Vrije uien rond jaarwisseling al bijna op

Laatst bijgewerkt:
Normaal gesproken ligt deze schuur helemaal vol met uien. Gillis Klompe hoeft dit jaar echter niet tegen de schotten op te klimmen om zijn uien te bekijken. - Foto: Peter Roek

Normaal gesproken ligt deze schuur helemaal vol met uien. Gillis Klompe hoeft dit jaar echter niet tegen de schotten op te klimmen om zijn uien te bekijken. - Foto: Peter Roek


Wil je reageren? Maak dan gratis een account aan!

Door de landelijk kleinere uienoogst is het prijsniveau hoog. Daarvan profiteren telers met goede opbrengsten. De export loopt op rolletjes; voor de tweede helft van het afzetseizoen zijn nog maar weinig uien beschikbaar.Uienseizoen 2018-‘19 is eentje om niet snel te vergeten. De extreem hete en droge zomer, voorafgegaan door pittige buien, leidt tot enorme variatie in de teeltresultaten. Van misoogst tot probleempartijen met fusarium, bacterie-infectie, hergroei of kiemlust tot heel mooie en zelfs grove uien. Van niks tot 100 ton per hectare en landelijk een laag gemiddelde.Soms uien ondergewerktHet Centraal Bureau voor de Statistiek meldde eind oktober gemiddeld 32 ton. Verenigde Telers Akkerbouw kwam na de voorraadinventarisatie in december op gemiddeld 37,7 ton per hectare. Waar niet kan worden beregend, vooral in het Zuidwesten een probleem, zijn de opbrengsten het laagst. Soms was de opbrengst zelfs zo schamel dat de uien zijn ondergewerkt.Lees verder onder de foto.Lees onderaan dit artikel de verhalen van deze 4 akkerbouwers over de teelt van uien afgelopen seizoen. Remy Metselaar uit Bant (linksboven), Kees Breure uit Dinteloord (rechtsboven), Joos Poppe uit Nagele (linksonder) en Gillis Klompe uit Dreischor (rechtsonder).KiemproevenUien die uitdrogen, groeien immers niet. Die planten zijn door de stress kwetsbaarder, waardoor de plaag trips op veel plekken schade aanrichtte. En planten die niet groeien, nemen middelen als kiemremmer MH niet op. Dat maakt de uien spruitlustiger dan normaal. Fijne uien groeiden minder en zijn daarmee doorgaans ook vatbaarder voor vroegtijdig kiemen. Telers zijn daar alert op, zij doen steeds vaker kiemproeven om de houdbaarheid van uien te voorspellen.Lees verder onder de foto.Uien in het Noorden zijn doorgaans grof en goed bewaarbaar. Dankzij het minder scherpe zomerweer waren de opbrengsten ongeveer 50 tot 70 ton. - Foto: Jaap JonkerGoede vraag naar uien door schaarsteProbleempartijen worden op tijd verkocht. Maar ook grovere partijen zijn vanwege het relatief hoge prijsniveau al vroeg verhandeld. Omringende en afnemende landen hebben ook minder uien geoogst. Door de wijdverbreide uienschaarste is de vraag goed. Op de akkerbouwbedrijven komen meer uienkopers langs dan gebruikelijk. De export loopt dit hele seizoen al goed door. Dat leidt tot extreem lage voorraden in de bewaarschuren. Uit de VTA-meting blijkt dat door lagere opbrengsten, risico-partijen en de goede prijzen eind 2018 bijna 40% minder voorraad in de schuren ligt dan vorig seizoen. Dit ligt zo’n 36% onder het vijfjarig gemiddelde.
Lees verder onder de grafiek.Begin december waren er al bijzonder weinig vrije uien over, blijkt uit de voorraadmeting van Verenigde Telers Akkerbouw (VTA). Wat ook opvalt is het grote aandeel verkochte voorraad. Financiële bufferHet scherpe weer was de boosdoener en de beschikking over water de enige mogelijke sleutel naar een fatsoenlijke opbrengst. Wie dat laatste heeft gepresteerd, 40 ton of meer per hectare, kan spreken van een seizoen dat zorgt voor een financiële buffer op het akkerbouwbedrijf. Want de uienprijs is, afgezet tegen de prijsontwikkeling in het verleden, torenhoog. Vooral voor de grovere maten (€ 50 per 100 kilo rond de jaarwisseling). Die hoge prijzen zijn slechts een druppel op de gloeiende plaat – of misschien zelfs zout in de wonden – voor telers die onder die 40 ton zitten.Omdat het aantal schrijnende gevallen zo hoog is dit jaar, passen telers met goede resultaten extra op met wat ze naar buiten brengen. Ze willen niet opschepperig over te komen. Want zij weten: iedereen doet zijn best, je moet ook een beetje geluk hebben met de omstandigheden. Factoren als grondsoort en beschikbaarheid van zoet water, maar ook het weer: in het Noorden was het minder heet dan in het Zuiden en dat kwam de uienteelt ten goede.Lees verder onder de foto‘s.
In de kou van de biologische uienbewaring controleert Joos Poppe de kwaliteit van de oogst. Kiemrust is iets om extra in de gaten te houden. - Foto: Ruud PloegDe kiemproef van Remy Metselaar. Steeds meer telers verschaffen zich op deze manier een blik in de toekomst van de uienkwaliteit. - Foto: Ruud PloegGrote verschillen inkomen akkerbouwersDat de situatie het meest ernstig is in het Zuidwesten blijkt ook uit de inkomensramingen die Wageningen Economic Research onlangs publiceerde over 2018. Het landelijk gemiddelde inkomen van akkerbouwers is in 2018 met € 38.000 vrijwel gelijk aan 2017. Maar de verschillen zijn enorm: het inkomen per ondernemer op akkerbouwbedrijven wordt geraamd op € 3.000 in het Zuidwesten en € 79.000 in het Noordelijk kleigebied. Dat heeft alles met de droogte te maken.Beeld van aprilNergens zijn de verschillen en weersextremen zo goed te zien als in de uienteelt en in de bewaarschuren. “Wat je nu ziet, is het beeld van april”, schetst eind december Kees Smalheer, teeltbegeleider bij de Zeeuwse uienverwerker Monie. “Veel schuren zijn al leeg, een bijzondere situatie. De goede uien liggen er nog.” Hij schat dat nog 20 tot 25% van de uienoogst in bewaring ligt. “Het meeste in het Noorden, waar de opbrengsten beter waren. Wij moeten meer kilometers maken om werk te kopen. Volume is echt een probleem.”Lees verder onder de foto‘s.
De uienbewaring van Kees Breure (rechts achterin, met Kees Smalheer van Monie) is bijna leeg dit seizoen en biedt daardoor plaats aan kisten en machines. - Foto: Peter RoekRemy Metselaar tilt het dekzijl op om de uien te laten zien. "Asociale opbrengsten voor dit seizoen", weet hij. "In droge periodes zitten we hier gunstig." - Foto: Ruud PloegUienteler Kees Breure (rechts) doet een kwaliteitscontrole met teeltbegeleider Kees Smalheer van Monie. De rode uien zijn iets beter dan de gele. - Foto: Peter RoekGeen volle bewaarruimtesWaar schuren normaal van achter tot voor met uien gevuld zijn, hoefden veel Zuidwestelijke telers dit jaarde planken niet eens te gebruiken om de uien op hun plek te houden. Achterin de bewaarruimte ligt een hoopje uien op het verkoopmoment te wachten. Tot die tijd rollen ze nergens heen. De akkerbouwers gebruiken overgebleven ruimte in de schuren voor opslag van machines en kisten. Ook wel eens handig, maar totaal niet de bedoeling natuurlijk.Hoe anders is het beeld noordelijker. Daar is het vaak gewoon volle bak. “Als het tegenviel, rooiden telers 50 ton”, schetst Jaap Jonker van uienzaadbedrijf De Groot en Slot over de uienteelt in Friesland en Groningen. “Goede percelen leverden 70 ton.”Prijsontwikkeling na feestdagenHet extreme groeiseizoen maakt de komende maanden bijzonder spannend. Hoe ontwikkelen zich vraag (wat doet Afrika) en aanbod (hoe houdt de kwaliteit zich) en welk effect heeft dat op de prijsvorming na de traditioneel rustige periode rond de feestdagen?Import dient zich voorlopig niet aan, dus de uienschaarste blijft. Wie goede kwaliteit achter de planken heeft, zit in principe op goud. Het blijft echter altijd oppassen met uien, de markt is grillig. Vooral in een seizoen met hoge prijzen kun je veel geld winnen, maar ook veel verliezen.Denk dat de prijs nog enorm stijgt“We zitten hier in het noordwesten van de Noordoostpolder, tegen het IJsselmeer. Een gunstige plek in droge periodes”, verklaart Remy Metselaar van Landbouwbedrijf De Groot het goede oogstresultaat. Normale opbrengsten in een bijzonder groeiseizoen. Dat maakt akkerbouwers nederig, zo ook Metselaar. Opscheppen wil hij absoluut niet, maar hij kan het goede oogstresultaat ook niet ontkennen. “Dit zijn gewoon asociale opbrengsten voor dit seizoen, als je hoort hoe het op andere plekken is gegaan. In Zeeland, maar ook hier in de polder. We hebben heel veel beregend, zo’n acht keer. Vooral uit bronnen, in verband met de pootgoedteelt.”Lees verder onder de foto.Remy Metselaar (40) uit Bant (Fl.) is bedrijfsleider op Landbouwbedrijf De Groot in Creil (Fl.). "Dit zijn voor ons normale opbrengsten." Het bedrijf heeft 80 hectare akkerbouw, waarvan 25 hectare uien (geel en rood). Er is tijdens de droogte 8 keer beregend. Opbrengst gele uien per hectare: 85 ton. - Foto: Ruud PloegVerziltingToen dat water zouter werd, zijn de uien ook een keer met oppervlaktewater beregend. ”We hielden dat in de gaten met toeleverancier Profytodsd, door middel van proeven. Verzilting is een uitdaging nu we zoveel water hebben gebruikt om te beregenen en het IJsselmeer lager staat. Zoveel beregenen kost natuurlijk veel energie, maar we zijn blij dat het kan.”De goede beregeningsmogelijkheden leidden tot een opbrengst van zo’n 85 ton in de gele uien en rond de 65 ton per hectare rode uien. “Voor ons eigenlijk normale opbrengsten.” Afgelopen seizoen profiteerden ze van de vochtige bodemgesteldheid in deze regio, maar in een nat jaar is er dus ook meer risico op wateroverlast. “Dus we investeren veel in drainage.”Door de droogte was de ziektedruk laag. De onkruidbestrijding is geslaagd. Alles was eigenlijk goed te sturen, vertelt Metselaar.Afzet sturenIn een hoekje van de gang van de nieuwe kantine staan zes kratten uien opgestapeld. Dit is de kiemproef van dit bedrijf. De eerste ronde verliep goed. Dit is de tweede serie, die er ook prima uitziet. “Als je dit doet, weet je wat je in de schuur hebt. Je kunt je afzet ermee sturen.” Daarbij is Metselaar regelmatig op de uien te vinden. Sowieso om de week met zijn adviseur van Delphy. Kijken, luisteren, ruiken en snijden leren veel over de kwaliteit van een partij. De grove uien knisperen als Metselaar eroverheen loopt. Een goed teken.De helft van de uien is verkocht en wordt vanaf januari geleverd. “We doen steeds met de markt mee. Dat kan goed met kistenbewaring. We hebben drie cellen met mechanische koeling, daarin kun je zeker tot de zomer uien goed houden. Eigenlijk zijn we lang-bewaarders, maar de prijzen zijn vanaf het begin al zo goed dat we niet wilden wachten. Het is spannend hoe de markt zich ontwikkelt. Ik denk dat de prijs nog enorm stijgt straks.”Op een van die heetste dagen was de bodemtemperatuur 43 graden“In de uienteelt moet je alles inzetten wat je hebt. En dan heb je nog geen garantie dat het goed gaat”, omschrijft Kees Breure treffend.De uitgangssituatie in het vroege voorjaar leidde al tot een achterstand, vertelt Breure. “Toen wij konden zaaien, zaten de uien er in Flevoland allemaal al in. Het was gewoon nog te nat. Ik zaaide pas op 27 april. Misschien ben ik te kritisch, maar ik wil gewoon goed beginnen.”Buien leidden vervolgens tot plasvorming. “Dan is je basis voor een goede opbrengst al weg.” En toen werd het heet. “Sommige uien bleven in de korst zitten die daarna ontstond.”Lees verder onder de foto.Kees Breure (60) uit Dinteloord (N.-Br.) heeft 94 hectare akkerbouw en 10 hectare dijk. "Basis was al niet goed dit jaar." Het bedrijf telt 10,6 hectare uien, waarvan 5 hectare rode uien. Opbrengst is 15 ton per hectare (geoogst). - Foto: Peter RoekBeregenenBreure beregende 5 keer met water uit het Volkerak-Zoommeer, maar het waren druppels op de gloeiende plaat. Trips waren volop aanwezig en de Brabantse teler ging ze te lijf, maar het mocht niet baten. “Op een van die heetste dagen was de bodem 43 graden”, weet Breure, die door alle tegenslagen slechts zo’n 15 ton per hectare rooide. De rode uien zijn iets beter. “De rode ui is een juffertje. Die zet je op de beste plek van je perceel.” Hij bewaart ze in kisten, voor kwaliteit en flexibiliteit in de afzet.Verstopt in de schuurDe gele uien liggen dit jaar verstopt achter een paar rijen kisten en een kipper, die Breure even aan de kant zet om de uien te kunnen bekijken. De hoop is veel kleiner en lager dan normaal. Wat opvalt is het grote aantal uitlopers op de uien. Allemaal tarra. Voor de rest van de uien geldt: ze zijn klein, maar mooi; hard en goed van kleur. Zodoende kan Breure ze met een gerust hart bewaren. Hij teelt in deelbouw met verwerker Monie, waar met kiemproeven alle partijen in de gaten worden gehouden om het juiste afzetmoment te bepalen.Het goede prijsniveau compenseert een klein deel van de opbrengstderving. Gelukkig krijgt Breure tegemoetkoming vanuit de brede weersverzekering. “Dat is keurig afgehandeld. Ik maak er liever geen gebruik van, maar ja; dan was de markt ook anders geweest.”Slecht jaar door lage opbrengsten“Je financiële opbrengst is de som van kilo’s keer prijs. Dan kan ik niet anders dan concluderen dat we een slecht jaar hebben”, zegt Gillis Klompe. Door combinatie van droogte en niet kunnen beregenen vallen de opbrengsten op het bedrijf op Schouwen-Duiveland tegen. Klompe rooide 12 tot 25 ton uien per hectare. Eén bewaarcel bleef leeg, de ander is maar voor een klein deel gevuld. Met een ladder loop je er zo schuin tegenop. De uien hebben veel loof. “Het klappen ging niet zo goed, het gewas was te ver afgestorven. Door minder kort te klappen, hoopte ik ook ziektes buiten de deur te houden.” Dat loofpakket maakte het drogen lastiger en dat is te horen als je over de uien loopt. Ook zijn er veel nagroeiers te zien, die moeten worden uitgesorteerd.Lees verder onder de foto.Gillis Klompe (46) uit Dreischor (Zld.). Akkerbouw is de hoofdtak (totaal 250 hectare akkerbouw) van de maatschap Klompe-Van der Linde, dat ook spruiten verwerkt. Het bedrijf telt 35 hectare uien. Opbrengst uien (geoogst) ligt tussen de 12 en 25 ton per hectare. - Foto: Peter RoekUienteelt in knelDe Zeeuwse uienteelt zit in de knel, ziet Klompe. “De ontwikkeling van bedrijven die niet kunnen beregenen, stopt. We hebben nu al een paar jaar droge periodes gekend waarin we graag hadden willen beregenen. Dat kost je je rendement. Je moet de boel aan de groei houden en beregenen helpt daarbij. Allerlei teelten vertrekken naar gebieden waar dat wél kan. Hier gaat het aan twee kanten mis; we hebben minder opbrengst en kunnen ziekten en plagen niet de baas.”Het prijsniveau compenseert de lage opbrengsten zeker niet. “Je hebt opbrengst nodig voor een goed saldo. Bovendien zijn de prijzen voor fijne uien lager dan voor grove. Dat leidt landelijk tot grote rendementsverschillen in de uienteelt. Een teler met goede opbrengst kan investeren in zijn bedrijf. Wij niet.”Vervroegde afzetKlompe verkoopt zijn uien via de lange bewaarpool van Monie. Lang bewaren zit er dit jaar echter niet in, schat hij. Kiemremmer MH heeft onvoldoende zijn werk kunnen doen op het gestreste gewas. “Ze moeten in januari weg, wat hebben we zo afgesproken op basis van de kwaliteitsmonitoring van Monie. Ik valt me eigenlijk nog mee dat ze eind december nog liggen.”Risico’s spreidenJe moet niet teveel van dit soort jaren hebben, zegt de Zeeuwse akkerbouwer. “Maar ik ben plantenteler en vind dit leuk om te doen. De uienteelt is mooi, specialistisch en je moet er steeds mee bezig zijn. De lengte van droge periodes neemt echter toe en de neerslag valt juist in kortere periodes. Dat is een bedreiging. Door verschillende gewassen te telen, spreid ik de risico’s.”Ze schreeuwen om uien, maar we hebben minder vrij te verkopenDoor de droogte zijn de uienopbrengsten van biologisch akkerbouwer Joos Poppe lager dan normaal. “De uien zijn vroeg op dit jaar.”Het is koud in de uienbewaring van Poppe in Nagele, in het zuiden van de Noordoostpolder. De oogst wordt bij een stabiele 0 graden bewaard om de kiemrust te behouden. In kisten, voor behoud van kwaliteit en om flexibel te zijn in de afzet. Met kiemproeven op hogere temperaturen verschaft de Flevolander zichzelf een vooruitziende blik. Gaan ze spruiten, dan moeten ze weg. Omdat dit – ondanks de inzet van rassen die minder snel kiemen – bij biologische uien sneller gebeurt, is het een Europese markt. “We zien dat de uien dit seizoen onrustiger zijn op kiem. Dat is partij-afhankelijk. Grove uien zijn beter dan fijne.”Lees verder onder de foto.Joos Poppe (42) heeft met broer Marien (32) een biologisch akkerbouwbedrijf in Nagele (Fl.). "Ik mag niet mopperen", zegt hij over dit seizoen. Het bedrijf heeft 40 hectare uien (rood en geel). Er is 5 tot 6 keer beregend. Opbrengst in 2018 ligt tussen de 25 en 40 ton per hectare. - Foto: Ruud PloegAlbert HeijnOok in de biologische teelten is hinder ondervonden van de weersextremen in groeiseizoen 2018, zo blijkt uit Poppes ervaringen. “De droogte was bepalend voor de opbrengsten”, vertelt hij, terwijl hij achterin de schuur uien sorteert en verpakt voor de Albert Heijn-winkels. “Zowel opbrengst als kwaliteit vallen niet mee dit jaar. Normaal rooien we tot zo’n 50 ton uien per hectare, maar nu 25 tot 40 ton. Op tijd beregenen was de clou, maar niet voldoende om de hitte te bestrijden.”Veel tripsDe plaag trips kwam ook bij hem veel voor dit jaar. Beregenen helpt, net als op sommige percelen twee keer spuiten met in de biologische teelt toegestane middel Flipper. Omdat het op het biologische bedrijf ontbreekt aan een landbouwspuit, laat hij dat door een loonwerker doen.De bodemgebonden ziekte fusarium kwam soms ‘pittig’ voor, zegt Poppe. Die partijen, die meer sorteerwerk behoeven, zijn al weg. “De beste bewaar je voor het laatst.” Wat hij eind december laat zien, zijn dan ook mooie goudgele uien.De afzet loopt gesmeerd. “Ze schreeuwen om uien, het kan niet genoeg zijn dit jaar. De prijzen zijn hoger dan normaal, zo rond de 70 cent per kilo. Ik denk dat de uien vroeg op zijn dit jaar. De vaste afspraken gaan voor, wat betekent dat ik minder vrij te verkopen heb. En we maakten extra kosten voor beregenen en sorteren. Maar ik klaag niet hoor. Ik zie ook hoe het bij anderen is gegaan. Dan mag ik niet mopperen.”

Dit artikel is alleen voor abonnees

Al geabonneerd? 

Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement


Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen

Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen

Vorm je eigen mening met opinies en analyses


Bekijk aanbod

Snel delen


Sectornieuwsbrief Akkerbouw


Reacties

Je bent niet ingelogd


Log in of maak binnen 30 seconden een account aan

Reageer op artikelen en deel je mening met anderen.