NVWA: we zien tekortkomingen in naleving, dat moet beter

Laatst bijgewerkt:
Rob van Lint (NVWA) - Foto: Ton Kastermans

Rob van Lint (NVWA) - Foto: Ton Kastermans


Wil je reageren? Maak dan gratis een account aan!

De naleving van regels op het gebied van voedselveiligheid en dierenwelzijn in de pluimveevleesketen is onvoldoende, concludeert de NVWA. Inspecteur-generaal Rob van Lint spreekt van een zorgelijk beeld.De conclusies van de integrale risicoanalyse van de pluimveevleesketen door de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) liegen er niet om. Inspecteur-generaal Rob van Lint wil het rapport graag toelichten richting de sector. “De integrale risicoanalyses zijn voor ons een belangrijk instrument. Het is voor ons belangrijk om te weten waar de risico’s zitten en daarover in gesprek te gaan met alle partijen. Dit is een grote risicoanalyse, en er staan serieuze dingen.” Wat zijn aspecten die u heel graag zou willen duiden naar de sector toe?“De kern van deze risicoanalyse is dat we op twee grote thema’s, voedselveiligheid en dierenwelzijn, zien dat de naleving van regels onvoldoende is en dat risico’s die gelopen worden te groot zijn. Je ziet dat in de primaire sector, in het transport naar de slachterij, in het eerste deel van het slachtproces. Wat we vervolgens zien is dat als wij het toezicht intensiveren, dan zien we verbeteringen. Tegelijkertijd kan dat over de hele linie nooit de oplossing zijn, je lost dat niet op met ontzettend veel toezicht. Die regels moeten nageleefd worden door sectoren. Daarom is het van belang om de redenen voor niet-naleving boven tafel te krijgen, waarbij de opzet van het huidige productiesysteem nadrukkelijk aandacht behoeft. In het verlengde daarvan is het ontzettend belangrijk dat kwaliteitsborging in die keten zelf veel beter wordt en middels een privaat kwaliteitssysteem handen en voeten krijgt.Dat is voor ons reden om ook met de ketenpartijen in gesprek te willen gaan: wat zitten daar voor oorzaken onder en wat zou slimme instrumenten zijn om in te zetten zodat hier grote stappen vooruit gemaakt kunnen worden. Natuurlijk zullen we op basis hiervan ook ons toezicht verder toespitsen.”‘Het is ontzettend belangrijk dat kwaliteitsborging in de sector zelf veel beter wordt’Om dat gesprek aan te gaan met de sector, denkt u dat dit rapport daar de goede toon voor zet?“Ik denk dat dit rapport objectief weergeeft wat we zien. Daar staan een aantal pijnlijke dingen in waar niet iedereen blij van zal worden, maar dit is wel de waarheid zoals we die over een lange reeks van jaren zien. Dit is wat we open en bloot op tafel leggen. Daarvan kan iedereen kennis nemen en zijn eigen bevindingen naast zetten. Waarbij we ook aangeven oog te hebben dat dit een sector is die in een hoog competitieve markt opereert, op een wereldmarkt. De belangrijkste conclusies zijn al eerder in een presentatie gedeeld, en dinsdagochtend (27 maart, red.) hebben we bestuurlijk overleg gehad met de sectorpartijen om met hen te bespreken of zij bereid zijn om gezamenlijk het gesprek aan te gaan over wat hier achter zit en wat kan worden ingezet om verbetering in te zetten. Dat gaf een bemoedigende reactie. Dus ik verwacht alleszins dat die bereidheid er is om op basis van dit rapport het gesprek verder aan te gaan.” In het rapport zitten veel resultaten van oudere onderzoeken die al bekend waren maar nu zijn gebundeld. Vond u de conclusies alarmerend?“De algemene conclusie is dat ik het wel een zorgelijk beeld vind. Stuk voor stuk is er niet zo veel nieuws onder de zon. De kracht van dit rapport is dat alles bij elkaar gebracht is, vanuit een aantal perspectieven belicht is en objectief in kaart is gebracht. Als je dat op een rij zet, vind ik het wel een zorgelijk beeld. Ondanks alle waardering die ik ook heb voor inspanningen die bedrijven gepleegd hebben, en het feit dat ik zie dat bedrijven niet alleen aan deze regels moeten voldoen maar ook in een hoog concurrerende markt moeten opereren. Dat neemt niet weg dat men moet voldoen aan veelal die Europees vastgestelde regels. Dat is uiteindelijk ook in het exportbelang van bedrijven.” ‘De kracht van dit rapport is dat alles objectief in kaart is gebracht’Het rapport haalt verschillende inspecties aan van 2014 tot nu. Denkt u dat de risicoanalyse een representatief beeld geeft van de hele sector nu?“Ja, het geeft zeker een representatief beeld. Het zijn resultaten van heel veel inspecties over een lange reeks van jaren, aangevuld met beelden die we uit de dagelijkse toezichtspraktijk hebben, aangevuld met allerlei opsporingsonderzoeken die lopen. Bij elkaar liggen er heel veel gegevens onder. Dat laat onverlet dat sommige dingen echt niet op alle bedrijven spelen. Als je het hebt over welzijn in de primaire sector, dan zie je dat dat op 20% van de vleeskuikenbedrijven echt een serieus vraagstuk is. Je kunt dan ook zeggen: op 80% gaat het goed. Tegelijkertijd is 20% wel heel serieus, dan kun je het niet hebben over een rotte appel. Je ziet initiatieven om dat te verbeteren, maar de sector is aan zet om te borgen dat dat door de hele keten goed gebeurd.” Rob van Lint (NVWA) - Foto: Ton KastermansDaarvoor wijzen jullie met name op integrale private ketenborging als iets waarmee de sector aan de slag zou moeten. IKB Kip volstaat niet?“In IKB Kip zitten niet alle aspecten. Het is belangrijk dat je het systeem zodanig opzet dat alle relevante aspecten er inzitten, dat er echt kwaliteitsborging is door de hele keten heen en dat men elkaar daar ook op aanspreekt. Dat zien we nu veel te weinig gebeuren. Dat maakt het mogelijk dat we zien dat er fraudeonderzoeken zijn waar dingen gebeuren die echt niet kunnen. Dat het antibioticagebruik gedaald is, is het positieve nieuws. Maar tegelijkertijd zie je op bedrijven illegaal gebruik van antibiotica. Als dat een bedrijf is kun je het hebben over een rotte appel, maar we zien dat toch een hele groep daarmee in de fout lijkt te zitten.”Waar is op gebaseerd dat een hele groep in de fout lijkt te zitten? Naar 12 bedrijven is strafrechtelijk onderzoek gaande, daar moeten nog conclusies getrokken worden.“Het punt van strafrechtelijk onderzoek is natuurlijk dat je nooit zoveel kunt zeggen, maar we zien dat ook in andere onderzoeken. Ook uit andere onderzoeken van onze inlichtingendienst komt dat beeld naar voren. Het onderzoek met die verentest bevestigt dat. Wat we bijvoorbeeld zien in sommige onderzoeken is dat het niet gaat om één bedrijf, maar dat er een hele groep bedrijven omheen is waar de regels heel bewust worden overtreden. Dat is een bevestiging van dat zorgelijke beeld.”Wat kan de pluimveevleesketen concreet van de NVWA verwachten op handhavingsgebied?“We gaan in ieder geval op basis van wat we nu verzameld hebben dataregistratie beter gebruiken om te bepalen waar de grootste risico’s zitten en welke bedrijven we bezoeken. Naast slim gebruik van data zijn we bezig met het steeds meer openbaar maken van inspectiegegevens. Naleefmonitoren in roodvlees en pluimveevlees zullen komende maanden ook gevuld worden met gegevens van individuele bedrijven. We hopen dat het een prikkel is om naleving te verbeteren. En we zijn aan het kijken of we gebruik kunnen maken van camera’s in slachthuizen. Het meer openbaar maken van resultaten en ook bedrijfsnamen, betreft dat ook pluimveebedrijven?“Op de korte termijn hebben we die naleefmonitoren van slachterijen, die worden gevuld met bedrijfsgegevens en inspectieresultaten van slachthuizen. Op termijn gaan we toe naar een situatie waarin alle inspectiegegevens openbaar zijn voor zover dat volgens de wet mag.”Raakt dat bij pluimveebedrijven niet aan hun privacy?“Het is niet anders dan dat we ook inspectieresultaten van horecabedrijven in verschillende steden al publiceren. Maar er ligt nog een wereld aan vragen achter, het is een traject dat loopt tot 2022. De samenleving vraagt om steeds meer openheid en transparantie. Vervolgens moet je voldoen aan de wet persoonsgegevens en moet je je ook steeds bewust zijn: wie kan hier wat mee. Voor horeca is dat heel inzichtelijk, maar hoe relevant is het dat je weet dat jouw stukje kip van die ene pluimveehouder kwam.”Jullie wijzen bij voedselveiligheidsrisico’s op salmonella en campylobacter, en ook antibioticagebruik. Juist op die terreinen zijn de laatste jaren flinke stappen gezet. De campylobacterniveaus en het antibioticagebruik in de vleeskuikensector zijn beide fors gedaald sinds 2009 en de daling van salmonella op pluimveevlees constateren jullie zelf in het rapport. Staat het dan zo in het goede perspectief door neer te zetten dat dat een groot probleem is?“Ja want we onderkennen eerst wat er verbeterd is. Maar als je kijkt naar het antibioticagebruik wat is gedaald, zien we tegelijk illegaal gebruik in onze fraudesignalen. Je ziet discrepanties in registraties bij salmonella. We zien een aantal dingen op basis waarvan wij de conclusie trekken: blij met wat ten goede gekeerd is, maar het is echt nog niet goed op orde. Dat geldt voor antibiotica maar ook voor salmonella en campylobacter, er is een grote ziektelast ten gevolge van besmet pluimveevlees. In termen van voedselveiligheid volgen gelukkig zoveel mensen het advies van het voedingscentrum voor bewaren, voorkomen van kruiscontaminatie en bereiding. Eigenlijk wil je niet dat je zo afhankelijk bent van die handelingen van de consument. Tegelijk als de vraag is: kan ik veilig kippenvlees eten? Ja, als je de adviezen van het voedingscentrum in acht neemt zeker wel.” Geen advies om even geen kip meer te eten?“Precies, geen advies om geen kippenvlees te eten. Ik eet het met liefde vanavond of morgen gewoon weer. Maar de risico’s zijn er wel degelijk. En niet op basis van bureaustudies, die zien we in de praktijk. We zien tekortkomingen in de naleving, en dat moet echt beter.” ‘Ik eet met liefde vanavond of morgen gewoon weer kip’Hoe verwacht u dat de algemene media deze analyse gaan oppakken?“Dat is moeilijk te voorspellen. Ik ben geen uitgever van kranten, ik ben de baas van de NVWA. Ik kan alleen zeggen wat wat mij betreft de boodschap is. Die zou wat mij betreft niet alleen in Boerderij maar ook in NRC of Telegraaf moeten staan. De boodschap is: de NVWA heeft een gedegen rapport waaruit blijkt dat op het gebied van dierenwelzijn en voedselveiligheid de naleving nog fors tekort schiet en dat daar forse risico’s zitten. De NVWA kent ook heel goed die sector en weet dat die in een hoog competitieve markt zit. Gelet op wat wij zien nodig is dat hand aan de ploeg geslagen wordt en partijen de naleving beter gaan borgen. Het rapport is nadrukkelijk een oproep aan alle partijen om dit te bespreken en om ieder vanuit onze eigen verantwoordelijkheid actie te ondernemen. Ik denk dat als we dit allemaal serieus nemen, we ook de kans hebben om stappen te zetten.”

Dit artikel is alleen voor abonnees

Al geabonneerd? 

Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement


Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen

Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen

Vorm je eigen mening met opinies en analyses


Bekijk aanbod

Lees meer over


Snel delen


Pluimveenieuwsbrief


Reacties

Je bent niet ingelogd


Log in of maak binnen 30 seconden een account aan

Reageer op artikelen en deel je mening met anderen.