Vernatting Krimpenerwaard heeft ook duidelijke schaduwkant

Veenweide gebied in de Krimpenerwaard. – Foto: Herbert Wiggerman
Vernatting door verhoging van het slootpeil en actieve greppelinfiltratie heeft in het veenweidegebied van de Krimpenerwaard een positief effect op het verhogen van de grondwaterstand. Vooral op het voorkomen van het uitzakken van de grondwaterstand in de droge zomerperiode.
De effectiviteit van deze maatregelen kan echter niet los worden gezien van het verlies aan draagkracht van het perceel, het verlies aan stabiliteit van de oever en het zichtbaar afkalven ervan. Ook leidt het verhogen van het slootpeil tot tijdelijk minder biodiversiteit op de oever. Op oevers waar jarenlang in agrarisch natuur- en landschapsbeheer (ANLb) is geïnvesteerd, kan de biodiversiteit binnen enkele maanden verloren gaan. Dat blijkt uit onderzoek van het Wageningse Nutriënten Management Instituut (NMI). Het onderzoek was in opdracht van het landbouwministerie en is medegefinancierd door het Europees Landbouwfonds.
Ook kunnen deze plekken grotendeels inunderen of afkalven. Hierdoor worden nieuwe delen van het tot dan toe bemeste perceel de nieuwe oeverzone. Dit vertraagt volgens de onderzoekers het herstel van de biodiversiteit. Daarnaast kan dit de waterkwaliteit beïnvloeden. Ook een beperkte of geleidelijke verhoging van het slootpeil heeft een negatief effect op biodiversiteit en de agrarische gebruikswaarde van de oeverzone. Actieve greppelinfiltratie leidt echter tot greppelzones waar de biodiversiteit lokaal toeneemt en biotopen ontstaan voor steltlopers en amfibieën.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









