Vijf jaar ervaring op Vlaams varkensproefbedrijf

Laatst bijgewerkt:
Foto's: Peter Roek

Foto's: Peter Roek


Wil je reageren? Maak dan gratis een account aan!

Door ervaring en andere praktijkvragen zou het Vlaamse ILVO in de stal nu deels ander keuzes maken.Het nieuwe varkensbedrijf bij het Instituut voor Landbouw, Visserij en Voedingsonderzoek (ILVO) in Melle (B.) oogt compact in het totale complex van stallen. Ondanks de beperkte dieraantallen is het een compleet en modern bedrijf.Marijke Aluwe (37) is onderzoekster varkenshouderij bij het ILVO. Hier worden 105 zeugen en 640 vleesvarkens gehouden. Er wordt gewerkt met het 3 wekenproductiesysteem en er zijn 4 medewerkers. Er zijn 30 biggen per zeug en de daggroei bij de vleesvarkens is 900 gram. “Vijf jaar geleden is de stal gebouwd in samenwerking met Universiteit Gent en Hogeschool Gent zodat studenten voldoende praktijkervaring op kunnen doen tijdens hun opleiding”, vertelt onderzoekster Marijke Aluwe. Ze is nauw betrokken bij het reilen en zeilen op het bedrijf. “Wij hadden behoefte aan een vleesvarkenslocatie.”Er zijn enige concessies gedaan, maar betrouwbaar onderzoek, praktisch kunnen werken en betaalbaarheid gaan hier samenDe samenwerking maakt dat de nieuwe stal wordt gebruikt voor eigen onderzoek en studiedoeleinden. Bij de opzet van het bedrijf is volgens Aluwe een balans gevonden tussen minimale aantallen dieren die nodig zijn voor betrouwbaar onderzoek, praktisch kunnen werken én betaalbaarheid. “Daarom zijn wel enige concessies gedaan.”De kraamstallen zijn traditioneel uitgevoerd. De focus ligt de komende tijd op het verder verlagen van de uitval van de biggen en optimaliseren van het klimaat.Met name voor gedegen onderzoek met zeugen zijn de aantallen aan de krappe kant. Bij de vleesvarkens is er wel ruim ingezet op de onderzoeksmogelijkheden voor zowel management- als emissieonderzoek.Over het algemeen is Aluwe tevreden over de gemaakte keuzes, maar vandaag de dag zou ze deels andere keuzes maken. “Door de ervaring, maar ook door andere vragen en mogelijkheden vanuit de praktijk.”Aangepaste hokgroottesDe proefaccommodatie lijkt in alles op een gangbaar bedrijf, maar dan met relatief kleine aantallen en aangepaste hokgroottes omwille van het onderzoek.De stallen voor vleesvarkens en zeugen en biggen zijn gescheiden door een brede gang met op de kop de hygiënesluis en algemene ruimtes. Een strikte werkwijze moet verder voorkomen dat ziektes zich in de stallen verspreiden.Gespeende biggen hebben een relatief groot gedeelte dichte vloer. Het sturen van het mestgedrag vergt extra aandacht.Een opvallende afdeling is die voor de dragende zeugen. De voerligboxen met uitloop liggen naast een ruimte met stro waar zeugen naar behoefte in kunnen vertoeven. “Het is wel wat arbeidsintensiever, maar het is een mooi gezicht en de zeugen doen het er prima”, aldus Aluwe.Algemeen gebruik in de Vlaamse praktijk is het echter niet. Voor onderzoek zijn de aantallen aan de kleine kant en is automatische registratie van de voeropname wenselijk.De keuze voor stro bij de dragende zeugen is goed voor het welzijn al is het eenvoudiger in een uitvoering zonder roosters.Meer aansluitend bij de praktijk is de kraamstal, met 16 zeugen per afdeling. Er zijn géén vrijloopkraamhokken, die discussie kwam destijds net te vroeg. Vooral het optimaal bijvoeren van biggen in verschillende vormen krijgt hier aandacht.De biggenuitval lag bij aanvang aan de hoge kant. Deels komt dat volgens Aluwe door de manier van registratie en de omstandigheden. “Door de jaren heen is door aanpassing van zeugenkeuze en management een goede evolutie in deze cijfers ingezet.”De voorkant van het bedrijf met de luchtwasser gekoppeld aan het centrale luchtkanaal van de vleesvarkensstal.De biggenstal is omwille van het behalen van proefresultaten (meer herhalingen) aangepast met kleinere aantallen per hok. Een deel bestaat uit grote hokken, waar de focus momenteel ligt op het sturen van het mestgedrag.We blijven zoeken naar nieuwe mogelijkheden van hokverrijking in combinatie met een optimale bezettingAluwe: “Het is nog moeilijker om functionele ruimtes te creëren in deze hokdimensies, is onze ervaring tot nu toe.” De keuze voor een brede voerbak als voorpaneel zou Aluwe vanwege het wat lastiger openen nu niet meer maken.Ook bij de vleesvarkens zijn de aantallen met vijf varkens per hok laag, omdat de focus ligt op hokherhalingen. De helft van deze afdelingen is aangesloten op een luchtwasser; de andere helft is voorzien van een emissiearm systeem met schuine putwanden.Een deel van de vleesvarkens zit op volledig rooster met luchtwasser. Er is ook een deel met een emissiearm systeem onder de (half)rooster.Vervuiling blijft een aandachtspunt. Een iets lagere bezetting heeft daar alvast positief aan bijgedragen. “En we blijven zoeken naar nieuwe mogelijkheden van hokverrijking in combinatie met een optimale bezetting”, aldus Aluwe.Benutten van dataDe komende jaren voorziet Aluwe dat het bedrijf voor meerdere onderzoeksthema’s zal worden benut. Een belangrijke is het gebruik van data.Gegevens worden al op meerdere plaatsen vastgelegd. Zo gaan alle zeugen standaard voor en na de kraamstal op de weegschaal en is de wateropname digitaal bekend.Bij de vleesvarkens zijn emissiemetingen bij aanpassingen in de afdeling mogelijk. Er wordt dan een aparte ventilator in gebruik genomen.“Een vervolgstap is het koppelen van gegevens, het nog beter analyseren van de data en die bruikbaar maken voor de praktijk. Ook zetten we in op technieken om meer in detail aspecten als werpproces en zogen op te volgen.” Het zal ook bij kunnen dragen aan het verder omhoog stuwen van technische resultaten, verwacht Aluwe.Verder is het streven op op termijn energieneutraal te wordenEen nieuw combiproject gaat over het verminderen van hittestress, zowel bij kraamzeugen als bij zware vleesvarkens. Daarvoor worden verschillende hittestress reducerende systemen vergeleken, waaronder druppelkoeling. Dit naast het aanpassen van het voer- en waterregime.In een centrale ruimte zijn extra faciliteiten, waaronder een inrichting voor het automatisch wegen van dieren. Verder is het streven om op termijn energieneutraal te worden. Dit jaar wordt de omschakeling gemaakt naar energiezuinige ledverlichting en wordt binnen een onderzoeksproject de toepassing van een warmtepomp in combinatie met zonnepanelen geëvalueerd.Aluwe: “Daarnaast blijven we verder inzetten op rendabel en duurzaam management, met oog voor diergezondheid en vleeskwaliteit.”

Dit artikel is alleen voor abonnees

Al geabonneerd? 

Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement


Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen

Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen

Vorm je eigen mening met opinies en analyses


Bekijk aanbod

Snel delen


Sectornieuwsbrief Varkens


Reacties

Je bent niet ingelogd


Log in of maak binnen 30 seconden een account aan

Reageer op artikelen en deel je mening met anderen.