Steriele Insecten Techniek in strijd tegen uienvlieg

Laatst bijgewerkt:
Foto: Koos Groenewold

Foto: Koos Groenewold


Wil je reageren? Maak dan gratis een account aan!

Het pakket gewasbeschermingsmiddelen slinkt zienderogen, waardoor de akkerbouw voor een uitdaging staat: ziekten en plagen bestrijden met geïntegreerde gewasbescherming. Tegen uienvlieg is de Steriele Insecten Techniek een optionele basis.Voor de uienteelt is het wegvallen van fipronil, verwerkt in de Mundialcoating, een aderlating. Niet alleen de uienvlieg krijgt hiermee kans om oppermachtig te worden op de uienpercelen, ook de kleine nevenwerking tegen de potentieel verwoestende plaag trips gaat hiermee verloren. Op 30 maart 2019 vervalt de toelating voor fipronil, maar het zaad mag tot nadere orde nog wel worden bewaard en gezaaid. Uireka uienonderzoekDeze ontwikkeling vraagt hoe dan ook om een plan B. Omdat de sterke middelen verdwijnen, moeten telers meer wapens in de strijd zoeken. Het ketenbrede uienonderzoek Uireka heeft hiervoor 2 werkgroepen opgericht. Een groep voor de korte termijn, die zoekt naar vervangende gewasbeschermingsmiddelen. En een groep voor de lange termijn: breed denken in duurzame oplossingen. De eerste groep onderzoekt dit jaar wat de meest doeltreffende aanpak is van enerzijds de eerste generatie vliegen en anderzijds de tweede en derde generatie. Pyrethroïden, Flipper, Benevia, Tracer, een knoflookextract en een experimenteel middel worden getest. Lees verder onder de fotoSchade door de uienvlieg. - Foto: HLBSteriele Insecten TechniekEen mogelijk belangrijke basis voor de uienvliegbestrijding is de Steriele Insecten Techniek (SIT) van De Groene Vlieg, ondergebracht bij onderzoeksinstituut HLB. Uienvliegen worden steriel gemaakt en losgelaten op een uienperceel. Dit belemmert de voortplanting van wilde uienvlieg. “Dat begint allemaal met monitoring”, zegt HLB-directeur Janny Peltjes deze week kordaat op de Themadag Uien in Dronten. “Akkerbouwers moeten goed inzichtelijk krijgen wat er nu eigenlijk speelt op hun percelen. Want klakkeloos kalendermatig met de spuit rondgaan, heeft geen toekomst.” Monitoring maakt duidelijk hoeveel steriele vliegen nodig zijn om de wilde variant in te dammen. Gebiedsmodel noodzakelijkTweede voorwaarde voor de SIT is dat de buurt meedoet: het gebiedsmodel. “Een gebied met enkele honderden hectares aan uien is goed af te dekken met de steriele insectentechniek, als er een dekkingsgraad van minimaal 90% kan worden bereikt. Hiermee wordt de uienvlieg ook naar de toekomst goed onderdrukt.” Lees verder onder de fotoJanny Peltjes, directeur HLB: “Akkerbouwers moeten goed inzichtelijk krijgen wat er nu eigenlijk speelt op hun percelen. Want klakkeloos kalendermatig met de spuit rondgaan, heeft geen toekomst.” - Foto: Koos Groenewold‘Hotspots’ van de uienvlieg zijn plant- en zilveruipercelen, vanwege de hoge gewasdichtheid en de lichtere gronden. De SIT is geschikt voor de uienvlieg, omdat deze vlieg voornamelijk binnen percelen blijft. De inzet van SIT moet goed worden afgestemd op het toepassen van middelen. Peltjes: “Als een teler een chemisch bestrijdingsmiddel op de planning heeft staan, vanwege bijvoorbeeld trips, dan is het verstandig om het loslaten van de steriele vliegen een aantal dagen later te plannen.” Capaciteit steriele vliegenkweek vergrotenDe Groene Vlieg werkt nu aan een methode om de capaciteit van de steriele vliegenkweek te vergroten, om aan de verwachte toenemende vraag te kunnen voldoen. Intussen kunnen telers in de gebieden waar De Groene Vlieg nu actief is, van de techniek gebruik maken. Het bediende areaal omvat nu ongeveer 9.000 hectare. De Groene Vlieg is in 1980 in een beperkt gebied met de SIT begonnen. Nu is de techniek in veel akkerbouwgebieden beschikbaar. De potentie is uiteraard het complete uienareaal; inclusief plant- en zilveruien ruim 35.000 hectare.Het klinkt duur, deze bewerkelijke techniek, maar niets is minder waar, zegt Peltjes. “De prijs, inclusief monitoring en begeleiding, is vergelijkbaar met de huidige toepassing van Mundial.” De SIT wordt via eigen adviseurs en in overleg met handelaren, zaadbedrijven en toeleveranciers op de boer gebracht. “Zij zijn warm voorstander van de SIT, omdat het een biologische methode betreft die als basis fungeert bij het beheersen van de uienvlieg.”

Dit artikel is alleen voor abonnees

Al geabonneerd? 

Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement


Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen

Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen

Vorm je eigen mening met opinies en analyses


Bekijk aanbod

Lees meer over


Snel delen


Sectornieuwsbrief Akkerbouw


Reacties

Je bent niet ingelogd


Log in of maak binnen 30 seconden een account aan

Reageer op artikelen en deel je mening met anderen.