Link longontsteking en vee duidelijker

Laatst bijgewerkt:
Foto: ANP

Foto: ANP


Wil je reageren? Maak dan gratis een account aan!

Vervolgonderzoek naar het effect van veehouderij op de volksgezondheid herbevestigt dat er meer klachten aan luchtwegen zijn. Welke maatregelen veehouders kunnen nemen, is nog onduidelijk.Het verband tussen pluimvee- en geitenbedrijven en een verhoogd aantal longontstekingen is met het vervolgonderzoek op het gebied van veehouderij en gezondheid omwonenden (VGO) nog duidelijker aangetoond. De effecten die eerder werden gevonden, worden opnieuw gevonden, maar nu over een reeks van jaren. Onderzoeker Dick Heederik zegt dat dit een heel sterk argument is dat er daadwerkelijk verbanden zijn tussen de veehouderij en de volksgezondheid. Duidelijk effecten op luchtwegen“Er zijn duidelijk effecten op de luchtwegen te verwachten van uitstoot van veehouderijbedrijven. Met name de luchtkwaliteit is heel belangrijk. Maar we zullen komende jaren verder onderzoek moeten doen om naar heel specifieke oorzaken te kijken”, zegt Heederik. Het VGO-onderzoek werd uitgevoerd in Oost-Brabant en Noord-Limburg. Gegevens van huisartsen van 110.000 patiënten uit de betreffende plattelandsgemeenten zijn geanalyseerd, 15.000 mensen vulden een vragenlijst in en ongeveer 2.500 mensen namen deel aan een medisch onderzoek waarbij ook bloed, ontlasting en de longfunctie werden onderzocht. Daarnaast is gekeken naar de luchtkwaliteit in het onderzoeksgebied. Daarbij is op meerdere momenten in het jaar gekeken naar de concentratie fijn stof en de aanwezigheid van bio-aerosolen. Dat zijn deeltjes in de lucht die afkomstig zijn van levende organismen zoals dode of levende virussen, of delen van planten of dieren. Deze concentratie werd ook rondom veehouderijbedrijven bepaald.Meer longontsteking rond pluimvee en geitenAl bij het eerste onderzoek in 2011 naar de Intensieve Veehouderij en Volksgezondheid (IVG) bleek dat in het onderzoeksgebied meer longontstekingen voorkomen dan in andere landelijke gebieden. Daarbij is bovendien gebleken dat in een straal van 1 kilometer rondom pluimveebedrijven een licht verhoogde kans op longontsteking is. Deze bevindingen zijn in het tweede en derde onderzoek opnieuw bevestigd. Doordat er nu onderzoek is gedaan naar meerdere jaren, zijn de conclusies ook met meer zekerheid te trekken. Het aantal longontstekingen dat in verband wordt gebracht met pluimveebedrijven is wel naar beneden bijgesteld. 7,2% van de longontstekingen bij de onderzochte groep mensen houdt verband met pluimveebedrijven, 5,4% met geitenbedrijven. Ofwel: door pluimveebedrijven zijn er ongeveer 119 extra gevallen van longontsteking op 100.000 inwoners, door geitenbedrijven zijn dit er 89. Verhoogde blootstelling aan fijn stof en endotoxinenDe oorzaak in de omgeving van pluimvee lijkt de verhoogde blootstelling aan fijn stof en endotoxinen. Wat de oorzaak van de extra longontstekingen rondom geitenbedrijven is, is onduidelijk. Een verband met Q-koorts is er niet. De mensen met longontsteking hadden niet vaker antistoffen tegen Q-koorts dan de mensen zonder longontsteking. Het zouden specifieke ziekteverwekkers afkomstig van geiten kunnen zijn, maar ook micro-organismen uit de mest zouden een rol kunnen spelen. Ook kan het zijn dat mensen gevoeliger zijn voor longontsteking door de blootstelling van fijn stof en endotoxinen uit de geitenhouderij, al stoten geitenbedrijven weinig fijn stof uit. Rondom nertsen-, rundvee-, schapen- en varkensbedrijven werd geen verhoogd aantal longontstekingen gevonden. Lees ook: Van Dam: uitstoot fijn stof pluimveesector halveren in tien jaarLuchtkwaliteit rond bedrijvenIn de aanvullende studie is ook gekeken naar de verspreiding van fijn stof, endotoxinen, micro-organismen en allergenen in de lucht rondom veehouderijbedrijven. Bij het luchtonderzoek blijkt dat er verschillende stoffen goed te meten zijn, zoals fijn stof, endotoxinen, Staphylococcus spp, Campylobacter jejuni, diverse resistentiegenen en allergenen afkomstig van runderen. De E coli-bacterie en Staphylococcus aureus, Campylobacter coi en Q-koortsbacterie Coxiella burnetii blijken in lage concentraties voor te komen in de lucht op het Oost-Brabantse en Noord-Limburgse platteland. Om het risico hiervan in te kunnen schatten, is het van belang om te weten of de ziektekiemen dood of levend zijn. Alleen levende organismen kunnen namelijk infecties veroorzaken. In deze studie is hier niet naar gekeken. Meer endotoxinen in de luchtUit de metingen blijkt dat er dichtbij veehouderijbedrijven meer endotoxinen in de lucht zitten dan op grote afstand. Ook in gebieden met veel bedrijven bij elkaar of met meer dieren bij elkaar, zitten meer endotoxinen in de lucht. “Naast veehouderijen met hoge uitstoot van endotoxinen, zoals pluimvee- en varkensbedrijven, lijken ook veehouderijen met lage uitstoot substantieel bij te dragen aan de waargenomen concentraties endotoxinen”, concluderen de onderzoekers. Uit het onderzoek naar E coli en Staphylococcus spp rondom pluimvee- en varkensbedrijven blijkt dat bij pluimveebedrijven op 200 meter afstand de concentratie nog steeds verhoogd is. Bij vleesvarkenstallen is de concentratie na 25 meter al op achtergrondniveau. Mogelijk sprake van piekbelastingenVoor het voorkomen van fijn stof in de lucht is dit beeld minder duidelijk. Dat komt waarschijnlijk doordat de achtergrondconcentratie fijn stof in het gebied hoog is, door de uitstoot van fijn stof door industrie en verkeer.Over het effect van bedrijfsmanagement en stalsystemen op de uitstoot van endotoxinen en micro-organismen is nog weinig bekend. Ook is nog weinig bekend over de variatie van de uitstoot gedurende de dag, het seizoen en de productiecyclus. Hier is volgens de onderzoekers verder onderzoek nodig. Mogelijk is er sprake van piekbelastingen. Volgens het onderzoek zijn er aanwijzingen dat juist piekconcentraties leiden tot luchtwegproblemen. Maatregelen nemen lastigHoewel er een duidelijke relatie is tussen het aantal longontstekingen en de geitenhouderij, kunnen geitenhouders eigenlijk geen maatregelen nemen. “We weten de oorzaak namelijk niet. Fijn stof of een specifieke bacterie is onwaarschijnlijk. Mogelijk heeft het te maken met de verplichte mestopslag van 30 dagen, maar dat weten we ook niet. Eerst moet de bron duidelijk zijn, voor we gericht maatregelen kunnen nemen”, zegt Jeannette van de Ven, voorzitter van de LTO-vakgroep melkgeitenhouderij en portefeuillehouder diergezondheid. De pluimveehouderij is al bezig met het verminderen van uitstoot van fijn stof en voor andere veehouderijsectoren pakt het rapport relatief gunstig uit. “Maar ook hier geldt dat alle sectoren, ook bij kleine bedrijven, endotoxinen uitstoten. Alles bij elkaar zorgt dat ook voor een hoge concentratie. We moeten met de veehouderij toe naar een werkwijze waarbij we niet gaan voor end of pipe-oplossingen, maar voor gezondere dieren in een gezondere omgeving. Dat is ook beter voor het personeel en daarmee moet je ook betere resultaten kunnen draaien”, aldus Van de Ven.

Dit artikel is alleen voor abonnees

Al geabonneerd? 

Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement


Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen

Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen

Vorm je eigen mening met opinies en analyses


Bekijk aanbod

Snel delen


Dagelijkse nieuwsbrief


Reacties

Je bent niet ingelogd


Log in of maak binnen 30 seconden een account aan

Reageer op artikelen en deel je mening met anderen.