Total Circulair Farmconcept start op

Foto: Bert Jansen
De biologische installatie van het innovatieve emissiearm stalsysteem Total Circulair Farmconcept (TCF) is opgestart. De voorbereidingen voor de emissiemetingen van een uniek project zijn in volle gang. Bij TCF wordt een gedeelte van de grondstoffen uit drijfmest weer hergebruikt op het bedrijf.Na vijf jaar voorbereiding is nu de eerste installatie van het emissiearme stalconcept (TCF) startklaar. Varkenshouder William Meulendijks in Deurne is een van de drie varkenshouders die het emissiearme stalsysteem TCF gaat testen. Meulendijks heeft de primeur. De biologische installatie is geïnstalleerd en draait.Lees onderaan dit artikel het verhaal van varkenshouder Peter van den Brand en de voordelen van het stalsysteem TCF.Totale investering € 7,8 miljoenDe vleesvarkensstal van Meulendijks is een ‘traditionele’ stal met centrale gang en afdelingen. In de hokken een bolle vloer met gietijzeren roosters en betonnen stalinrichting. Er is geen centraal luchtkanaal aanwezig en dat is ook lastig in te passen. “We willen met zo weinig mogelijk aanpassingen in de stal de emissiemetingen uitvoeren, zodat het systeem straks voor zo veel mogelijk varkenshouders inpasbaar is, ook voor oudere stallen”, vertelt Meulendijks die ondanks de flinke subsidie van de provincie ook zelf bijdraagt aan de investering. De provincie Noord-Brabant ondersteunt het innovatieve stalsysteem bij drie varkenshouders met een subsidie van € 4,4 miljoen op een totale investering van ongeveer € 7,8 miljoen. Het ministerie van LNV ondersteunt het project door de metingen te subsidiëren.“Als ondernemer kun je het volledige risico niet nemen om een investering als deze aan te gaan waarvan je niet de garantie hebt dat het voldoet aan de regelgeving”, aldus Meulendijks die aangeeft dat de bank een dergelijke installatie niet als onderpand meeneemt.Bekijk ook de fotoreportage van het systeem bij MeulendijksOntwikkeling stalconceptHet Total Circulair Farmconcept is ontwikkeld door Kamplan B.V. in Boxtel, leverancier van geautomatiseerde voersystemen. Om het TCF-concept verder te ontwikkelen heeft een breed consortium aan bedrijven meegewerkt. Wageningen University & Research heeft vooronderzoek gedaan naar emissiemetingen uit de mestbewerkingsinstallatie en adviesbureaus DLV Advies en Connecting Agri & Food begeleiden het traject. Angela van der Sanden, projectleider bij Connecting Agri & Food is verheugd dat na jaren overleg tussen de diverse partijen nu eindelijk TCF in de praktijk gaat draaien: “Het is een initiatief waarin de drie varkenshouders hard meewerken aan de ontwikkeling van een systeem dat klaar is voor de toekomst, met oog voor praktische uitvoerbaarheid en betaalbaarheid.” Lees verder onder de foto. Het TCF is een circulair en continu biologisch proces waarmee de stalemissies gereduceerd kunnen worden. Het systeem is volledig geautomatiseerd. - Foto: Bert JansenBiologisch procesHet TCF is een circulair en continu biologisch proces. Een gedeelte van de grondstoffen uit de drijfmest wordt weer hergebruikt op het bedrijf en een deel is geschikt als grondstof voor andere sectoren. De emissies in de stal worden gereduceerd doordat de mest en urine in geurloos en bacterievrij water wordt opgevangen.Zodra de concentratie van ammoniak in de afdelingsput te hoog is, wordt de mest afgevoerd naar een opslag en gaat vervolgens richting de verwerking. Door middel van een decanter wordt de drijfmest gescheiden in een dikke – en dunne fractie. De dikke fractie met in verhouding veel fosfaat is na hygiënisatie geschikt voor export. De dunne fractie gaat via een tussenopslag geleidelijk naar de bioloog.Scheiding van stikstof en fosfatenDe installatie bestaat uit twee grote silo’s van 6 meter diepte. Hier vindt een biologisch proces plaats om de stikstof en fosfaten te scheiden en om te zetten naar water en het onschadelijke stikstofgas. In de eerste silo wordt de dunne fractie met bacteriën gemengd en vervolgens gaat de vloeistof naar een tweede silo met beluchting en een membraanbioreactor (MBR). Dit proces met een MBR is vooral bekend in de waterzuivering. Onder druk scheidt een filter het slib van het water met als doel om een vloeistof te krijgen zonder organische stof. Het resultaat is een geurloze zwarte vloeistof zonder stikstof, wat vervolgens weer gebruikt kan worden als vloeistoflaag in de afdelingsputten om de mest in op te vangen.Het overschot aan geurloos water, wat rijk is aan Kali en Humuszuur kan als kunstmestvervanger gebruikt worden in de akkerbouw voor de teelt van aardappelen, granen en uien. Om het water te kunnen lozen op het riool of sloten zal er nog een proces van omgekeerde osmose moeten plaatsvinden. Lees verder onder de foto. William Meulendijks (37) in Deurne (N.-Br.) gaat binnenkort starten met de officiële emissiemetingen van het TCF op zijn bedrijf. Het bedrijf telt 600 zeugen en 900 vleesvarkens. Op het erf staan 6 meter hoge silo’s voor het biologisch proces van TCF. - Foto: Bert JansenVan varkenshouder naar chemicusMidden in de Brabantse Peel ligt het zeugenbedrijf van Meulendijks. De geplande uitbreiding van de vleesvarkensstal hangt af van het succes van het nieuwe stal- en biologische systeem TCF.
Het liefst wil Meulendijks een duurzame stal bouwen, die brandveilig, milieuvriendelijk en welzijnsvriendelijk is, zonder gebruik te maken van een luchtwasser. De varkenshouder is overtuigd dat het systeem goed gaat werken, maar de emissiemetingen zullen de komende tijd bepalen of het TCF toekomst heeft.
Jaarlijks € 150.000 besparen op mestkosten met TCF
Meulendijks is al jaren bezig met mest, mestafzetmogelijkheden en mestverwerking. De chemische termen vliegen over de tafel en bevestigen de bevlogenheid van de ondernemer. Naast de interesse in de techniek achter het biologische proces is mestafzet de tweede grootste kostenpost op zijn varkensbedrijf. Met het TCF hoopt Meulendijks het klimaat in de stallen te kunnen verbeteren èn jaarlijks € 150.000 te besparen op mestkosten. Daarnaast ziet de zeugenhouder deze vorm van varkens houden en mest verwerken als een ‘license to produce’. “Mijn bedrijf ligt in een buurt met veel intensieve landbouw”, aldus Meulendijks.
Subsidie provincie en LNV gaven de doorslag
Het besluit van de provincie om de milieueisen van de Brabantse veehouderij verder aan te scherpen deed de ontwikkeling van TCF op zijn bedrijf versnellen. “De forse investering die de installatie en de emissiemetingen met zich meebrengt en het verkrijgen van toelating op de RAV-lijst, is niet voor een individuele varkenshouder te dragen”, vertelt Meulendijks die aangeeft dat de bank een dergelijke installatie niet als een onderpand ziet. Subsidie van de provincie en het ministerie van LNV gaven de doorslag om aan de slag te gaan.
Bouwvakkers zijn in de afdelingen bezig met de laatste aanpassingen. De randen in de putten worden glad gestreken zodat er geen mest op kan blijven liggen. In de putten worden nog afsluiters geïnstalleerd om de mest dat in het geurloos water valt regelmatig af te laten naar een diepere put die langs de stal is gebouwd. Er worden zo min mogelijk aanpassingen in de stal gedaan, zodat de investeringskosten voor het systeem straks zo laag mogelijk zijn voor ander varkenshouders.
Ondertussen draait het biologische proces al volop. Meulendijks bouwde een ruimte van ongeveer 40 meter lang en 11 meter breed waarin de dunne fractie in twee grote silo’s, geurloos, wordt omgezet naar mineralenconcentraat en geurloos water. Met het TCF verwacht Meulendijks een stal voor de toekomst te hebben
Voor de landelijke verwerkingsplicht ligt het bedrijf in gebied Overig. Dat betekent dat 10% van de overschotsmest verwerkt moet worden. “Ondanks de grote vraag naar mest hier in de buurt, betaal ik jaarlijks rond de € 85.000 aan mestafzetkosten”, aldus van den Brand. Na de verwerking met de installatie van TCF gaat de dikke fractie richting export. De dunne fractie met een hoog gehalte aan kali is zeer geschikt voor de aardappeltelers die volop aanwezig zijn rondom het varkensbedrijf.
Investeringen in de stal
De huidige stallen voldoen niet aan de toekomstige Brabantse milieueisen en dat is een van de redenen dat Van der Brand gekozen heeft voor TCF. De dragende zeugenstal heeft een koeldeksysteem. Op de bestaande vleesvarkensstal past geen luchtwasser. “Met een luchtkanaal van 150 meter lengte is hiervoor niet voldoende capaciteit”, aldus van den Brand die tevens aangeeft liever in een systeem te investeren dat ook een beter klimaat oplevert voor de dieren en werknemers.
Van den Brand is een van de drie proefstallocaties waar de emissies voor het stalsysteem TCF gemeten gaan worden. Zodra de gemeente akkoord geeft voor de vergunning kan de loods voor de verwerkingsinstallatie gebouwd worden. De gehele installatie komt binnen te staan in een loods van 20 bij 35 meter met daarin vijf silo’s voor de verwerking en een container voor de opslag van de dikke fractie.
Aanpassingen in stal
In de vleesvarkensstal moeten er nog wat aanpassingen gedaan worden. De betonnen roosters met 18 mm doorlaat worden vervangen door gietijzeren roosters met 20 mm openingen voor een betere mestdoorlaat. Een rioolsysteem is al aanwezig in de vleesvarkensstal, alleen de schuine wanden moeten uit de afdelingsputten. Omdat de hokken 60% dichte vloeren hebben krijgen de dichte vloer en wanden een coating. Voor een lage emissie is het van belang dat er zo min mogelijk mest in de hokken achterblijft.
Totale investering rond € 1 miljoen
De totale investering voor het aanpassen van het varkensbedrijf en de installatie ligt rond de € 1 miljoen. “De investering wordt grotendeels door subsidie opgevangen”, vertelt van den Brand die aangeeft dat een dergelijke risicovolle investering anders niet mogelijk is op zijn bedrijf. De varkenshouder verwacht dat met het TCF minimaal een emissiereductie van 85% NH3 gehaald wordt zodat hij niet meer hoeft te investeren in een ander emissiearm systeem.Voordelen en uitdagingen van het TCFDe emissiemetingen, die een jaar duren moeten nog plaats vinden. Indien de metingen de gewenste reductie van minimaal 85% NH3, 60 % geur en bijna 90 % voor broeikasgassen met daarnaast een reductie van fijnstof uitwijzen, betekent dit een stalconcept met de volgende voordelen:Toepasbaar in alle stallen, nieuw en oudGeen luchtwasser nodig, dus ook geen centraal luchtkanaal Ventilatiesysteem kan optimaler ingericht wordenMinder diepe putten, besparing op bouwkostenMestverwerking zelf geregeld, niet afhankelijk van externe verwerkingBacterievrij en pH-neutraal water in de stallen, minder aantasting van materialenMestafzet mogelijk in gunstige periode waarin er meer vraag is en de prijs lager isMinder transportbewegingen van mestDe dunne fractie, een kalirijk mineralenconcentraat, kan als kunstmestvervanger in de akkerbouw worden afgezetBiologisch proces is geurloos en niet zichtbaar voor de omgevingContinu geautomatiseerd proces, kost geen extra dagelijkse arbeidDe uitdagingen:Er is ruimte in het bouwblok nodig voor de biologische installatie, mestscheider, opslagsilo’s voor de dikke – en dunne fractie en de silo’s voor de bewerkingEr moet een rioolsysteem aanwezig zijn of gecreëerd worden in de stallenEr komt een -extra- technische installatie op het erfAkkerbouwers moeten het mineralenconcentraat nog gaan waarderen
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









