zuiveringen, overstortreductie en de meststoffenwetgeving de afgelopen tientallen jaren. Maar het water willen we nog beter hebben; klein leven dat er wél in hoort bewerkstelligt een verbetering van de biotoop en geeft meer biodiversiteit voor flora en fauna. Daarom krijgt gewenste reductie van mineralen aandacht, zo ook restanten van gewasbeschermingsmiddelen en medicijnresten. Door aanpassing van watergangen kunnen de kades beter water filteren en die zuiverende werking krijgt nog een push wanneer de watergangen ook breder zijn.Water uit drie bronnenEn die bredere watergangen bewijzen een grote dienst aan de afvoer van water. Voor de verwerking komt water uit drie bronnen: uit zee, door de rivieren en uit de lucht. En voor elk van deze stromen geldt een specifieke benadering. Water ‘van boven’ heeft ons afgelopen weken intensief beziggehouden. Wanneer het goed verspreid valt, is afvoer gemakkelijker, een buffer aanleggen in het afvoersysteem geeft ruimte. Echter: wanneer regen intensief, regionaal, pleksgewijs valt, heeft het systeem het moeilijker. Dat gebeurde nu ook. Doordat de sloten nog niet waren gehekkeld in veel gevallen, stagneerde de afvoer enorm. Het water heeft dan twee keer zoveel tijd nodig om te worden afgevoerd. Incidenteel wordt er dan, afhankelijk van diverse omstandigheden, een extra pomp geplaatst. Klimaatverandering intensiveert deze situaties. Het buitengebied zal erop moeten worden aangepast en wateroverlast zal niet altijd kunnen worden voorkomen.

Dit artikel is alleen voor abonnees

Al geabonneerd? 

Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement


Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen

Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen

Vorm je eigen mening met opinies en analyses


Bekijk aanbod

Snel delen


Dagelijkse nieuwsbrief


Reacties

Je bent niet ingelogd


Log in of maak binnen 30 seconden een account aan

Reageer op artikelen en deel je mening met anderen.