Autonome tractie zelf ervaren tijdens praktijkdag in Lelystad
Bij robottrekkers in de open teelten draait het voorlopig niet in de eerste plaats om arbeidsvervanging, maar om beter agronomisch werk. Dat zegt Corné Lugtenburg van Wageningen University & Research (WUR), projectleider van de Nationale Proeftuin Precisielandbouw + Robotisering (NPPL+R).

Tijdens de NPPL+R Ervaringsdag autonomie-Open teelten op 12 augustus in Lelystad (Fl.) kunnen telers drie autonome tractiesystemen in de praktijk ervaren. Het gaat om een New Holland-trekker uitgerust met de iQuus-retrofitkit van GPX Solutions (foto), het retrofitsysteem Bart van Nivavi en de tractierobot AgBot T2 5 Series van AgXeed. Foto: Koos Groenewold
“Zeker, arbeid is schaars, vooral in piekperiodes, en arbeid wordt duurder”, zegt NPPL+R-projectleider Lugtenburg. “Maar op het gros van de bedrijven met open teelten levert dat nog geen dramatische problemen op. Wat we uit de boerenpraktijk terughoren, is dat de robottrekker in bepaalde situaties beter werk kan leveren dan een bemande trekker.”
Lugtenburg blikt vooruit op de NPPL+R Ervaringsdag autonomie-Open teelten op 12 augustus in Lelystad. Telers kunnen daar drie autonome tractiesystemen in de praktijk ervaren. Aanmelden is verplicht.
Het gaat om:
- AgBot T2 5 Series van fabrikant AgXeed
- iQuus-retrofitkit van GPX Solutions
- retrofitkit Bart van Nivavi
Retrofitkit of ‘echte’ robot
Op de Ervaringsdag autonomie in Lelystad (Fl.) kunnen akkerbouwers, bollentelers en vollegrondsgroentetelers kennismaken met twee retrofitsystemen: Bart en iQuus. Deze worden opgebouwd op een bestaande wieltrekker, die daardoor als robottrekker kan worden ingezet, maar ook als normale bemande trekker inzetbaar blijft. Het iQuus-systeem is al te koop; Bart van Nivavi komt begin volgend jaar op de markt. Als globale indicatie voor de aanschaf van een retrofitsysteem geldt een orde van grootte van €50.000 tot €60.000, mede afhankelijk van de af fabriek aanwezige automatiek en het gps-systeem.
De derde tractierobot op de Ervaringsdag autonomie is de AgXeed T5. Dit is een ‘echte’ robot, dus een machine zonder chauffeursplek. Groot pluspunt is dat de AgXeed op rupsen rijdt — de T staat voor tracks. In combinatie met de grote hefkracht kan de trekker daardoor relatief licht blijven, wat resulteert in geringe bodemverdichting.
Kosten ontlopen elkaar niet zoveel
Zowel de investering in een echte robottrekker als die in het autonoom maken van een bestaande wieltrekker is fors. Vergelijk je de operationele kosten van een robottrekker met die van een bemande trekker, dan blijken de verschillen echter niet groot. Eventuele landbouwkundige voordelen, zoals minder weerrisico en minder bodemverdichting, zijn daarbij nog niet meegerekend.
Bij de evaluatie van de uitgebreide NPPL-praktijktest bij Vermuë Akkerbouw in Werkendam (N.-Br.) is ook een indicatieve kostenvergelijking tussen de AgXeed T2 5 Series-tractierobot en de iQuus-autonomiekit meegenomen. Daaraan kan worden toegevoegd dat ook het Bart-systeem van Nivavi qua aanschaf op een vergelijkbaar prijsniveau ligt.
Dwarsover en diagonaal over
Een concreet landbouwkundig voordeel is diagonaal of dwarsover grondbewerken. Op zwaardere gronden kan dat af en toe aantrekkelijk zijn. Bij een bemande trekker is dat echter een bezwaar. Dwarsover of diagonaal werken is door het voortdurende gehobbel erg onaangenaam. Op lange, smalle percelen komt daar ook nog het vele keren bij. “Daarom zou ik het nooit van een chauffeur vragen”, zegt Marijn Vermuë uit Werkendam, die vorig jaar een seizoen lang een AgXeed-robottrekker op zijn bedrijf uitprobeerde. “Zo’n robot heeft geen last van het gehobbel.” Ook gebruikers van de retrofitkit op bestaande wieltrekkers noemen het voordeel van grondbewerking die niet parallel aan de ploegsnee is.
Lees verder onder de foto
Bedrijfszekerheid
Tevens geldt bedrijfszekerheid als pluspunt. Niels van Vilsteren van Nivavi noemt het voorbeeld van een Russische akkerbouwer. “Die heeft 3.000 hectare te doen. Over het maandloon van €1.200 voor een chauffeur maakt hij zich geen zorgen. Wél over de vraag of het werk op tijd klaar is. Met een gerobotiseerde trekker zegt hij dat strakker te kunnen plannen, met het vertrouwen dat het werk op tijd af komt.”
Maar ook op kleinschaliger bedrijven kan bedrijfszekerheid zwaar wegen. Bijvoorbeeld door direct achter de aardappel- of suikerbietenrooier een eerste grondbewerking in gang te zetten. Doordat een robottrekker zo nodig ’s nachts kan doorwerken, neemt de kans af dat regen roet in het eten gooit.
Slimme werktuigen, robot ready
Autonome tractie vraagt wel om slimmere werktuigen. Die moeten via de trekker aan de operator op afstand doorgeven hoe het werk verloopt. Dat kan met sensoren op strategische punten van het werktuig, zoals de aftakas, breekbout en zaai-as. Die geven door wanneer er iets misgaat. Maar ook wanneer er niets misgaat, want hier geldt: geen bericht is goed bericht.
Het goede nieuws is dat verschillende werktuigfabrikanten hun machines al volop robot ready maken. Dat betekent: uitgerust met sensoren die via de Isobus-stekker werken. Bovendien is het in veel situaties niet erg ingewikkeld om ook bestaande machines van sensoren te voorzien, zo nodig met hulp van het mechanisatiebedrijf.








