Regeling fosfaatreductie stimuleert fosforarm voer

Foto: Hans Prinsen
De varkenshouderij verlaagt vrijwillig de hoeveelheid fosfaat in mest. Dat gebeurt met minder fosfor in voer. De mogelijkheden verschillen per bedrijf.Het jaar 2017 staat voor de rundveehouderij in het teken van het reduceren van de fosfaatproductie. Deze sector heeft een stringent plan om dat op verschillende manieren in te vullen. Lukt dat niet, dan kan de rundveehouderij derogatie verliezen en mag dus minder stikstof per hectare aanwenden. Ook de varkenshouderij gaat een steentje bijdragen. Vrijwillig, en met een vergoeding, wil de sector via het voerspoor 1 miljoen kilo fosfaat in varkensmest reduceren. Dat doet de sector vanuit een gedeelde verantwoordelijkheid, maar zeker ook vanuit eigenbelang. Behoud van derogatie is namelijk ook belangrijk voor de varkenshouderij. Recent is door Wageningen Economic Research uitgerekend dat verlies van derogatie het gemiddelde varkensbedrijf € 5.000 kost door hogere afzetkosten voor mest.Lees ook: Zo zit het met fosfaatRegeling fosfaatreductie varkenshouderij openDe afgelopen maanden heeft de Producenten Organisatie Varkenshouderij (POV) de Regeling fosfaatreductie varkenshouderij in elkaar getimmerd. Volgens POV is er al veel belangstelling voor. De mengvoerbranche heeft via Nevedi geadviseerd over de regeling die alleen gericht is op het verlagen van de aanvoer van fosfor uit mengvoeders. Aanvoer uit enkelvoudige losse, natte of droge grondstoffen telt niet mee. Dat is gedaan om te voorkomen dat bepaalde bijproducten volledig uit de gratie zouden raken. Bovendien maakt het de controleerbaarheid en uitvoerbaarheid een stuk complexer. Overigens wordt de aanvoer van bijproducten wel geregistreerd. Dat moet voorkomen dat varkenshouders aanvullend voer kopen met een zeer laag fosforgehalte en dat compenseren met fosforrijke bijproducten. In de regeling is opgenomen dat een varkenshouder bij misbruik de vergoeding moet terugbetalen en een (kleine) boete krijgt ter grootte van 5% van het bedrag.Regeling beloont varkenshouders voor reductieMet de Regeling fosfaatreductie varkenshouderij wordt op vrijwillige basis 1 miljoen kilo minder fosfaat in varkensmest geproduceerd. De regeling is nog tot en met 26 juni open. Dat gebeurt door de aankoop van voer met een lager gehalte aan fosfor. Voor compensatie van kosten is bijna € 4 miljoen beschikbaar. Alleen de reductie van fosfor via mengvoer telt mee.
Bedrijven die voor de regeling in aanmerking willen komen, moeten minimaal 100 kilo fosfaat reduceren. De maximale reductie voor de vergoeding is 15%. Varkenshouders moeten bij de intekening aangeven hoeveel fosfaat ze denken te reduceren. Als minder dan 80% is gehaald, wordt de premie gehalveerd.
Binnen de regeling gelden twee tarieven voor de tegemoetkoming. Deze zijn gebaseerd op het niveau van bruto fosfor in het mengvoer in 2016. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen zeugen en vleesvarkens en het reductieniveau. Afhankelijk daarvan zijn de tarieven € 3,50 of € 4,50 per kilo fosfaatreductie.
Om de reductie eenduidig te berekenen, is er een rekentool in de maak. In de basis wordt de reductie berekend op basis van het gemiddelde fosfaatgehalte van het voer in 2016 en 2017. Het verschil (bijvoorbeeld 0,2 gram fosfor per kilo) wordt omgerekend naar de totale reductie in 2017 en via de omrekeningsfactor 2,29 van fosfor in voer naar fosfaat in mest.
Een bedrijf met 5.000 vleesvarkens kan bij een reductie van 0,2 gram per kilo een voordeel opschrijven van ruim € 2.500. Daar komen eventuele voordelen door lagere mestafzetkosten en verwerkingsplicht (VVO’s) nog bij.Regeling is eenmaligEen aantal partijen wilde graag een uitgebreider systeem waarbij ook het management van de varkenshouder verschil maakt. Zo zijn onder meer gezondheid, genetica, geslacht (beren, borgen, gelten), voeding en omstandigheden bepalend voor de voer- en fosfaatefficiëntie. In de regeling is daar echter niet voor gekozen. Dat komt omdat het een eenmalige regeling is, de wens om de regeling eenvoudig te maken en het draagvlak onder varkenshouders voldoende groot. Een lagere opname van voer heeft wel invloed op het totaalverbruik in 2017, in die zin zijn varkenshouders vrij om toch met bovengenoemde managementmaatregelen te sturen. Er is een rekentool in ontwikkeling waar voerfabrikanten met smacht op zitten te wachten om snel duidelijkheid te verschaffen op bedrijven.Fosforgehalte is gedaaldIn principe kunnen alle varkenshouders voor de regeling inschrijven. Het kost vooral wat administratie en niet geschoten is altijd mis. Naast de vergoeding per gereduceerde kilo fosfaat kunnen varkenshouders voordeel hebben doordat ze minder VVO’s hoeven aan te kopen. Bedrijven met eigen grond kunnen besparen op de mestafzetkosten. Ook kunnen afzetkosten omlaag als de mestafzetkosten afhankelijk zijn van de gehalten in de mest.Voerdeskundigen verwachten dat zonder grote ingrepen al een grote hoeveelheid fosfaat wordt gereduceerd. Dat komt omdat het gemiddelde fosforgehalte in 2017 een stuk lager ligt dan in 2016. Door een scherpe prijsdaling van soja hebben fabrikanten dat product meer kunnen inzetten. Juist soja pakt gunstig uit voor de verhouding bruto-/verteerbaar fosfor, in tegenstelling tot veel eiwitvervangers. Fabrikanten hebben het over enkele tienden van grammen fosfor per kilo voer. In dat licht is intekenen voor de regeling al snel interessant. Zonder actie te ondernemen kan immers al resultaat worden geboekt. Overigens brengen het CBS en Nevedi nog geen publiceerbare cijfers naar buiten over de gemiddelde voergehalten in 2016. POV rekent op voldoende deelname en reductie.Veel voerfabrikanten hebben het fosforgehalte verlaagd. Voor specifieke situaties zijn fosforarme voeders beschikbaar. - Foto: Bert JansenDe werkelijke reductie zal pas begin 2018 blijken. Fosforaanvoer reduceren is zeer bedrijfsspecifiek, geven voerfabrikanten aan. Afhankelijk van onder meer het voerpakket, voersysteem, technische resultaten en mestafzet wordt per bedrijf bekeken of en hoe ver het gehalte in het voer verder terug kan. Een aantal fabrikanten heeft daarvoor speciale fosforarme voeders in het pakket.Fabrikanten: fosforaanvoer kan omlaagVoerfabrikanten zien dit jaar al een lagere aanvoer van fosfor. Een aantal heeft speciale fosforarme voeders ter beschikking.
Klanten van ForFarmers hebben met het standaard voerpakket over de eerste 5 maanden gemiddeld al 7 tot 8% minder fosfor per kilo groeivoer aangevoerd ten opzichte van 2016. Volgens vleesvarkenspecialist Marc Kikkert is de spreiding binnen zijn klanten 3 tot 10% reductie over het hele pakket. Voor bedrijven die extra willen reduceren, heeft het bedrijf fosforarme voeders beschikbaar. Vanwege de verlaging in het standaardvoer verwacht Kikkert dat dat maar voor een beperkt aantal bedrijven nodig is. Om de situatie op bedrijfsniveau door te rekenen, heeft ForFarmers twee tools beschikbaar; een eenvoudige en een uitgebreide inclusief gevolgen voor de mestafzet.
Agrifirm heeft een aantal fosfaatarme voeders in het pakket en verwacht daarmee voor de nieuwe regeling uit de voeten te kunnen. Ruud Tijssens, directeur Corporate Affairs, geeft aan dat het fosforniveau over de hele linie de afgelopen jaren al is gedaald. Hij verwacht dat een verdere daling mogelijk is, maar dat het altijd bedrijfsafhankelijk is. Het bedrijf heeft een tool ontwikkeld om de gevolgen van de regeling op bedrijfsniveau in beeld te brengen. Tijssens benadrukt dat het gehalte aan verteerbaar fosfor niet ter discussie staat.
Voergroep Zuid gaat het huidige assortiment varkensvoeders aanvullen met fosforarme voeders. “Het gemiddelde fosforniveau in ons pakket is in 2016 al gezakt”, aldus teamleider Arno Bakkers. Hij verwacht dat een daling van enkele tienden gram fosfor per kilo voor een deel van de bedrijven wel mogelijk is.
Ook FransenGerrits heeft geen specifieke fosforarme voeders in het pakket. “De gehalten aan fosfor in ons gemiddelde pakket liggen al een stuk onder het gemiddelde”, aldus nutritionist Jan van Haperen. Het voerbedrijf gaat bij klanten die aan de regeling willen meedoen, kijken wat de mogelijkheden zijn. Dat wordt 100% maatwerk aangezien FransenGerrits geen standaard fosforarme voeders gaat maken. Het is volgens Van Haperen niet zeker dat dit voer duurder is. “Dat hangt af van de mogelijkheden op een bedrijf en waar we het voer gaan inzetten.”Meeste winst bij voeders vleesvarkensDe grootste winst is te behalen bij de voeders voor vleesvarkens. Binnen het assortiment kan dat vooral bij de afmestvoeders, aldus Peter Scheres, productmanager varkens bij Voergroep Zuid. Bij de zeugen liggen de mogelijkheden vooral bij dragende zeugenvoeders. Deskundigen zien dat het animo bij zeugenhouders beduidend lager is dan bij vleesvarkenshouders: de potentiële voordelen zijn geringer en ze willen geen risico’s lopen dat door aangepast voer de gezondheid of technische resultaten onder druk komen. “Met de huidige prijzen kunnen ondernemers meer verdienen door te zorgen dat alles optimaal draait”, aldus Scheres. Daarbij speelt mee dat de regeling alleen dit jaar van kracht is en dus geen sprake is van een structurele aanpassing van het voerregime.Minimum verteerbaar fosforVoerfabrikanten hebben een aantal mogelijkheden om het fosforgehalte te verlagen. Bruto fosfor bestaat uit een verteerbaar en een onverteerbaar deel. Door het onverteerbare deel te verminderen, kan het bruto gehalte omlaag. Het gehalte aan bruto en verteerbaar fosfor verschilt per grondstof. Grondstoffen met veel verteerbaar fosfaat zijn vaak luxer en duurder. Een voordeel is wel dat ze meestal extra eiwit en energie leveren. Een andere mogelijkheid is het verbeteren van de verteerbaarheid van het onverteerbare deel. Daarvoor hebben fabrikanten meerdere mogelijkheden, waaronder gebruik van het enzym fytase. Daarbij geldt een optimum: op een gegeven moment neemt de vertering niet of nauwelijks toe, maar wel de kosten. De derde mogelijkheid om de vertering te verbeteren is het toevoegen van specifieke zuren. Dat gebeurt vooral bij vochtrijke bijproducten, omdat de mogelijkheden bij droogvoer beperkt zijn.Voer met minder bruto fosfor mag niet ten koste gaan van de diergezondheid en technische resultaten. Daarom sturen fabrikanten op verteerbaar fosfor. - Foto: Hans PrinsenFabrikanten geven unaniem aan dat ze niet aan het minimumgehalte aan verteerbaar fosfor willen komen. Dat gehalte verlagen betekent dat varkens problemen met de gezondheid en het welzijn kunnen krijgen. Het kan ook ten koste gaan van de technische en dus de economische resultaten. Juist varkens met een hoge voerefficiëntie hebben meer verteerbaar fosfor nodig. Een verlaging van het fosforgehalte zal dus volledig moeten komen uit het opnemen van minder bruto fosfor.Een risicofactor hierbij is dat de werkelijke verteerbaarheid van fosfor niet bepaald, maar berekend wordt. Daarvoor waarschuwt Carel van Acht, eigenaar van V8voeradvies. “Bedrijven die te scherp gaan voeren, kunnen door de ondergrens zakken met grote gevolgen voor de gezondheid en de resultaten.” Volgens de diverse voerfabrikanten is door kennis van grondstoffen, voederwaardering en de juiste toepassing in de praktijk de kans op een gebrek aan (verteerbaar) fosfor niet groot.Op dit moment zijn de gevolgen van de maatregelen voor de mengvoerprijzen nog onzeker. De eerste stap in verlaging van bruto fosfor gaat relatief gemakkelijk en kost weinig extra. Bovendien hebben nutritionisten meerdere mogelijkheden om aan het voer te sleutelen. Ook tellen bij het bepalen van het prijsniveau van de diverse voeders binnen het assortiment commerciële argumenten. Gerekend vanuit de vergoeding mag de voerprijs met maximaal 8 cent per 100 kilo stijgen om per kilo voer 0,1 gram minder fosfor aan te voeren. Bij dat bedrag speelt een varkenshouder dus quitte.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









