Kalm aan met afbouw steun

"De directe betalingen aan de landbouw komen voort uit het verleden. De maatschappelijke legitimiteit hiervan is verloren gegaan." Dat stelt de Raad voor de Leefomgeving (RLI) in een brief aan de regering.Ze wil dat Nederland zo snel als binnen de Europese afspraken mogelijk is, subsidiegelden overhevelt van inkomens- naar plattelandssteun. Daarbij gaat de RLI aan een paar belangrijke dingen voorbij. Ten eerste zijn de toeslagen nog altijd een belangrijk deel van het inkomen van met name akkerbouwers en vleesveehouders - ondanks prijsstijgingen. Niet iets om te bagatelliseren, dus. Ten tweede gaat het nog altijd om veel geld. Het wordt wel minder, maar zelfs in 2020 is er nog 730 miljoen euro beschikbaar. Wat daarna gebeurt is koffiedikkijken. Wie nu al stelt dat het dan wel afgelopen zal zijn, loopt te hard van stapel.Er is nog iets. De voorgestelde 15 procent besparing op inkomenssteun zou geïnvesteerd moeten worden in nobele, maar ook vage zaken als cohesie van het platteland, integratie van ketens en ecosystemen. Ervaring met plattelandsgelden leert dat dit niet altijd heel effectief besteed geld is. Nog een reden om niet sneller dan nodig is aan die overheveling te beginnen.Tot slot leert ervaring dat Nederland beter niet uit de pas kan lopen met belangrijke landen als Frankrijk en Duitsland. Dat kan nadelig zijn voor de concurrentiepositie. Kalm aan dus een beetje met die afbouw van de steun.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









