Sanering varkenshouderij in volle gang
Door de warme sanering van de varkenssector verdwijnen 278 bedrijven van het toneel. Deze zijn samen goed voor 6,7% van de Nederlandse varkensproductie. De productiedaling wordt nu echt merkbaar.

Het slopen van varkensbedrijven die deelnemen aan de warme sanering is in volle gang. Veel materiaal is vaak nog goed bruikbaar. - Foto: Bert Jansen
Als alles doorzet zoals geschetst in de Kamerbrief van afgelopen 30 juni telt Nederland eind dit jaar 278 locaties met varkens minder dan begin 2020. Dit aantal kan nog met twee stijgen. De eigenaar van een locatie in Noord-Brabant en een eigenaar van een bedrijf in Gelderland waren halverwege dit jaar nog in onderhandeling over de staking van hun bedrijven. De eigenaren van de 278 varkensbedrijven zullen hoogstwaarschijnlijk niet meer op hun schreden terugkeren. Allen hebben het subsidievoorschot van 10% al op hun bankrekening staan. Voor 163 bedrijven is de tweede tranche van 70% reeds uitgekeerd. Dat betekent dat de varkens weg zijn. Half juni waren 21 bedrijven al gesloopt, blijkt uit de Kamerbrief. De eigenaren van deze locaties hebben een verzoek ingediend voor de uitkering van de laatste 20% van het subsidiebedrag.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses










Nederlandse bedrijven uit de periferie investeren al zo'n 30 jaar in de varkensproductie in verschillende buitenlanden. Landen als Spanje, Rusland etc die eerst beginnen met de wens om in hun eigen varkensvleesbehoefte te voorzien en vandaar uit door groeien naar export en kennisontwikkeling etc. Zo is de Spaanse sector in +15 jaar tijd door gegroeid van 60% naar 180%. De Nederlandse periferie gaat daar waar de groei plaatsvindt. Landbouweconomen zien het liefst de zelfvoorzieningsgraad van de Europese sector met 15% afnemen naar een zelfvoorzieningsgraad van 110% om een gezonde Europese varkensmarkt te creëren. Die 15% lijkt weinig maar is echter al ruim meer dan de totale Nederlandse varkensproductie. En dan te bedenken dat de Nederlandse perifirie nog altijd opzoek is naar groeimogelijkheden van de varkensproductie in het buitenland, dit om hun polariserende verdienmodel verder uit te breiden. De boer zit klem in de oorlog om marktaandeel die de bedrijven uit de periferie met elkaar voeren. De belangen van de boer en de bedrijven uit de periferie zijn tegengesteld.(voorbeeld, google: Investeren in de varkenskolom in Hongarije, Roemenië, Oekraïne en Rusland)