‘Markt betaalt nog niet voor kringlooplandbouw’

Foto: Koos Groenewold
De pas ingestelde Commissie-Maij moet voor minister Schouten in beeld brengen wat de verdienmodellen zijn voor kringlooplandbouw. Een zware opgave, volgens Joost de Jong.“De weg naar kringlooplandbouw zal alleen slagen als de boer de nodige investeringen kan opbrengen en terugverdienen, hij economisch gezond kan werken en een goed inkomen verdient”, schrijft de minister in haar persbericht over deze Commissie. Dat terugverdienen, betaald krijgen voor producten van de kringlooplandbouw, vraagt een schier onmogelijke marketinginspanning.De reacties op de commissie zijn verdeeld. LTO is verheugd omdat er nu aandacht is voor de vraag of boeren genoeg kunnen verdienen met kringlooplandbouw. CBL, de supermarktbranche, is sceptisch. “Het is de omgekeerde weg als de overheid zich met de markt gaat bemoeien”, was vorige maand het commentaar van Marc Jansen van CBL.Groenbemesters en organische mest inzetten voor kringlooplandbouw is nog niet voldoende om doelen te halen. Investeringen in kringlooplandbouw moeten allereerst in de markt terugverdiend worden, en dat lukt nu nog niet, zegt Joost de Jong. - Foto: Koos GroenewoldMet de huidige grote import van soja is het nog een lange weg naar het sluiten van kringlopen. Dat hangt samen met het huidige, vooral op export gerichte, Nederlandse landbouwmodel. Elementen van kringlooplandbouw, zoals meer gebruik van organische mest door akkerbouwers en groenbemesters, zullen bij duurdere kunstmest ongetwijfeld meer gaan plaatsvinden. Maar daarmee zijn we er nog niet.De markt betaalt nog nietInvesteringen in kringlooplandbouw moeten in de eerste plaats in de markt terugverdiend worden. De minister erkent het belang van de markt: “Boeren kunnen tot op zekere hoogte zelf hun veerkracht en positie op de markt verbeteren door ervoor te kiezen om een onderscheidend product te produceren, het aanbod meer te differentiëren, te produceren in een kortere keten of zich in te dekken tegen bepaalde risico’s.” Vertegenwoordigers uit de rest van de keten, zoals supermarkten, voedingsindustrie, handel en consumentenpartijen, ontbreken in de commissie. Om het nog maar niet te hebben over de buitenlandse consumenten. Het grootste deel van de landbouwproductie verdwijnt immers naar het buitenland. En dat is voorlopig niet bereid extra te betalen voor producten uit de Nederlandse kringlooplandbouw. Consumententrends laten zien dat er voor specifieke segmenten wel ruimte is. In Duitsland groeit de vraag naar regionaal, biologisch, gmo-vrij, antibioticavrij, gezond, et cetera. Men vreest voor het verdwijnen van het ‘level playing field’De buitenlandse consumenten overtuigen dat ze onze kringloopproducten moeten eten, is een marketinginspanning die schier onmogelijk is. Dat lukt mogelijk alleen als het is ingebed in een bredere kwaliteitsbenadering, zoals FrieslandCampina nu met topzuivel doet. Het maken van een onderscheidend product waar in de markt vraag naar is, is al een ‘hell of a job’, maar vervolgens zorgen voor een adequate verwaarding is met de huidige machtsverhoudingen in de keten lastig. Het gaat erom met nieuwe producten een marktmacht op te bouwen. Dat vereist samenwerking en gebruikmaken van de mogelijkheden die producentenorganisaties bieden. Voor de verwaarding van producten op een internationale markt is een marketing- en distributieapparaat nodig. Dat betekent dat de grote Nederlandse afzetcoöperaties overtuigd moeten raken van kringlooplandbouw en eisen moeten gaan stellen aan hun leveranciers. Dat kan leiden tot een onderscheidend product. De extra kwaliteit, de verwaarding in de keten, kan zorgen voor een nieuw verdienmodel. Maatschappelijke dienstenRLi, de Raad voor de Leefomgeving en infrastructuur, pleit voor een koppeling van duurzaamheidsschema’s uit de markt met het gebruik van de zogenoemde Ecoregelingen uit het nieuwe GLB. De Commissie-Maij zal dit advies ongetwijfeld omarmen. Dat betekent dat als vanuit de zuivelfabriek extra eisen worden gesteld, dat zoiets met GLB-gelden ondersteund zou kunnen worden. Maar hiervoor is het wel nodig dat in het nieuwe GLB voldoende geld voor die Ecoregelingen gereserveerd wordt. Dat zal leiden tot minder geld voor inkomenstoeslagen en dat stuit op bezwaren van boerenorganisaties en politieke partijen, omdat men vreest voor het verdwijnen van het ‘level playing field’. Volgens RLi is die angst ongegrond, omdat de inkomenstoeslagen in Nederland verreweg de hoogste van Europa zijn. Minister en Tweede Kamer moeten daarom het lef hebben om te laten zien dat ze kringlooplandbouw echt belangrijk vinden. Overigens zal de bijdrage van het GLB maar tot een beperkt verdienmodel kunnen leiden. De Commissie-Maij doet er daarom verstandig aan om samen met de grote afzetorganisaties en de retail te zoeken naar nieuwe verdienmodellen voor kringlooplandbouw. Suikerunie heeft al aangegeven de hele suikerbietenketen volledig circulair te willen maken. Ook andere spelers, zoals de Avebe, Vion en Nedato, moeten meedenken.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









