Percentage hanen: less is more

Starten met een lager percentage hanen dan de gangbare 9%, en dat verhogen in de tijd, geeft meer vrijwillige paringen, een betere bevedering en aan het eind een hogere bevruchting. Foto: Wageningen Livestock Research / Gea Hogeveen
Starten met een laag percentage hanen en dit verhogen in de tijd, leidt tot meer vrijwillige paringen, betere bevedering en hogere bevruchting op latere leeftijd. Dit blijkt uit onderzoek van Wageningen Livestock Research in een praktijkstal met vleeskuikenouderdieren.
Het paargedrag van vleeskuikenouderdieren gaat er vaak ruw aan toe. Uit eerdere observaties blijkt dat circa 90% van de paringen bij vleeskuikenouderdieren gedwongen is, wat leidt tot circa 50% mislukte paringen. Dat ruwe paargedrag geeft een verhoogde kans op beschadigingen aan veren en huid van de hennen en kan de hennen zodanig beïnvloeden, dat ze zich terugtrekken op het rooster en zich verschuilen in de nesten, met een negatief effect op de bevruchting tot gevolg. Uit een experiment in de jaren negentig in Amerika bleek dat een klein gedeelte (4%) van de hennen verantwoordelijk was voor ruim 40% van de onbevruchte broedeieren.
Verloop hanenpercentage
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









