Pionieren: piepklein en volgens alternatief concept

Laatst bijgewerkt:
Foto: Hans Prinsen

Foto: Hans Prinsen


Wil je reageren? Maak dan gratis een account aan!

In een uitdagende tijd boer worden vraagt om lef. Toch startten Joris ten Elsen en Julia ter Huurne recent op piepkleine schaal een biodynamisch bedrijf.De agrarische sector verkeert in rumoerige tijden. Veel nieuwkomers zijn er dan ook niet. Een zeldzaam voorbeeld van pioniers die daar op een bijzondere wijze invulling aan geven zijn Joris ten Elsen en Julia ter Huurne in het Overijsselse Buurse. Piepklein begonnen zij 5 jaar geleden met een halve hectare bos met wat kippen, eigenlijk hobbymatig. Door toenemende interesse voor hun producten hebben zij wat opgeschaald. Nu produceren ze biodynamisch, op 5 hectare (ha) met zo’n 2.000 vleeskippen, 230 leghennen en 20 Bonte Bentheimers, volgens richtlijnen van het Demeter-keurmerk. Hun kippen, zeugen en gelten lopen buiten in het open veld en in het bos, de kraamafdeling van de varkens in een aparte weide. Op een halve hectare worden vollegrondsgroenten en kruiden verbouwd. Het idee achter hun concept: balans in een natuurlijk systeem waarin alle product- en reststromen benut worden. Voederwallen moeten vanaf dit najaar het concept versterken, zodat meer voer van eigen erf komt. Lees verder onder de foto‘s. Joris ten Elsen (33) en Julia (36) ter Huurne van het biodynamisch bedrijf ‘Zuuver’ in Buurse (Ov.) Zij kiezen bewust voor een zo natuurlijk mogelijk productiesysteem op kleine schaal. - Foto's: Hans PrinsenBedrijfsgegevens2.000 vleeskippen
230 leghennen
20 bonte bentheimers
5 hectare pachtgrond
0,5 hectare groenten en kruiden
2 are aardappelen
65% veevoer van eigen erf
10 bijenkastenBewuste keuzeBoer worden is iets wat bij Ter Huurne begon uit passie voor de natuur. Julia: “Wij wilden eigenlijk helemaal geen boer worden. Toen ik hier 10 jaar geleden kwam te wonen, zag ik wat er met de grond gebeurde van sommige gangbare boeren. Gebruik van chemicaliën paste voor mij niet bij duurzaam bodembeheer.” Zodoende is Ter Huurne in 2015 – nadat haar vader 5 jaar gestopt was met boeren – begonnen op een deel van zijn grond, die zij nu van hem pachten.
De producten worden op eigen erf in de winkel verkocht. Onder andere eieren, varkens- en kippenvlees, honing en kruiden gaan hier over de toonbank.Een afhaalloket. Klanten kunnen hun bestelling – buiten openingstijden van de boerderijwinkel – met een code afhalen voor aan straat.EkoplazaDe producten worden op eigen erf, op streekmarkten en bij Ekoplaza verkocht. Ter Huurne merkt dat de animo voor streekproducten toeneemt, vooral in crisistijd. “Mensen zijn meer voedselbewust en worden enthousiast als je het verhaal over de productiewijze vertelt.” De ondernemers kunnen niet alle producten het hele jaar leveren. Kip is daarvan een voorbeeld. Ter Huurne fokt geen kuikens op in de winter omdat zij dat ‘onnatuurlijk’ vinden en vanwege stookkosten in de stal. “Ook groeit er dan buiten niets. Het voordeel is dat we de grond met rust kunnen laten en we minder veevoer nodig hebben”, aldus Joris. Dat hun manier van boeren speciaal is en vragen oproept bij collega‘s, weet Ter Huurne. “Ons concept op kleine schaal is uniek. Dat moet je willen en dat moet kunnen. Zo leggen we dat ook uit aan (gangbare) collega’s.”
Een akkerrand naast een perceel kruidenrijk grasland. Voederwallen moeten dit najaar voor afwisseling in de open structuren gaan zorgen.Het bedrijf van bovenaf.VoederwallenDe voederwallen gaan dienen als verbindingszones tussen bos en het open grasland. Dit zijn singels met bomen en struiken die vruchten, noten en een kruidenlaag bieden. Joris: “Wij geloven in de meerwaarde. Als de bomen eenmaal vrucht dragen, hoef je er naast wat onderhoud weinig meer aan te doen. Het past binnen de kringloopgedachte. Als de voederwallen volgroeid zijn, hoeven we minder veevoer aan te kopen.” Ook bieden de voederwallen dekking voor het vee tegen hitte en roofdieren.
Zo'n 20 bonte bentheimers vreten de restproducten en helpen bij de bestrijding van de coloradokeverlarven na een aardappelteelt.Vleeskippen bij het verplaatsbare voerhok. Om vertrapping te voorkomen wordt het hok regelmatig verplaatst.OpbrengstOndanks het bedrijf van minieme omvang is, kan Ter Huurne er een gezinsinkomen uit halen (1,2 fte). “Als je maar direct aan de consument verkoopt, heb je meer invloed op de prijs”, aldus Julia. Zo leveren eieren 38 cent per stuk op en worden de vleeskippen voor € 13,50 per kilo verkocht. Bovendien verdient Joris ‘een extraatje’ als docent bouwkunde, 2 dagen in de week. Aan de andere kant van de balans heeft Ter Huurne relatief weinig kosten. De boerderij en grond was al in familiebezit, al zijn er wel pachtkosten. Een groot machinepark is er niet, en meer dan de helft van het veevoer komt van eigen land. “Bijvoorbeeld uit de tuinderij, waar de kippen en varkens de restproducten vreten van de groentetuin.” De grootste kostenpost is de aankoop van veevoer. De struiken en bomen voor de voederwallen worden volledig gesubsidieerd. De kippen zijn overdag het meest te vinden in het bos. Voedselwallen gaan dit najaar dienen als verbindingszones tussen bos en open veld.Uitbreiden?Uitbreiden wil Ter Huurne voorlopig niet. Wet- en regelgeving, een hogere bodembelasting en de kosten spelen daarin een rol. Joris: “Als we meer dan 20 varkens nemen, moeten we vaker bloedtappen en moet de veearts vaker langskomen. Bij meer kippen krijgen we met pluimveerechten te maken.” Ter Huurne bemest zo’n 60 kilo stikstof per hectare. De rest komt van vlinderbloemigen die stikstof binden. Wel kopen zij wat extra compost aan voor de tuinderij.Meer grond kopen is wel een optie, vooral voor de overgangsfase tot de voederwallen vrucht dragen. “We willen het liefst onafhankelijk zijn van de veevoerleverancier. Dat is de grootste kostenpost.” In regio Twente is ter Huurne de enige boer die aan biodynamische landbouw doet. “Het idee van ‘geitenwollensokken types’ heerst enorm. Sommigen kunnen zich dat van ons als nuchtere Twentenaren niet voorstellen. Maar wij zien juist de voordelen van de natuurlijke balans en het hergebruiken van reststromen.”Julia aan het werk in de groentetuin. De reststromen dienen als veevoer, waaruit mest als waardevol product verkregen wordt.

Dit artikel is alleen voor abonnees

Al geabonneerd? 

Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement


Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen

Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen

Vorm je eigen mening met opinies en analyses


Bekijk aanbod

Snel delen


Dagelijkse nieuwsbrief


Reacties

Je bent niet ingelogd


Log in of maak binnen 30 seconden een account aan

Reageer op artikelen en deel je mening met anderen.